partij
sp.a Nationaal
Grasmarkt 105/37
1000 Brussel [plan]
Als u op zoek bent naar de contactgegevens van de provinciale secretariaten, klik dan hieronder op 'meer'.
meerde wereld rondom u uit ons programma
We gaan van een kritiekloos internationaal volgerschap naar een ethisch, Europees buitenlands beleid.
(Federaal kiesprogramma, 2010)
buitenlands beleid en defensie
Onze prioriteit ligt bij opdrachten waar we als klein leger bewezen degelijkheid in hebben, en operaties onder VN- of EU-leiding. Op die manier kunnen we solidair zijn met onze internationale partners en de lokale bevolking. We behouden een ambitieniveau van 1.200 militairen in buitenlandse operaties.
Civiel-militaire samenwerkingsprojecten en duurzame humanitaire opdrachten die niet door NGO’s kunnen vervuld worden, zien we niet als minderwaardige opdrachten voor het leger. We sluiten gevechtsoperaties niet uit, maar enkel onder VN-mandaat en met duidelijke afspraken, zoals een concrete einddatum en gewenst eindresultaat.
Het parlement moet beslissen over deelname aan en verlenging van buitenlandse operaties.
hoe helpen we Congo op de juiste weg?
We gebruiken onze financiële en politieke hefbomen in Congo om tegelijk ontwikkelingssteun te leveren en goed democratisch bestuur en vooruitgang te stimuleren. De bilaterale ontwikkelingshulp koppelen we aan concrete en meetbare resultaatsverbintenissen op vlak van democratisch bestuur, naleving van de mensenrechten en corruptiebestrijding.
Er is vooruitgang nodig op vlak van democratisering en transparantie van het Congolese bestuur vooraleer we beslissen over extra hulp en schuldkwijtschelding. We ondernemen meer diplomatieke initiatieven opdat oorlogsmisdadigers correct bestraft worden conform het internationale recht.
We investeren in Congolese middenveldorganisaties, die lokale wantoestanden aan het licht brengen en samen een democratische tegenkracht vormen. Ons land moet blijven investeren in mechanismen waardoor de opbrengst van natuurlijk rijkdommen ten goede komt aan de lokale bevolking. We vragen op Europees en internationaal vlak blijvend aandacht voor de schrijnende situatie van de Congolese bevolking en de noodzaak van een gecoördineerde strategie.
hoe werken we aan een kernwapenvrije wereld?
In de onderhandelingen over een nieuw strategisch concept van de NAVO vraagt sp.a een fundamentele herziening van de nucleaire strategie. Met als uitdrukkelijke doelstellingen non proliferatie, ontwapening en het uiteindelijk schrappen van elke rol voor kernwapens. We pleiten voor de terugtrekking van de tactische kernwapens van het Europese grondgebeid. Naar het voorbeeld van Duitsland willen we de terugtrekking van de in België gestationeerde kernwapens opnemen in het regeerakkoord.
We ontwikkelen een strategie voor de Belgische bijdrage op internationale fora. Ons land zet hierbij in op een vooruitstrevend tijdschema naar een kernwapenvrije wereld, de opvolging van de VN-conferentie over ontwapening en de herzieningsconferentie van het non-proliferatieverdrag, het streven naar kernwapenvrije zones en in het bijzonder in het Midden-Oosten, het verbeteren van de veiligheid van nucleair materiaal en de versterking van de rol van het Internationaal Atoomenergie Agentschap.
Op de herzieningsconferentie van het statuut van het Internationaal Strafhof steunen we het voorstel om het gebruik van kernwapens in te schrijven als oorlogsmisdaden.
globalisering en ontwikkelingssamenwerking
Sociaaldemocraten zijn per definitie zorgzame internationalisten. We durven dromen van een wereldwijde herverdeling die iedereen op duurzame wijze laat mee genieten van de rijkdommen van de wereld. Daarom verwerpen we een louter economische globalisering. Wereldwijde handel kan de armoede misschien doen dalen, maar enkel als we handel inbedden in een ambitieus sociaal en ecologisch kader. Basisgoederen als water, elektriciteit, voedsel en zo meer kunnen we niet aan de markt overlaten.
waarom meer geld voor ontwikkelingssamenwerking?
Er zijn meer middelen nodig voor ontwikkelingssamenwerking. België moet daarom tegen 2011 minstens de beloofde 0,7 procent van het Bruto Binnenland Product aan ontwikkelingssamenwerking besteden. Daarna moeten we de ambitie hebben om te behoren tot de kopgroep van de 1 procent besteders.
Die extra middelen kunnen we vinden door het Belgische leger verder te laten specialiseren, zodat er geld en mensen vrijkomen. Die middelen kunnen naar ontwikkelingssamenwerking gaan. Het budget van ontwikkelingssamenwerking moet in elk geval groter worden dan dat van defensie.
Internationale veiligheid is beter gediend met sociaaleconomische ontwikkeling dan met militaire aankopen. Migratiestromen, terrorisme, burgeroorlogen, telkens weer vormen armoede en onderontwikkeling een vruchtbare voedingsbodem voor wereldwijde ellende.
waar willen we heen met ontwikkelingssamenwerking?
Als minimale doelstelling voor onze ontwikkelingsinspanningen moeten we de Millenniumdoelstellingen hanteren. Meer bepaald:
- Het uitbannen van extreme armoede en honger.
- Universeel basisonderwijs.
- Gelijke kansen voor mannen en vrouwen en empowerment van vrouwen.
- Het verminderen van kindersterfte.
- Het verbeteren van de gezondheid van moeders.
- Het bestrijden van HIV/aids, malaria en andere ziekten.
- Duurzaamheid van het milieu waarborgen.
- Een mondiaal partnerschap voor ontwikkeling.
Deze acht doelstellingen willen we aanvullen met een negende doelstelling: waardig werk voor iedereen. Alleen dat garandeert op termijn de economische verzelfstandiging van ontwikkelingslanden.
moeten we ontwikkelingslanden anders benaderen?
Het is vandaag nodig om een systeem van positieve discriminatie van ontwikkelingslanden uit te werken. Dat betekent bijvoorbeeld dat ontwikkelingslanden kwetsbare delen van hun markten langer kunnen afschermen. Zelfs als dat aan rijkere landen verboden is. De onderhandelingen over de Europese Partnerschap Akkoorden (EPA's) tussen de EU en haar vroegere kolonies druisen tegen dit principe in. De EU eist de vrije toegang tot de markten in het Zuiden in ruil voor de openstelling van de Europese markt. Maar dikwijls zijn deze landen niet klaar voor concurrentie met het Noorden.
moeten bedrijven hiervoor meer aandacht hebben?
Wij vinden van wel. Bedrijven zouden in de toekomst, alvorens toegang te krijgen tot de beurs, niet alleen aan strikte boekhoudnormen maar ook aan voldoende ambitieuze sociale en milieunormen moeten beantwoorden. Delokalisatie (bedrijven die zich elders gaan vestigen, omwille van goedkopere arbeidskrachten) kan voor ons pas als dat gepaard gaat met een sociaal plan dat ondermeer voorziet in vervangende tewerkstelling via bijvoorbeeld outplacement.
moet de consument hiervoor meer aandacht hebben?
De consument kan kiezen voor eerlijke handelsproducten, de zogenaamde Fair Trade producten. In deze context moeten echte Fair Trade producten, omwille van hun sociale en ecologische meerwaarde, een wettelijke bescherming, een technische begeleiding en een financiële en publicitaire ondersteuning krijgen. Ook in overheidsaanbestedingen moeten Fair Trade producten een voorkeurbehandeling krijgen.
We moeten de consument bewust maken van zijn macht om bedrijven, die enkel hun winst willen vergroten via slechte arbeidsomstandigheden en lage lonen, ter verantwoording te roepen. We beginnen waar we de beste hefboom hebben. Bij de Belgische bedrijven die in het buitenland actief zijn. En de consument kan ook solidariteit tonen via acties zoals 11.11.11,…
hoe kijken we aan tegen de Verenigde Naties?
De Verenigde Naties (VN) zijn bij uitstek de organisatie om mondiale problemen aan te pakken. De VN vormen echter geen wereldregering. Het is een optelsom van nationale staten en regio's. We verwachten van het bestuur van de VN hetzelfde als van een bestuur op nationaal vlak. Beslissingen moeten legitiem zijn.
Goed bestuur betekent ook zorgen voor stabiliteit en veiligheid. Enkel de Veiligheidsraad van de VN is bevoegd om zich uit te spreken over militaire acties. De samenstelling ervan is daarom van het grootste belang. Naast staten moeten ook regio’s een rol kunnen spelen in het beheer van de wereld. Bijvoorbeeld de EU, maar ook regionale organisaties uit Afrika, Azië en Latijns–Amerika. Een democratische stemprocedure moet het stelselmatige gebruik van het veto binnen de Veiligheidsraad aan banden leggen. Leden die resoluties keer op keer naast zich neerleggen, kunnen onder geen beding roterend lid worden van deze Veiligheidsraad.
De VN is ook de plaats bij uitstek om respect voor mensenrechten af te dwingen. De VN-mensenrechtenraad moet uitgroeien tot een permanent orgaan met een ruim mandaat, op hetzelfde niveau als de Veiligheidsraad. Preventie en nazorg van gewapende conflicten verdienen bijzondere aandacht. Een slagvaardige VN-Commissie voor Vredesopbouw is een noodzaak. Een internationaal wapenverdrag moet een einde maken aan illegale en onverantwoorde wapenhandel.
wat met het IMF, de Wereldbank of de WHO?
Het is onaanvaardbaar dat de Wereldhandelsorganisatie (WHO) haar beslissingen met sancties bij de nationale staten kan doordrukken. En dat terwijl de Internationale Arbeidsorganisatie of het Milieuprogramma van de VN als volwaardige dochters van de VN het moet stellen met zachte aanbevelingen. Een gelijke macht voor de drie instellingen vormt nochtans de garantie voor het verzekeren van menswaardig en zeker werk en een gezonde leefomgeving voor iedereen. Het opnemen van waardig werk als negende Millenniumdoelstelling van de VN vormt onze eis.
We willen de huidige economische en sociale raad binnen de VN omvormen tot een Economische, Sociale en Ecologische Veiligheidsraad. Deze zal afdwingbare resoluties kunnen stemmen en sancties kunnen opleggen. Ook de Wereldbank moet haar programma’s nog meer richten op armoedebestrijding. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) op zijn beurt moet terugkeren naar zijn oorspronkelijke taak: de bescherming van de nationale of regionale munten tegen te zware koersschommelingen.
europa
De Europese Unie is te afwezig in de financiële en economische crisis. Europa is nog steeds teveel een vrije markt en te weinig een sterke overheid. Van een middel om monopolies te bestrijden en de welvaart te vergroten, is concurrentie geëvolueerd tot een heilig doel. Voor ons mag de interne markt van goederen, diensten en kapitalen niet voorgaan op sociale afspraken en milieuafspraken.
Voor sp.a is de Europese Unie dan ook een noodzakelijk beleids- en actieniveau in deze geglobaliseerde wereld. We kunnen de banken enkel onder controle brengen door Europese regels en we kunnen de tewerkstelling in onze Europese industrie enkel behouden door Europese samenwerking. We kunnen enkel tegenwicht bieden aan de VS, China en Rusland door een sterke Unie. Europa maakt landen sterker om voorstellen te formuleren voor globale problemen met een lokale impact. Europese integratie is dus een goede zaak.
Maar Europa zit met een zware constructiefout. Alles wat met geld, goederen en diensten te maken heeft, wordt beslist bij meerderheid. Al de rest wordt bij unanimiteit besloten. Dat is een recept voor mislukking, aangezien er in de Europese club steeds wel één lid is dat niet wil weten van sociale rechten of bescherming.
Europa is een onontbeerlijk beleidsniveau om ons sociaal model te versterken. Maar dan kan het niet uitsluitend gaan over groei, jobs en competitiviteit. Het moet eerst en vooral gaan over sociale samenhang, over de sociale en ecologische verantwoordelijkheid van ondernemingen, over ons sociaal model en over herverdeling. Ook in het Europese beleid moet de economie ten dienste staan van mens en samenleving. Duurzame economische groei, volledige tewerkstelling en uitroeiing van de armoede moeten de kern uitmaken van het Europese sociale en economische beleid.
hoe staan we tegenover de uitbreiding van Europa?
We moeten terugkeren naar de grondslagen van het Europese project. De Europese leiders hebben 50 jaar geleden de Europese Gemeenschap opgericht om sociale en politieke catastrofes zoals in de jaren dertig onmogelijk te maken. Onder meer door meer sociale bescherming.
We moeten durven toegeven dat er grenzen zijn aan de Europese Unie. We kunnen niet zomaar kandidaat-lidstaten toelaten voor we er politiek, institutioneel en financieel klaar voor zijn. Aan elke nieuwkomer moeten we de politieke en sociaal-economische meerwaarde kunnen bieden die wij nu al genieten.
hoe moet het Europese veiligheidsbeleid eruitzien?
Europa moet een voorloper zijn in de bevordering van vrede en duurzame sociale en economische ontwikkeling wereldwijd. Europa is al een actieve globale speler, maar heeft nog steeds te weinig impact. Om een duurzame toekomst mee vorm te kunnen geven heeft Europa nood aan een meer krachtige en eensgezinde stem in de wereld. Indien we geen inspanning ter zake leveren, zullen huidige en opkomende grootmachten Europa als steeds minder relevant beschouwen. Met de nodige politieke wil heeft Europa de mogelijkheid om een positieve rol te spelen in de wereld.
Het wordt tijd om echt werk te maken van een volwaardig Europees veiligheids- en defensiebeleid. De Europese veiligheidsstrategie van 2003 is een goed basisdocument. Het komt er op aan om de inhoud ervan verder uit te werken in concrete projecten en programma’s. We pleiten ervoor om strategische plannen op te maken vanuit een Europees perspectief. Gezamenlijke programma’s kunnen lacunes of dubbel gebruik wegwerken en schaalvergroting en taakverdeling op elkaar afstemmen.
hoe zien we de verhouding met de NAVO?
De ontwikkeling van een autonoom en geloofwaardig Europees veiligheids- en defensiebeleid is voor ons belangrijk. Wij willen niet dat de NAVO een instrument voor wereldwijde Amerikaanse interventies wordt. De omvorming van de NAVO tot een internationale brandweer onder Amerikaanse leiding is onaanvaardbaar. De NAVO moet uitgroeien tot een samenwerkingsverband waarbinnen de EU als één geheel optreedt, samen met de anderen.
We verzetten ons tegen doctrines die het recht op preventieve oorlogsvoering waarborgen of een nieuwe kernwapenwedloop dreigen uit te lokken. We zijn en blijven tegenstander van nucleaire wapens en willen dat de Amerikaanse tactische atoomwapens van het Europese grondgebied verdwijnen. We moeten een efficiënte Europese diplomatieke dienst opbouwen, met een Europees ministerie van Buitenlandse Zaken en Europese ambassades.
moet er één Europees leger komen?
De legers van de lidstaten willen we samenvoegen en efficiënter maken. Ook conflictbeheersing beheren we beter op Europees niveau. Zo moet de EU werk maken van een civiele interventiemacht met politiemensen, juristen, academici, artsen en andere deskundigen die aan samenlevingsopbouw kunnen werken. Omdat het geen zin heeft dat elk van de EU-lidstaten op termijn nog een eigen leger in stand houdt, moeten we het Belgische leger volledig integreren in een Europees leger. Het is bovendien de bedoeling om de budgettaire marge, die we bij defensie boeken, te besteden aan ontwikkelingssamenwerking. Meerbepaald aan het voorkomen van conflicten.
We zijn niet blind voor de gevolgen voor het Belgische leger. Ook ons leger zullen we (verder) moeten herstructureren. We kiezen voor een meer gespecialiseerd, beter uitgerust en beter werkend leger, gespecialiseerd in vredeshandhaving en in opdrachten die we goed aankunnen. Voor het personeel willen we een goed sociaal plan uitwerken. Met het gemengde loopbaanstatuut, zullen we mensen sneller kunnen overplaatsen naar de ambtenarij, andere overheidsdiensten of de privé-sector.
Als Europa na de gemeenschappelijke munt ook kiest voor een gemeenschappelijk leger, heeft dat gevolgen. Dan moeten we ook de democratische controle op dat beleid organiseren, zodat het geen exclusieve aangelegenheid is van de grote landen.
moet Turkije lid worden van de EU?
sp.a is voorstander van de onderhandelingsgesprekken met kandidaat lidstaat Turkije. Het perspectief van lidmaatschap is de motor voor het hervormingsproces naar een moderne democratische staat. Turkije is meer dan 50 jaar lid van de NAVO en heeft een belangrijke en centrale geopolitieke positie. Uiteindelijke toetreding kan enkel als er voldaan is aan de criteria van Kopenhagen. En als zowel de Unie als de kandidaat-lidstaat hier politiek, institutioneel en financieel klaar voor zijn. We hechten bijzonder belang aan het respect voor de minderheden. Voor Turkije gelden dezelfde voorwaarden en principes als voor alle andere landen die toegetreden zijn. Turkije zal op zijn eigen verdiensten en inspanningen beoordeeld worden. Maar daartegenover moet Europa zich ook houden aan zijn woord tegenover Turkije. Turkije is een kandidaat-lidstaat, dus kandidaat op toe te treden tot de EU. Op basis van het onderhandelingskader, de criteria en voorwaarden die vooropgesteld zijn en de jaarlijkse rapportage door de Europese Commissie gaan we er van uit dat de Unie niet over 1 nacht ijs zal gaan. Bovendien is iedereen er zich bewust van dat de uiteindelijke toetreding voldoende steun zal moeten genieten, zowel binnen de lidstaten als binnen Turkije zelf.
wat vinden we van het klimaatbeleid van de EU?
We moeten op alle domeinen actie ondernemen om de Europese klimaatdoelstellingen (30 procent reductie van de uitstoot van broeikasgassen tegen 2020, 20 procent als andere industrieblokken niet meewillen) te halen. De lidstaten moeten uiteraard de afgesproken lasten op zich nemen, maar het is ook belangrijk dat Europa zelf op heel wat terreinen initiatieven neemt door het uitvaardigen van richtlijnen, het investeren in grensoverstijgende samenwerking, het verduurzamen van haar eigen politieke activiteiten, etc.
Een hoeksteen van het Europees klimaatbeleid is het emissiehandelsysteem, waar grote bedrijven aan moeten deelnemen. De opbrengsten van de verplichte veiling van emissierechten moeten in belangrijke mate worden gebruikt om klimaatmaatregelen te nemen en om ontwikkelingslanden te ondersteunen bij hun klimaatbeleid. Wanneer er een goed beleid op vlak van emissiehandel is, zullen we ook geen discussies meer voeren over bijvoorbeeld nieuwe steenkoolcentrales. Die prijzen zichzelf dan uit de markt.
Europa heeft ons in het verleden erg vooruit geholpen op vlak van productnormen en -labels. De EU moet een voorlopersbeleid ontwikkelen voor energienormen, waarbij de meest energiezuinige technologie na verloop van tijd de norm wordt, waar de anderen aan moeten voldoen. Daarom zijn ook verder gaande normen nodig voor bijvoorbeeld nieuwe wagens, verlichting, airco’s, standby lampjes, …


actieplatformmijn sp.a

