De Vlaamse regering maakt 100.000 euro vrij voor de logistieke verdeling van noodhulpmiddelen in Aleppo door het Rode Kruis. Dat heeft minister-president Geert Bourgeois dinsdag in het Vlaams Parlement geantwoord op een vraag van Güler Turan (sp.a). “De ravage in Aleppo is immens en het had natuurlijk meer mogen zijn, maar ik ben de minister-president dankbaar”, zegt Güler Turan.

Het Rode Kruis werkt nauw samen met zijn lokale afdeling, de Syrische Halve Maan. Zij hebben dringend middelen nodig om de logistieke verdeling van hulpmiddelen op het terrein te kunnen doen. De Syrische Halve Maan doet als enige frontlijnoperaties, waardoor ze de meest kwetsbare mensen op het terrein kan helpen.

De evacuatie van 36.000 mensen uit Oost-Aleppo naar Idlib en de rurale omgeving van Aleppo werd op 22 december afgerond, maar er zouden nog ongeveer 90.000 mensen in de stad verblijven. De ravage in de stad is enorm, de ellende bijzonder groot. Er zijn overal ruïnes, brokstukken en oorlogsmunitie tekenen het landschap. Heel wat gebouwen zijn niet stabiel en er zouden nog verschillende mijnenvelden zijn.

 “Ik hoop dat er nu een einde komt aan het bloedvergieten, maar daarmee is de humanitaire ramp nog lang niet voorbij. De wederopbouw moet dan nog beginnen, vluchtelingen moeten terug naar huis kunnen keren. Het is belangrijk dat Vlaanderen inspanning blijft leveren”, zegt Güler Turan.

U kan het verslag van de vraag van Güler Turan in de commissie buitenlandse aangelegenheden hier nalezen.