Tussenkomst:

Geachte Minister,

Beste Collega’s,

Het dossier van kraken van woningen heeft ons zo’n jaar in de ban gehouden. Het gaat dan bij kraken ook om een dossier waarbij enerzijds het eigendomsrecht van rechtmatige eigenaars zorgvuldig moet worden afgewogen tegen anderzijds het vaak onrechtmatig verkregen recht op wonen alsook de schending van de privacy van de gezinswoning. 

Over de partijgrenzen heen is er al langer een consensus om iets te doen aan een aantal ronduit gortige gevallen waarbij mensen onrechtmatig indringen in iemands woonst als die bij wijze van spreken even een pakje boter is gaan halen in de winkel, waarna de mensen die de wonen bezetten vervolgens ook nog eens doodleuk blijven wonen in die gekraakte woonst. Dat was en blijft ook voor sp.a ontoelaatbaar.  

Eerder dit jaar –en nog tot voor kort- liet u minister Geens en een aantal collega-parlementairen, weten dat burgemeesters, rechters en politiediensten inzake bewoonde panden met de huidige wetgeving al voldoende wetgevende middelen hadden om snel en efficiënt in te grijpen bij kraken. Vervolgens heeft men met de meerderheid verschillende pogingen gedaan om het strafbaar stellen en aanpakken van het kraken van bewoonde panden aan te scherpen. Wat dus een beetje in tegenspraak is met de melding dat de huidige wet volstaat. Daarenboven hebben sommige meerderheidspartijen gemeend ook het kraken van speculatief leegstaande krotten, lang leegstaande fabriekspanden en verlaten scholen alsook het kraken van stallen en caravans op te nemen in de nieuwe wetgeving. Daar gaat men volgens ons een brug te ver. Ik kom daar straks op terug.

Maar ik wil het eerst even hebben over het kraken van bewoonde panden. Vooral in Gent waren er een aantal dossiers waaruit bleek dat de interpretatie van de bestaande wetgeving inderdaad te wensen over liet. De burgemeester van Gent was via de bestaande uithuiszetttingsprocedures door het feit dat er enkel kon worden opgetreden bij betrapping op heterdaad, voor mensen die al in de woning verbleven, gebonden aan strikte bezwaar- en beslissingstermijnen die 8 dagen en vaak veel langer konden aanslepen.

Dat had dan meestal te maken met de niet zo eenduidige interpretaties van wat een ‘woonst’ precies is en hoe ruim men ‘betrapping op heterdaad’ bij het onrechtmatig betreden van een pand dan wel mag lezen...

Wij hebben in de commissie Justitie vrij uitvoerig gediscussieerd over de definitie van een ‘woning’. Er waren nogal wat ‘cases’ in de ‘grijze zone’. Wat met een pand dat leeg staat tussen twee huurcontracten in? Wat met een woning die een tijd leeg staat omdat de eigenaars er op termijn verbouwingen in plannen of een appartement dat leeg staat en officieel niet bewoond wordt door de eigenaars die lange tijd in het buitenland verblijven?  Met sp.a hadden wij een voorstel waarin wij ook de leegstaande woningen die door te eigenaars zullen worden verbouwd, verhuurd of gebruikt, opgenomen in een definitie. Dat het om een woonst ging,  kon dan worden bewezen met o.a. huurcontracten en bouwaanvragen...

Maar nog collega’s, dan nog botsten we op alweer een andere particuliere situatie van een ‘woning’ waarbij de bewoning niet aan te tonen was met bewijsmateriaal. Een familielid dat zonder contract en zonder veel meubelen mits akkoord van de langdurig in het buitenland verblijvende eigenaars een appartement gebruikt als studentenkot bijvoorbeeld.

Of wat gedacht van malafide figuren die een leegstaande woning openbreken,  er vervolgens een nep-verhuurcontract voor opstellen en het ten slotte valselijk doorverhuren aan deels naïeve en deels door een gebrek aan een onderkomen wanhopige families.

Laatstgenoemden denken dan dat ze een pand op rechtmatige wijze huren, maar uiteindelijk zijn ze de facto geen krakers, maar eerder slachteroffers van mindere bonafide lieden. Uiteraard komen zij wel in het vizier voor een uithuiszetting.

Er is in de commissie ook een tijdje een ‘valse discussie’ ontstaan waarbij de meerderheid met een tekst afkwam die door de Raad van State werd afgeschoten. Dat had te maken met de wettelijke termijnen waarbinnen mensen bezwaar kunnen aantekenen wanneer ze een woning kraken. Daardoor kwam de stemming van de meerderheidstekst almaar later aan de agenda van de commissie. Net voor het reces deden sommigen nog pogingen om de zwarte piet voor het niet tijdig kunnen stemmen dan maar richting oppositie te schuiven.  Bovendien achtten een aantal collega-Kamerleden het in dit dossier een goed idee om hun profilering uit de gemeenteraad van Gent verder te zetten in de media en in de Kamercommissie. Gevolg: op een bepaald moment kon geen mens er meer aan uit wat er precies ter stemming lag in de commissie Justitie en al evenmin werd dat naar buiten toe duidelijk voor burgemeesters, politiediensten, procureurs en vrederechters, eigenaarssyndicaten en verengingen die zich inzetten voor bewonersbelangen.

U kan in het verslag nakijken dat wij met sp.a alle bepalingen inzake het kraken van bewoonde panden hebben goedgekeurd. Trouwens ook alle amendementen die OCMW-bemiddeling voorzien voor de mensen die een uithuiszettingsbevel krijgen, hebben wij mee goed gekeurd. Want dat is ook een verbetering ten opzichte van de originele tekst. 

Belangrijk in de tekst die wij vandaag bespreken is de herschrijving van artikel 439 van het Strafwetboek waarbij voortaan niet enkel het ‘binnendringen’ van een woonst wordt bestraft. Voortaan gaat het uitgebreider om het ‘binnendringen, het bezetten en het verblijven in de woonst zonder toestemming van de eigenaar’.  En met betrekking tot de moeilijk via een definitie te vatten term ‘woonst’, wordt de nieuwe wet ingeschreven in het Strafwetboek waarin in artikel 479 een voldoende ruime definitie van woning is opgenomen met de volgende omschrijving “Als bewoond huis wordt beschouwd elk gebouw, appartement, verblijf, loods, elke zelfs verplaatsbare hut of elke andere gelegenheid die tot woning dient.” Conclusie: de politie kan optreden wanneer mensen al in een gekraakte woning aanwezig zijn, net alsof ze ‘op heterdaad’ betrapt worden. En mededeling dat het pand ‘tot woning dient’ biedt een bijzonder ruime invulling. Politiediensten kunnen dan op dezelfde wijze en binnen dezelfde termijnen optreden als tot nu toe bij ‘betrapping’. 

Ik herhaal collega’s, wij kunnen ons met sp.a stellen in de bepalingen uit het voorstel wanneer het gaat over bewoonde panden, wij hebben de artikelen ter zake in de commissie goedgekeurd. Wij gaan ons bij de einstemming evenwel onthouden omdat we ons niet kunnen vinden in het te ruime vizier dat met deze wet door de meerderheid wordt beoogt. Waarom moeten we ook het bezetten en bewonen van verkrotte en langdurig leegstaande woningen alsook langdurig leegstaande fabrieksgebouwen en scholen... strafbaar stellen? Zover willen wij niet meegaan. Hier speelt een veel ruimere problematiek van woningnood, speculatie, een al dan niet humaan en visionair gemeentelijk beleid inzake leegstand, verkrotting en wonen... het is zeker niet altijd onethisch of zelfs onfatsoenlijk om bepaalde beleidskeuzes aan te klagen via kraken van dit soort panden.  En wat bij bedrijfsbezettingen bij syndicale acties? Wat als werknemers een bedrijf bezetten (en in het kader daarvan overnachten in de gebouwen) om pakweg te vermijden dat het management machines laat weghalen om te verhuizen naar een andere vestigingsplaats?

Ik weet dat de aanpak van het bezetten van onbewoonde panden door de meerderheid lichtjes milderend werd bijgestuurd omdat men dit niet prioritair acht. Men kan zich afvragen of de strafbaarheidsstelling voor onbewoonde panden dan wel nodig is?

Zo wordt een zaak bij de procureur in dit geval pas ingeleid als er een strafklacht wordt neergelegd. Zo wordt de mogelijkheid tot het aantekenen van een bezwaar door de onrechtmatige bewoner tot de 7de dag na vaststelling gegarandeerd en kan de uitzetting pas vanaf de 8ste dag, en dat kan nog oplopen tot een maand.

Het aanpakken van bewoning in leegstaande fabrieksgebouwen en bewust verkrotte woningen moet op een andere manier structureel aangepakt worden, dat  soort discussies moeten we voeren binnen andere gremia (in gewestelijke parlementen of gemeenteraden bijvoorbeeld).  Het uittekenen van een sociaal woonbeleid, leegstands- en verkrottingstaks, gemeentelijke ontwikkelingsbedrijven, opvanginitiatieven voor daklozen enz... enzoverder.

Ten slotte, beste collega’s... er zijn wat betreft de te volgen termijnen wanneer iemand een uithuiszetting krijgt betekend wanneer die onrechtmatig een woning betreedt en bezet zonder de toestemming van de eigenaar op dit moment nogal wat onduidelijkheden. Wat als bijvoorbeeld mensen zich niet enkel formeel verzetten maar ook fysiek bij de uithuiszetting? Welke scenario’s voorziet men dan? Wat als mensen even 24 uren ‘in bewaring’ worden genomen en als ze daarna terugkeren naar het eerder gekraakt onbewoond pand? Wat met de uitspraak van de procureurs-generaal dat ze helemaal geen prioriteit gaan geven aan vragen om krakers aan te pakken?

De stad Gent heeft momenteel op gemeentelijk vlak al een serieus debat gewijd aan de problematiek van het kraken. Conclusies was daar dat er een ‘actieplan kraken’ zou worden opgezet. Nu de hele discussie alvast in de Kamer tot een voorlopig einde komt – en we ingeschreven hebben dat we de wet binnen twee jaar gaan evaluaeren-, zou ik een constructief voorstel willen doen. Zo pleit onze fractie er voor om een duidelijk rondzendbrief te maken met daarin minstens:

  • een handleiding, stap voor stap, hoe eigenaars, bewoners, burgemeesters, politiediensten, rechters en gerechtsdeurwaarders kunnen handelen bij dossiers waarbij mensen onrechtmatig (al dan niet bewoonde) panden binnendringen, betreden en bezetten;
  • de taken van alle actoren in de verschillende fases van aanpak, zo leeft de vraag of een burgemeester buiten de bepaling van artikel 135 van de nieuwe gemeentewet (inzake onbewoonbaarheid mbt veiligheid en gezondheid) ook in een geval van onrechtmatige betreding van een woonst –zonder dat de veiligheid of de gezondheid in het gedrang is- een bevel tot uitzetting kan bevelen of kan er in dit soort gevallen voortaan enkel nog via rechtbanken gewerkt worden?
  • een opsomming met voorbeelden van welk soort woningen onder de ruime definitie van artikel 479 van het SWB vallen, zodat het niet verschilt van lokaal parket tot parket (of vredegerecht) of een situatie onder bewoond of niet bewoond valt.

Annick Lambrecht, donderdag 5 oktober 2017