“Aan de andere kant van de grens lonken duizenden jobs”

Gazet van Antwerpen/Metropool Noord,

Za. 04 Nov. 2017, Pagina 25

Te veel jobs aan de Nederlandse kant van de grens blijven liggen voor Vlaamse werknemers. Dat komt onder meer omdat diploma's secundair onderwijs tussen beide landen niet gelijkwaardig zijn. Dankzij een initiatief van onder meer Maya Detiège komt daar verandering in.

“Essen telt een groot aantal werkzoekenden. We hebben al verschillende initiatieven genomen, maar we zien het probleem niet kleiner worden. Integendeel. Aan de andere kant van de landsgrens zijn er de jongste jaren duizenden jobs bijgekomen, die te vaak onzichtbaar blijven voor onze mensen. Ik denk bijvoorbeeld aan de distributiebedrijven op bedrijventerrein Borchwerf II in Roosendaal. Dat komt onder meer omdat de Vlaamse en Nederlandse diploma's secundair onderwijs niet op elkaar aansluiten en omdat voor veel laaggeschoolden de landsgrens nog altijd een te hoge drempel is. Ook de verschillen in sociale zekerheid spelen hier een rol”, schetst de Essense schepen van Duurzaamheid en Jeugd Helmut Jaspers (sp.a) het probleem.

Eindtermen harmoniseren

Maya Detiège, ondervoorzitter van het Benelux-parlement, blijft niet bij de pakken zitten. “Er bestaat al twee jaar een automatische erkenning van diploma's uit het hoger onderwijs, waardoor ingewikkelde en dure erkenningsprocedures niet meer nodig zijn. Deze beslissing komt de grensoverschrijdende arbeidsmobiliteit ten goede, waardoor vraag en aanbod op de arbeidsmarkt in de Benelux beter op elkaar kunnen

inspelen. Het maakt studeren in een ander land ook makkelijker. Deze overeenkomst was een Europese primeur. Ze kwam er omdat er op het gebied van kwaliteitsstandaarden voldoende vertrouwen was tussen de drie landen”, zegt Detiège.

Maar het werk is nog niet af. “Die overeenkomst geldt nog niet voor diploma's middelbaar, technische en beroepsonderwijs. Werkgevers in Nederland bijvoorbeeld weten nu niet precies wat een sollicitant met een Vlaams diploma kent en kan. Dat geldt ook omgekeerd. We moeten daarom de eindtermen van het middelbaar onderwijs in de drie Benelux-landen harmoniseren. Zo komen er volgens de Benelux Unie tienduizenden banen in de grensstreek vrij waar laaggeschoolden aan de twee kanten van de grens voor in aanmerking komen. Samen betekent dat een omzet van 20 miljard euro. Dit probleem is urgent, daarom staat het ook hoog op de agenda van de Beneluxtop in Den Haag op 8 november. De premiers van de drie landen zijn dan aanwezig en we willen daar groen licht krijgen om alles verder te kunnen uitwerken. Wanneer dat lukt, is het mogelijk om alles rond te krijgen in het voorjaar van volgend jaar. Dan kunnen de drie landen het omzetten in eigen regels en wetten”, aldus Detiège.

Kinderbijslag

Naast het diplomaprobleem zijn er dan nog hindernissen te nemen rond de verschillen in sociale wetgeving. “Ook op het gebied van kinderbijslag, pensioen en sociale uitkeringen moeten er nog problemen worden opgelost. Daar zijn we ons goed van bewust”, zeggen Detiète en Jaspers.

Gedeputeerde voor provincieonderwijs Inga Verhaert (sp.a) hoopt dat alles snel is geregeld. “De arbeidsmobiliteit in de provincie Antwerpen ligt bijvoorbeeld een stuk lager dan in Limburg. Dankzij deze nieuwe afspraken op Benelux-niveau kunnen we met de provincie Antwerpen heel wat mensen aan de slag krijgen.”

Ook de VDAB is zich bewust van het probleem. Woordvoerster Shaireen Aftab: “Precieze cijfers over het aantal werknemers aan de andere kant van de grens houden we niet bij. We organiseren wel infosessies voor wie in het buitenland aan de slag wil.”

Erik Vandewalle ■

Deze discussie werd gesloten.