Miljarden hebben we er allemaal samen in gepompt om de banken destijds te redden. En wat blijkt nu? Vandaag wordt weer aardig verdiend in bankenland. Ja, tot in de miljarden. Dat staat in schril contrast met de vele ontslagen. Het débacle van ING ligt nog vers in het geheugen van al de werknemers die nu zonder job zitten. Elke verhoging van de toplonen van de CEO’s is telkens weer een slag in hun gezicht.

En de brave burger in dat verhaal? Die ontvangt amper nog rente op zijn of haar spaargeld, ziet tarieven alleen maar stijgen en krijgt steeds minder dienstverlening. Bijna tien jaar na de crisis die de banken zelf veroorzaakten, is meer voor minder weer het motto. Behalve dan als het gaat om de winsten door te sluizen naar aandeelhouders. Dan is het meer, meer en nóg eens meer.

Nadat de N-VA aan het hoofd van de Nationale Bank, die erover moet waken dat banken niet ontsporen - o ironie - een bankier benoemde, doet minister van Financiën Johan Van Overtveldt daar nog een schep bovenop. Zijn voorstel om de Belgische staatsbank Belfius te privatiseren past immers in zijn strategie om grootbanken weer helemaal vrij spel te geven, zoals weleer. Heeft hij er al eens bij stilgestaan dat een staatsbank er moet zijn om mensen te dienen, te helpen, te steunen en te versterken? Heeft hij er al eens bij stilgestaan dat dat als minister zijn job is? Onder meer door zijn beleid hebben de mensen in ons land de voorbije jaren al 8 miljard euro aan koopkracht verloren op hun spaargeld.

Meer dan ooit hebben we dus nood aan een stabiele Belgische staatsbank die de mensen in ons land dient: waar spaargeld oplevert en bankverrichtingen goedkoop zijn. Na 2,5 jaar zou deze regering dus beter eindelijk werk maken van een strategische visie over de toekomst van Belfius, in plaats van de klok terug te draaien in een blinde drang naar privatisering die alleen geld oplevert in weinige handen.

“Ja maar, zo kunnen we de staatsschuld verlagen”, is dan het argument. Zeker, maar als het dan toch om de vermindering van de staatsschuld te doen is, verkoop dan de staatsparticipatie in de buitenlandse bank BNP Paribas. In Franse handen dient die de Belgische samenleving allerminst. Alleen maar knikken, meer doen onze ministers er niet wanneer ze met de CEO om de tafel zitten.

Meer dan ooit hebben mensen recht op een stabiele Belgische bankensector. Met een bank die een hoofdzaak maakt van ethisch en duurzaam bankieren in plaats van haar geld te parkeren in belastingparadijzen. Een bank die de verloning van haar topbankiers plafonneert en die spaarders een eerlijk én veilig rendement geeft. Waar lenen en ontlenen, ook aan de gemeenten, dé corebusiness is. Een bank die ook wordt ingezet voor échte investeringen en werkgelegenheid, want met de platte pannenkoek van het investeringsplan van de federale regering komen we niet vooruit.

En guess what?

De Belgische regering heeft er zo eentje in handen met Belfius. Is het nu werkelijk onmogelijk om daar werk van te maken? Die optie openen is alvast het omgekeerde van wat Johan Van Overtveldt nu voorstelt: een verkoop zonder visie die zal verzanden in het primaat en de almacht van de markt, van de rentabiliteit en de aandeelhouders.

De brave burgers in dit land draaien vandaag al genoeg op voor de rechtse recepten van deze regering - hun brievenbus puilt uit met facturen - dat ze absoluut geen heimwee hebben naar dat failliete landschap van weleer. Een bankenlandschap dat met hun toekomst speelde.

John Crombez