“De hele onderwijshervorming is er niet gekomen omdat we het leuk vinden om te hervormen”, zei Bruno Tobback tijdens een chatsessie met De Tijd. “Die is vertrokken vanuit de discussie die al jaren aan de gang was, ook onder deskundigen. En die discussie vertrekt vanuit een simpele vaststelling.”

“Mijn dochter is 16 en studeert Latijnse, maar zij weet in de verste verte nog niet wat ze later wil doen. Met mij was dat precies hetzelfde. En toch dwingen wij kinderen van 12 jaar om een richting te kiezen”, zegt Bruno Tobback. “Niet alleen een richting, maar ook een stelsel van richtingen waaraan we een hiërarchie aan koppelen. Een hiërarchie aan waarderingen. Want de ‘goeie’ gaan naar het ASO, de ‘minder goeie’ gaan naar het technische onderwijs en het beroepsonderwijs.”

“Een kind van 12 die keuze laten maken, is gewoon pervers. Kinderen die je in het TSO of BSO vindt, zijn vaak kinderen die daar gekomen zijn na een proces van mislukking na mislukking. Terwijl we die precies nodig hebben. We hebben daar dus een probleem en een brede eerste graad is daar de oplossing voor.”

“Daarmee beletten we iemand niet om Latijn te studeren, als die dat al op zijn 12e weet. Maar een brede eerste graad beantwoordt wel aan de realiteit dat de overgrote meerderheid van de jongeren het nog niet weten. We mogen hen niet dwingen in een hiërarchie om keuzes te maken.”

“Laat jongeren daarom met een aantal dingen in aanraking komen en laat ze dan een keuze maken op basis van interesse, talent en inzet. Dan ga je gemotiveerde leerlingen krijgen, zowel in theoretische als praktische richtingen. En op het einde van de rit krijg je gemotiveerde gediplomeerden, gemotiveerde werknemers en gemotiveerde ondernemers.”

Bruno Tobback vindt het onvoorstelbaar dat er nu ‘ASO tegen de rest’ van wordt gemaakt. “Het zijn niet alleen ASO-leerlingen die bepalen of we samen sociale welvaart bouwen. Leerlingen uit het ASO, TSO en BSO bouwen daar samen aan. Dat is een kwestie van respect.”

Herbekijk de videochat op YouTube: