Terwijl ING België voor de Panama Commissie in het parlement nog getuigde dat het als bank “avers stond tegenover structuren in belastingparadijzen”, tonen nieuw uitgelekte documenten aan hoe rijke Russen gebruik maakten van een bijkantoor van ING België in Genève om de bankzaken te regelen voor hun offshore-structuren die alleen op papier bestonden. “Hiermee wordt ook aangetoond dat er toch beter een onderzoekscommissie was geweest, zoals wij vroegen”, zegt Peter Vanvelthoven.” Zo hadden de getuigen onder ede kunnen verhoord worden en zouden ze nu vervolgd kunnen worden wegens meineed.”

Vanvelthoven, die voor sp.a de Panama Commissie in het parlement opvolgde, is boos: “Bankiers denken dat ze zich echt alles kunnen permitteren, tot de bevolking in hun gezicht uitlachen als ze voor de vertegenwoordigers van die bevolking in het Parlement verantwoording moeten afleggen over hun praktijken in belastingparadijzen.” 

Volgens Vanvelthoven bevestigt de nieuwe informatie uit de Panama Papers de conclusie die sp.a trok in navolging van de parlementaire commissie Panama. “Er zijn duidelijke aanwijzingen dat grootbanken in België een belangrijke rol gespeeld hebben in het begeleiden van klanten naar belastingparadijzen. Maar de meerderheidspartijen hebben dat onder de mat geveegd. Meer nog, door expliciet te formuleren in het eindrapport  ‘dat niet definitief kan worden geconcludeerd of de Belgische financiële instellingen al dan niet betrokken zijn bij de panama papers noch algemener bij internationale fiscale fraude en het vraagstuk van de offshoreconstructies’, hebben ze de grootbanken witgewassen van enige betrokkenheid. Dat is en blijft een schande..

Vanvelthoven dringt aan op een onderzoek van BBI, Parket en Bankentoezicht op basis van de nieuwe inlichtingen die over ING België bekendgemaakt werden. Daarnaast herhaalt hij zijn pleidooi om wetgevende maatregelen te nemen:

1. Meer slagkracht voor bankentoezicht. Meer bepaald de bevoegdheid om de banklicentie in te trekken wanneer een bank een fraudemechanisme heeft. 

2. Bestuurders moeten aansprakelijk kunnen worden gesteld wanneer een bank tekort is geschoten om te vermijden dat haar personeel fiscale fraude heeft gefaciliteerd.