“Ook al vernietig je hun boten, smokkelaars vinden altijd wel nieuwe en gevaarlijkere routes richting Europa. Je riskeert enkel lokale vissers hun broodwinning te ontnemen”, zegt Top. “In plaats van vissers hun boot af te nemen, kan je beter aan de centen van de smokkelaars zitten”, vervolgt Van der Maelen. “De woekerwinsten van de smokkelaars aanslaan in de fiscale paradijzen waarnaar ze versluisd worden, is veel efficiënter dan vissersbootjes te vernietigen in Libië. Pas op het ogenblik dat er geen geld meer te verdienen valt met mensensmokkel, zullen ze inbinden. Dit blijft evenwel symptoombestrijding, want het echte werk in de regio is er één van veel langere adem.”

Een manier om te vermijden dat vluchtelingen uit totale wanhoop de boot nemen, is hen een legale uitweg bieden richting Europa. De Coninck: “We maken de legale toegang tot Europa vrijwel onmogelijk waardoor vluchtelingen geen andere optie zien dan al hun geld te geven aan smokkelaars en de gevaarlijke oversteek te wagen. Dat terwijl België bijna alle Syrische vluchtelingen erkent, maar de meeste Syrische vluchtelingen raken gewoonweg niet tot hier. Voor mensen die internationale bescherming zoeken, bestaat er bijna geen enkele manier om op legale wijze naar Europa te komen.”

“Het bestrijden van smokkelaars en het voorzien van boten, budget, opvangplaatsen en veilige routes richting Europa zijn noodzakelijk op korte termijn, maar zullen de problemen aan de basis niet oplossen”, aldus Van der Maelen. “Zolang er onderdrukking, gewapende conflicten en armoede zijn, zullen mensen op zoek gaan naar veiligheid en een toekomst voor hun kinderen. Alleen een inspanning gelijkaardig aan die van het Marshallplan voor Europa na de Tweede Wereldoorlog kan een toekomst scheppen voor de honderdduizenden die de regio ontvluchten. Het geld voor dit plan hoort niet enkel van het Westen te komen. Het wordt tijd dat de petrodollars van Arabische oliestaten voor maatschappelijk nut gebruikt worden in het Midden-Oosten en Afrika. We moeten allereerst zorgen voor stabiliteit in Libië, waar de regeringen uit Tobroek en Tripoli elkaar naar het leven staan. We moeten meer inzetten op vredesgesprekken in de regio en in tussentijd zorgen voor een menswaardige opvang van de vele vluchtelingen. Europa is dat aan zijn Nobelprijs verplicht.”