De federale overheid besloot na de gasramp van Ghislenghien in 2004 de hulpverlening - in het bijzonder de brandweerdiensten - in ons land te vernieuwen. Dat is ondertussen 12 jaar geleden. Het hoeft dus niet gezegd dat deze hervorming heel wat voeten in de aarde heeft gehad.

Die hervorming begint nu op het terrein stilaan vorm te krijgen. Zo is ons korps opgegaan in de brandweerzone Rivierenland. Deze zone beslaat 19 steden en gemeenten waaronder de complete Rupelstreek, maar bijvoorbeeld ook Mechelen. De korpsen in deze zone bestaan dus niet meer als afzonderlijke entiteiten, maar zijn samengebracht in een netwerk van ‘posten’.

Naar kwaliteit van de dienstverlening moet dit normaal gezien een verbetering brengen. Het doel van de hervorming was dan ook een ‘professionalisering’ van de hulpverlening. Het staat echter als een paal boven water dat die hulpverlening in Hemiksem al jaren op een zeer hoog niveau zat, met dank aan continue investeringen vanuit het gemeentebestuur en de tomeloze inzet van onze vrijwilligers.

Sommige diensten worden noodgedwongen betalend, terwijl ons korps die vroeger gratis uitvoerde. In sommige gevallen neemt de gemeentelijke begroting deze kost op zich, in sommige gevallen wordt deze doorgerekend aan de burger. Dit is natuurlijk jammer, maar jammer genoeg onvermijdelijk. De tarieven werden gelijkgetrokken over de gehele zone en lang niet alle gemeentelijke korpsen leverde deze gratis hulpverlening aan zijn inwoners.

“Wat echter wel positief is”, zo besluit Eerste Schepen Kristien Vingerhoets, “is dat ons vrijwillig korps en onze kazerne blijven bestaan. Sterker nog, het korps wordt nog licht uitgebreid, van 40 naar 42 brandweermannen. En dat terwijl sommige gemeente nog steeds vrezen voor het voortbestaan van hun (vrijwillig) korps”.