Volwassenenonderwijs draagt bij tot het creëren van  nieuwe kansen voor iedereen. Als mensen afhaken omwille van het verhoogde inschrijvingsgeld dan is dit verontrustend.

Zo’n 400.000 mensen volgen in Vlaanderen een opleiding in het volwassenenonderwijs. Nu voor het eerst voor een volledige schooljaar het verhoogde tarief van toepassing is, lijken meer mensen af te haken. “Het zou nefast zijn voor de ontwikkelings- en leerkansen van mensen moesten meer mensen stoppen met een opleiding in het volwassenonderwijs omwille van de grotere kost.” stelt Vlaams Parlementslid Caroline Gennez.

Uit een rondvraag bij verschillende Centra voor Volwassenenonderwijs (CVO) blijkt dat de inschrijvingen in het volwassenenonderwijs dit schooljaar met 15% teruggelopen. De reden die wordt opgegeven voor de terugval is de verhoging van het inschrijvingsgeld. Halfweg vorig schooljaar, sinds 1 januari 2015, kost een lestijd 1,5 euro in plaats van 1,15 euro in het volwassenenonderwijs. Voor een module van 40 lestijden betaal je nu 60euro, bijna een kwart meer dan voorheen. Het bedrag voor één lesjaar kan tot 600 euro oplopen.

“De minister spreekt in haar beleidsnota over het volwassenonderwijs als een partner in levenslang leren. Dat volwassenenonderwijs bijdraagt tot het creëren van  nieuwe kansen voor iedereen, in het bijzonder naar die groepen in de samenleving nood hebben aan extra ondersteuning voor toeleiding naar werk. Er staat dan ook heel wat op het spel als meer mensen afhaken”, aldus Gennez.

Door die terugval geven verschillende CVO’s aan dat ze ondertussen al cursussen moesten schrappen, vaak tot onvrede van de cursisten die hun (duur) lesmateriaal al hadden aangekocht. Een aantal CVO’s vrezen ook dat door het dalend aantal cursisten ook de tewerkstelling in gevaar komt.

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits nuanceert de daling, maar verwees naar cijfers van het  vorige schooljaar. De minister antwoordde deze week in de commissie dat ze wel wenst na te gaan welke profielen er afhaken.  “Een goede analyse op basis van recente evoluties en bijsturing, dringt zich op,” concludeert Gennez.