De afkoopwet toepassen op ernstige fraudezaken is niet alleen onrechtvaardig, het is geen doeltreffend fraudebeleid. De afkoopwet schrikt niet af. Voor ernstige fiscale fraude moet ze afgeschaft worden.

Het is de fundamentele plicht van Justitie om witteboordencriminelen die van de hele samenleving stelen voor de rechter te brengen. Dat zal leiden tot minder fraude en een eerlijkere fiscaliteit.

In 2007 dreigde de tweede rijkste Belg Patokh Chodiev voor de rechtbank te worden vervolgd voor financiële fraude en witwaspraktijken. Hij kocht zijn proces af in 2011. Dat was kort nadat de toenmalige meerderheid de afkoopwet in ijltempo door het parlement had gejaagd. Nu blijkt dat Chodiev daardoor nadien vrolijk verder constructies in belastingparadijzen kon opzetten. De Tijd noemde gisteren de afkoopwet van goudwaarde voor mensen als Chodiev. Dat toont opnieuw aan dat die wet geen plaats heeft in een rechtvaardig fraudebeleid of in een handhavingsbeleid tout court. De afkoopwet stelt de grote fraudeurs gerust en heeft tot gevolg dat ze nadien lustig kunnen doordoen met waar ze mee bezig waren.

De afkoopwet is bovendien pure achterkamerjustitie voor al wie zich peperdure fiscaal advocaten kan veroorloven. Voor grote fraudedossiers, die tot in de miljoenen lopen, kan een gevangenisstraf worden afgekocht. En over de afkoopprijs kan dan nog eens worden onderhandeld. Dat deze week een man veroordeeld werd tot een gevangenisstraf van een maand voor het stelen van twee blikjes Cara-pils terwijl grote fraudeurs die miljoenen stelen van de samenleving hun straf kunnen afkopen, valt niet uit te leggen. De publieke opinie aanvaardt dat terecht niet. Wij ook niet. In grote fraudedossiers moet een rechter zich ten gronde uitspreken. Altijd. De voorstanders van de wet, de huidige regeringspartijen, beweren dat de werklast van Justitie vermindert door het invoeren van de afkoopwet. De kleine dossiers zouden in een schikking eindigen, waardoor er - in hun redenering - meer ruimte zou zijn om de grote fraudedossiers voor de rechter te brengen.

Evaluatierapport

Precies het omgekeerde is waar. Vooral in grote dossiers, zoals bij Chodiev, worden rechtszaken afgekocht. Dat blijkt uit het evaluatierapport van het College van de Procureurs-Generaal over de afkoopwet dat wij konden inkijken. In dat rapport staan nog enkele opvallende zaken: dat het initiatief voor een schikking vaak uitgaat van de verdachte en niet van het Openbaar Ministerie, dat er wordt onderhandeld over de sanctie en dat de afkoopwet niet tot een verminderde werklast leidt. Daarmee worden alle argumenten van de voorstanders van de afkoopwet naar de prullenmand verwezen.

Volgend citaat uit het rapport wil ik u niet onthouden: 'Je marchandeert. Zoals met de solden, je slaat de prijs eerst een beetje op en dan doe je er wat vanaf en dan denkt iedereen dat ze winst gemaakt hebben.' Een andere magistraat zegt over de procedurele gang van zaken: 'Chez nous, tout est informel donc jusqu'au bout.' Onlangs werd de afkoopwet in het parlement geamendeerd, waardoor de minnelijke schikking voortaan in het strafregister zal worden opgenomen. Dat is allesbehalve voldoende. De afkoopwet toepassen op ernstige fraudezaken is niet alleen onrechtvaardig, het is geen doeltreffend fraudebeleid. De afkoopwet schrikt niet af, dat toont het geval Chodiev aan.

De kleintjes

Het is de fundamentele plicht van Justitie om witteboordencriminelen die van de hele samenleving stelen voor de rechter te brengen. Dat zal leiden tot minder fraude en een eerlijkere fiscaliteit. Schikkingen hoogstens voor de kleintjes. En voor ernstige fiscale fraude moet de afkoopwet afgeschaft worden.

Deze opinie verscheen in De Tijd (07/04/16)