De minister van Financiën klopt zich op de borst. De karaattaks zou de begroting meer opbrengen dan aanvankelijk voorzien. De stelling van de minister klopt echter niet: de opbrengst van de Karaattaks ligt veel lager dan de begrotingsdoelstelling. En de conclusie die getrokken wordt - dat er hoegenaamd geen sprake is van een cadeau aan de sector - nog veel minder. Mochten diamantairs aan de gewone vennootschapsbelasting onderworpen worden, zouden ze meer belastingen betalen dan vandaag. Op basis van de huidige cijfers is de kans zelfs groot dat de Europese Commissie de Karaattaks als illegale staatssteun zou brandmerken. De Karaattaks is geen rechtvaardige belasting, maar een gunstregime voor de diamantsector.

Brengt de Karaattaks meer op dan verwacht? Integendeel.  

Bij de invoering van de Karaattaks werd een extra inkomst van 50 miljoen euro vooropgesteld. Dat blijkt duidelijk uit toelichting bij de begrotingscontrole zoals ingediend in het Parlement [1] en de beslissing van de ministerraad op 3 april 2015 [2].  

Op 13 april 2015 bezorgt de studiedienst van de FOD Financiën een nota aan de minister ‘inzake de budgettaire impact uitgaande van een forfaitaire belasting van de diamantsector’. In die bewuste nota schrijft de studiedienst Financiën letterlijk: “De meest recente gegevens op vlak van de vennootschapsbelasting betreffen het aanslagjaar 2013. Daaruit blijkt dat deze sector nagenoeg 36.998.875,34 € aan belasting opbrengt. (...) De toepassing van een forfaitaire belastingheffing zoals die momenteel is opgenomen in het voorontwerp van wet betreffende de invoering van een stelsel tot forfaitaire vaststelling van het belastbaar resultaat uit diamanthandel op basis van de omzet (= Karaattaks) zou betekenen dat de karaattaks ongeveer 87 miljoen € zou moeten genereren.” 

De minister stelt nu dat diamantairs in 2016 en 2017 respectievelijk 51,2 miljoen en 68,4 miljoen euro betaalden[3], meer dus dan de aanvankelijk gebudgetteerde 50 miljoen euro[4]. Die bewering strookt niet met de analyse van de studiedienst van de FOD Financiën, die stelde dat de karaattaks 87 miljoen moet opleveren om aan de vooropgestelde meeropbrengst van 50 miljoen te komen. Op basis van de bedragen die de minister communiceerde voor 2016 en 2017, komt de karaattaks respectievelijk 36 en 19 miljoen te kort in vergelijking met wat in de begroting vooropgesteld was. 

Nog dit: het uitgangspunt van de studiedienst van FOD Financiën was best conservatief. Als vertrekbasis nam ze immers de betaalde belasting (37 miljoen) voor het aanslagjaar 2013, terwijl de door diamantairs betaalde belasting voor het aanslagjaar 2012 meer dan 45 miljoen euro bedroeg[5]. Tegenover die startbasis is het resultaat voor 2016 amper 6 miljoen en voor 2017 zowat 23 miljoen euro, wat minder dan de helft is van wat werd vooropgesteld in de begroting. 

Rechtvaardige belasting? Allerminst.

Niettegenstaande de Karaattaks minder oplevert dan vooropgesteld in de begroting, betalen diamantairs in 2016 en 2017 meer belasting dan voorheen. Dat feit alleen bewijst - volgens de minister - dat de Karaattaks een rechtvaardige belasting is en dat deze regering eindelijk een faire bijdrage vraagt aan de diamantsector. Die redenering kon de Europese Commissie alvast niet overtuigen. En terecht. Daarover straks meer. 

Dat de diamantsector meer belastingen betaalt, maakt de Karaattaks nog geen rechtvaardige maatregel. Want wat zit er achter die bijkomende belastingen? Een analyse van de jaarrekeningen van de 250 grootste diamantairs voor (2015) en na de invoering van de Karaattaks (2016) leert ons veel. De omzet blijft gelijk, maar de winst neemt met factor 11 toe en de effectieve belastingvoet wordt gedeeld door 3. De diamantairs betaalden in 2016 nog 11% belasting op hun werkelijke winst.



2016 tav 2015

Omzet

=

Winst

x 11

Belastingen 

x 3

Effectieve winstbelastingt

: 3


Dit is exact wat werd voorspeld door critici. De winsten die vroeger verborgen werden voor de fiscus komen nu bovendrijven. De Tijd maakte een gelijkaardige oefening voor de 100 grootste diamantairs en kwam tot dezelfde vaststellingen[6]. De krant koppelde daar volgende conclusie aan vast: “We kun­nen daar­door ook voor het eerst zwart op wit aan­to­nen dat de dia­mant­sec­tor ge­du­ren­de jaren hon­der­den mil­joe­nen euro’s aan win­sten ver­bor­gen hield om be­las­tin­gen te ont­lo­pen.” 

Bij zo’n indicatie van mogelijk grootschalige fraude zou je een fiscale controle van de diamantsector op sectorniveau verwachten. Maar dat hoeft niet voor de minister. Hij weigert[7]. Als er geen fiscaal onderzoek wordt opgestart wint de sector twee keer: (1) enkele miljoenen extra belasting in euro’s in ruil voor een sterke daling van het effectief belastingtarief op de aangegeven winsten én (2) mogelijke fiscale fraude uit de periode voor de invoering van de Karaattaks wordt blauw blauw gelaten. In dat geval zou met Karaattaks niet alleen een fiscaal gunstregime zijn ingevoerd, maar tevens een collectieve fiscale regularisatie zonder enige sanctie. 

Illegale staatssteun?  

Het systeem van de Karaattaks maakt dat diamantairs niet op hun werkelijke winst belast worden, maar op basis van een forfaitair vastgelegde brutowinstmarge (GPM of gross profit margin). Die werd vastgelegd op 2,1% na onderhandelingen met de Europese Commissie, die anders dreigde om het systeem als illegale staatssteun te kwalificeren. De Belgische regering had eerst 1,8% als brutowinstmarge voorgesteld, maar dat was te laag volgens de Commissie. 

De essentiële vraag is echter of de forfaitair vastgelegde brutowinstmarge, op basis waarvan de belasting wordt berekend, hoger of lager is dan de werkelijke brutowinstmarge die blijkt uit de boekhouding. In haar beslissing[8] schrijft de Commissie dat het niet uit te sluiten valt “dat bepaalde diamanthandelaren onder deze regeling minder belasting zouden betalen dan het geval zou zijn indien hun reële GPM in aanmerking werd genomen”, maar dat het vastleggen van de forfaitaire brutowinstmarge op 2,1% ervoor zorgt dat “de overgrote meerderheid van de diamanthandelaren meer belasting zal betalen dan onder de gewone regels inzake inkomstenbelasting, d.w.z. de referentie-regeling”. De Commissie stelt verder dat de Karaattaks daardoor voldoende scherp is afgebakend waardoor “het aantal mogelijke begunstigden van onverwachte fiscale voordelen tot het minimum beperkt wordt”. 

De cijfers die de Commissie van België kreeg waren - uiteraard - de gegevens uit de boekhouding van de diamantairs van voor de invoering van de Karaattaks. Op basis van die cijfers kon verwacht worden dat het grootste deel van de diamantairs in werkelijkheid een lagere brutowinstmarge zouden boeken dan de forfaitaire brutowinstmarge op basis waarvan ze belast zouden worden... en dus aan een hogere belastingdruk zouden worden onderworpen door de Karaattaks.  

Maar op basis van de jaarrekeningen van de diamantairs in 2016 - na de invoering van de Karaattaks dus - blijkt het omgekeerde waar te zijn[9]. Van de 250 grootste diamantairs blijkt dat in 2016 meer dan 80% een grotere brutowinstmarge realiseerde dan de forfaitair vastgelegde brutowinstmarge. Voor 80% van die diamantairs is de karaattaks dus een gunstregime. Op basis van jaarrekeningen van 2016 zou de Commissie dan ook nooit ingestemd hebben met de Karaattaks. 

Wat de 49 grootste diamantairs betreft (met omzet van meer dan 100 miljoen euro) geeft dit onderstaand beeld, waarbij de betrokken diamantbedrijven gerangschikt zijn volgens hun GPM, en waarbij de oranje curve de GPM van de betrokken bedrijven geeft voor 2015 en de blauwe curve de GPM voor 2016, terwijl de gele lijn de forfaitair bepaalde GPM weergeeft.




Bronnen

[1] Algemene toelichting bij de aangepaste begroting 2015, http://www.dekamer.be/FLWB/pdf/54/1025/54K1025001.pdf  

[2] Notificaties begrotingscontrole 2015 / Ministerraad van 03/04/2015

[3] Karaattaks brengt meer op dan verwacht’, De Standaard van 14 mei 2018

[4] De minister stelt verder dat de meeropbrengst nog groter kan zijn omdat hij voorlopig alleen de voorafbetalingen in rekening brengt. 

[5] Bron: FOD Financiën

[6] De Tijd, ‘Dia­man­tairs ver­bor­gen hon­der­den mil­joe­nen’, 18 november 2017

[7] Antwoord op parlementaire vragen n°22025 en n°24093 van Peter Vanvelthoven.

[8] Europese Commissie, C(2016) 4809 final

[9] Analyse van de geregistreerde diamantairs waarvoor de jaarrekeningen beschikbaar waren voor 2014, 2015 en 2016