"Onlangs diende ik een Voorstel voor Decreet in bij het Vlaams Parlement over een Vlaamse kunstkoopregeling. Dit is een handig instrument om jonge kunstenaars te ondersteunen en iedereen de mogelijkheid te geven kunst in huis te halen. Via een renteloze lening kan met een beperkt budget een grote impuls worden gegeven aan de kunstmarkt. ‘In Nederland heeft dit systeem zijn waarde bewezen. Waar wacht Vlaanderen nog op?’ 


(cc foto: Kunstkoop Nederland, Mondriaanfonds) 

 

Een kunstkoopregeling : wat is het ?  

Met de kunstkoopregeling kunnen particulieren op afbetaling een kunstwerk kopen bij een aantal geselecteerde galeries zonder dat zij rente hoeven te betalen. De rente wordt opgevangen door een afspraak tussen de overheid en een kredietinstelling. Het is dus de rente die gesubsidieerd wordt door de Vlaamse overheid of een door de Vlaamse overheid aangeduide instelling.

 

De drempel verlagen 

Voor veel mensen bestaat er een drempel om kunst aan te schaffen. Ofwel hebben ze het geld niet, ofwel weet men niet goed ‘hoe zoiets werkt’. Met beide drempels wil de kunstkoopregeling komaf maken.  "Met de introductie van een kunstkoopregeling moet de aanschaf van een kunstwerk een haalbare kaart worden voor iedereen. Tegelijk kunnen we jonge kunstenaars een beslissende duw in de rug geven."

Wie dagelijks met kunst wordt geconfronteerd in zijn eigen leefomgeving of bij vrienden en kennissen, zal sneller over kunst praten, interesse krijgen en vaker tentoonstellingen bezoeken. De regeling kan op die manier ook een groter draagvlak creëren voor de beeldende kunsten in het algemeen.

Tegelijk maakt de regeling het kopen van een kunstwerk veel toegankelijker, en zet de deur naar de kunstwereld verder open voor iedereen.  Ze werkt niet alleen drempelverlagend voor de kunstkoper, maar ook voor de kunstenaar.  De KunstKoop bedient een eigen segment kunstenaars. Ze zijn bovendien gemiddeld jonger dan kunstenaars die gebruik maken van andere vormen van staatsteun.

 

De jonge kunstenaar steunen 

De economische situatie van de kunstenaar, zeker van de jonge kunstenaar, in Vlaanderen is vandaag ronduit schrijnend. De Kunstkoopregeling geeft extra kansen om werk te tonen en te verkopen. In Nederland brengt elke euro besteed aan de KunstKoop 12 euro op voor kunstenaars en galeries. Sinds 1997 maakten meer dan 43.000 kopers gebruik van de KunstKoop en kochten voor ruim 134 miljoen euro aan kunstwerken. Meer dan de helft van de kopers geeft aan dat ze het werk zonder de renteloze lening niet hadden kunnen kopen.

Deze cijfers spreken voor zich. Met een heel beperkt budget kan de overheid de kunstensector een belangrijke impuls geven. En voor jonge kunstenaars betekent wel of niet verkopen vaak het verschil tussen een carrière uitbouwen of afhaken. Waar wachten we nog op?

De kunstkoopregeling wil in Vlaanderen een effectief instrument zijn om de creatieve economie en de jonge kunstenaar te stimuleren, de aandacht voor hedendaagse kunst te vergroten en de dialoog tussen publiek en privaat kunstbezit verder aan te zwengelen.

 

In het Kunstendecreet

Ook in het vernieuwde Kunstendecreet komen de voordelen van de Kunstkoopregeling ter sprake: “Het is positief dat de positie van de individuele kunstenaar aanzienlijk wordt versterkt en dat er aandacht is voor de verschillende aspecten van het artistieke proces” (Josine De Roover, NICC)

 “Het voorstel is om bij Flanders Art vooral die zaken onder te brengen die te maken hebben met het naar buiten brengen van het werk, bijvoorbeeld reis-en verblijfskosten en de galerieregeling. Een mogelijk nieuw instrument dat ook bij Flanders Art kan worden ondergebracht is een soort van kunstkoopregeling. Hiermee zou men minder bemiddelde burgers die van kunst houden een goedkope lening willen laten aangaan om kunst te kopen. Ook de creatieopdrachten zouden eventueel in Flanders Art kunnen worden ondergebracht. Bij dergelijke opdrachten is er een opdrachtgever die de kunstenaar uitnodigt om een werk te maken.”(Dirk De Wit, BAM)”

 

Ter vergelijking : Nederland  

In Nederland bestaat dit reeds en kent het een groot succes. De Mondriaan Stichting - een nonprofitorganisatie/steunpunt/belangenorganisatie die kunst promoot in NL - heeft hiervoor een overeenkomst afgesloten met Fortis Bank. De Mondriaan Stichting vergoedt de rente voor de lening direct aan de bank.

Hier liegt het Nederlandse onderzoek niet om, de kunstkoopregeling is een performant instrument om de participatie te verhogen. Naar een museum trekken is één ding, maar dagdagelijks met kunst geconfronteerd worden in je woonomgeving heeft een veel grotere invloed op je perceptie en appreciatie van kunst. De regeling heeft in Nederland zijn succes bewezen. De cijfers tonen dit aan: met een investering van 850.000 euro per jaar wordt er voor 11 miljoen euro aan kunst verkocht. Uit bevragingen blijkt ook dat meer dan de helft van de kopers het kunstwerk zonder de regeling niet had kunnen kopen.

Een studie van het Mondriaanfonds werpt een licht op het profiel van de aankopers van kunst via de kunstkoopregeling: Sinds 1997 maakten meer dan 43.000 kopers gebruik van de KunstKoop en kochten voor ruim 134 miljoen euro aan kunstwerken. Per maand doen ruim 110 kunstkopers een aankoop met gebruik van de KunstKoop. Dit betekent op jaarbasis dat 1.300 kopers voor ruim 5 miljoen euro aan kunstwerken aankopen tegen een investering van € 386.250 aan betaalde rente door het Mondriaan Fonds.

In 2010 had 56% van de KunstKopers geen kunstwerk aangeschaft als de regeling niet had bestaan.  Gebruikers van de KunstKoop zijn jonger dan kopers van kunst zonder de KunstKoop: het merendeel is tussen de 35 en 54 jaar. .Slechts 46,8% van de KunstKopers is hoogopgeleid en het merendeel van KunstKopers heeft een (beneden) modaal inkomen.

Na een stijging tussen 2006 en 2010 is het aantal gebruikers van de KunstKoop regeling nu stabiel gebleven. Frequente kopers en verzamelaars maken vaker dan gemiddeld gebruik van de regeling. In 2014 zien we een lichte daling ten opzichte van 2010 van alle kunstkopers die  de KunstKoop regeling bij een volgende aankoop overwegen: van 74% naar 69%. Maar nog altijd maakt ongeveer de helft van de kunstkopers gebruik van de KunstKoop regeling, een derde zelfs meerdere keren.

Men is de afgelopen jaren minder vaak gebruik gaan maken van een financieringsregeling om kunst te kopen (30% versus 33% in 2010). Voor de toekomst verwacht men ongeveer even vaak gebruik te gaan maken van een financieringsregeling. Er is echter ook een vrij grote groep (36%) die verwacht minder gebruik te gaan maken van financieringsregelingen. . Redenen om geen gebruik te maken van de regeling zijn dat men liever geen geld leent en/of dat men geen financiële ondersteuning nodig heeft. De kunstmarkt heeft te lijden onder de economische laagconjunctuur en dat heeft ook zijn weerslag op het gebruiken en overwegen van financiële regelingen zoals de KunstKoop regeling.

 

Voorstel van decreet van Yamila Idrissi houdende een Vlaamse kunstkoopregeling

 

TOELICHTING

 

Dames en heren,

 

Met de kunstkoopregeling kunnen particulieren op afbetaling een kunstwerk kopen bij een aantal geselecteerde galeries zonder dat zij rente hoeven te betalen.

 

In Nederland bestaat dit reeds en kent het een groot succes. De Mondriaan Stichting - een nonprofitorganisatie/steunpunt/belangenorganisatie die kunst promoot in Nederland - heeft hiervoor een overeenkomst afgesloten met Fortis Bank waardoor particulieren een renteloze lening kunnen aanvragen voor de aanschaf van beeldende kunst bij een aantal geselecteerde galeries. De Mondriaan Stichting vergoedt de rente die voor de lening verschuldigd is direct aan de bank. De particuliere koper kan hierdoor op afbetaling een kunstwerk kopen zonder rente te betalen.

 

Een Vlaamse kunstkoopregeling is een uiterst handig instrument om met weinig middelen een grote impuls te geven op het vlak van participatie, het versterken van de markt en van de economische situatie van (vooral jonge) kunstenaars.

Daarnaast zorgt een bloeiende kunstmarkt met een grote participatie ook een groter draagvlak voor de beeldende kunsten in het algemeen. Wie dagdagelijks met kunst wordt geconfronteerd in zijn eigen leefomgeving of bij vrienden en kennissen, zal sneller over kunst praten, interesse krijgen en vaker tentoonstellingen bezoeken. Wie vaak met kunst geconfronteerd wordt leert ook met een open, kritische geest te kijken en wordt zelf gestimuleerd om creatief te zijn. We mogen de voordelen van de KunstKoop om al deze redenen niet onderschatten.

 

De Kunstkoopregeling dient verschillende doelstellingen, waarvan de belangrijkste zijn:

-de participatie verhogen & het klimaat voor kunst- en cultuurbeleving verbeteren

-de markt versterken

-de economische situatie van de kunstenaars verbeteren.

 

  1. De participatie verhogen

 

Hier liegt het Nederlandse onderzoek niet om, de KunstKoopregeling is een performant instrument om de participatie te verhogen. Naar een museum trekken is één ding, maar dagdagelijks met kunst geconfronteerd worden in je woonomgeving heeft een veel grotere invloed op je perceptie en appreciatie van kunst.

 

Enkele cijfers uit Nederland op een rij:

  • 56% van de KunstKopers had geen kunstwerk aangeschaft als de regeling niet had bestaan
  • Slechts 46,8% van de KunstKopers is hoogopgeleid
  • Het merendeel van KunstKopers heeft een (beneden) modaal inkomen
  • Het merendeel van de KunstKopers is tussen de 35 en 54 jaar. Gebruikers van de KunstKoop zijn jonger dan kopers van kunst zonder de KunstKoop.

 

 

  1. De markt versterken

 

De regeling heeft in Nederland zijn succes bewezen. De cijfers tonen dit aan: met een investering van 850.000 euro per jaar wordt er voor 11 miljoen euro aan kunst verkocht. Uit bevragingen blijkt ook dat  meer dan de helft van de kopers het kunstwerk zonder de regeling niet had kunnen kopen.

 

 

  1. De economische situatie van de kunstenaars verbeteren

 

Gezien 56% van de gebruikers van de KunstKoop zegt dat ze geen kunstwerk hadden aangeschaft zonder de KunstKoop en daarnaast 41% er een extra werk mee koopt gaan we er van uit dat 97% van de aankopen niet zouden gebeurd zijn zonder de KunstKoop!

 

Elke euro besteed aan de KunstKoop brengt zo 12 euro op voor kunstenaars en galeries!

 

Welke kunstenaars genieten van deze extra injectie aan middelen?

  • in 2005 werd in Nederland werk van 1121 kunstenaars betaald met de KunstKoop.
  • De KunstKoop bedient een eigen segment kunstenaars. Ze zijn bovendien gemiddeld jonger dan kunstenaars die gebruik maken van andere vormen van staatsteun.
  • De kunstenaars die het meest worden aangekocht met de KunstKoop zijn wel goed vertegenwoordigd bij museale aankopen en opdrachten.

 

Ook in het vernieuwde Kunstendecreet komen de voordelen van de Kunstkoopregeling ter sprake: “Het is positief dat de positie van de individuele kunstenaar aanzienlijk wordt versterkt en dat er aandacht is voor de verschillende aspecten van het artistieke proces” (Josine De Roover, NICC) Voorstel is om bij Flanders Art vooral die zaken onder te brengen die te maken hebben met het naar buiten brengen van het werk, bijvoorbeeld reis-en verblijfskosten en de galerieregeling. Een mogelijk nieuw instrument dat ook bij Flanders Art kan worden ondergebracht is een soort van kunstkoopregeling. Hiermee zou men minder bemiddelde burgers die van kunst houden een goedkope lening willen laten aangaan om kunst te kopen. Ook de creatieopdrachten zouden eventueel in Flanders Art kunnen worden ondergebracht. Bij dergelijke opdrachten is er een opdrachtgever die de kunstenaar uitnodigt om een werk te maken.”(Dirk De Wit, BAM)

 

 

Commentaar bij de artikelen

 

Artikel 1

 

Dit artikel behoeft geen commentaar.

 

Artikel 2

 

De rente wordt door de subsidieverstrekker rechtstreeks aan de kredietinstelling verstrekt.

 

Artikel 3

 

Deze kredietwaardigheid wordt onderzocht door de kredietinstelling waar de koper zijn aanvraag indient.

 

Artikel 4

 

Bedoeling is om de kunstparticipatie in Vlaanderen te vergroten.

 

Artikel 5

 

5.2 Door derden verhandelde kunstwerken (kunsthandel en veilingen) mogen niet met de KunstKoop worden gekocht.

5.5 Bedoeling is om kunst betaalbaar te houden, vandaar deze bovengrens.

 

 

Artikel 6

 

Een 'kortingssysteem' met extra stimuli moet mogelijk zijn : vb Houders van een Cultureel Jongeren Paspoort kunnen al vanaf € 150 een KunstKooplening afsluiten.

 

Artikel 7

 

Verder zijn wij voorstander van zo weinig mogelijk extra voorwaarden.

 

Artikel 8

 

Bij de aanvraag van een galerie voor een erkenning voor de KunstKoop kan men vragen dat een lijst wordt toegevoegd met de door de galerie vertegenwoordigde kunstenaars.

 

Artikel 9

 

om de uitgaven te kunnen controleren en de spreiding van de middelen te waarborgen.

 

Artikel 10

 

dus diegenen die kunnen aantonen dat zij daadwerkelijk promotie voeren voor de door hen vertegenwoordigde kunstenaars. Dit kan door het aantonen van hun tentoonstellingsbeleid, waar de door hen vertegenwoordigde kunstenaars periodiek in terug komen en/of door het drukken van uitnodigingsmateriaal, het meewerken aan publicaties, het uitgeven van monografieën, het organiseren van lezingen en uitwisselingen en het verzorgen van presentaties tijdens kunstbeurzen en dergelijke.

 

In Nederland voorziet men naast deze objectieve criteria ook een kwalitatieve beoordeling. Indien men dit in Vlaanderen wil invoeren moet deze kwalitatieve beoordeling gebeuren door een commissie van experts: galeriehouders, verzamelaars en kunstenaars. Gezien deze ook de belangrijkste spelers zijn in de KunstKoop moet aan de objectieve criteria toch ook enig gewicht toegekend worden.

 

Artikel 11

 

De galerie vergoedt de rente aan de kredietinstelling.

 

Artikel 12

 

In Nederland heeft men de Mondriaanstichting deze opdracht gegeven. Zoals reeds gezegd lijkt het ons nodig om voor een eventuele kwalitatieve beoordeling een commissie van experts met galeriehouders, verzamelaars en kunstenaars in het leven te roepen. De verdere uitvoering met het toetsen van de objectieve criteria kan echter uitgevoerd worden door het Agentschap Kunsten en Erfgoed. Het Agentschap kan hierbij de delegatie krijgen om de        middelen die zijn voorzien door te storten naar de kredietinstelling. Er is uiteraard ook de mogelijkheid om hiervoor een EVA of Fonds op te richten, maar dit creëert volgens ons veel overhead voor 1 reglement.

 

Artikel 13

 

In Nederland is Fortis degene die de leningen toestaat aan de kopers. In Vlaanderen is er echter een mogelijkheid om dit bij Cultuurinvest onder te brengen. Doordat de rente gesubsidieerd wordt door de Vlaamse Overheid kan dit rollend fonds op deze manier een vrij risicoloze extra activiteit uitbouwen.

Of dit een betere optie is dan een bank moet echter door experts op financieel vlak onderzocht worden.

 

 

Voorstel van decreet

 

Titel I Algemene bepalingen

 

Artikel 1

 

Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegendheid.

 

Artikel 2

 

De regeling Kunstkoop betekent dat een koper kan op afbetaling een kunstwerk kopen bij een aantal geselecteerde galeries zonder dat hij rente hoeft te betalen.

 

Titel II De koper

 

Artikel 3

 

De koper moet kredietwaardig zijn.

 

Artikel 4

 

De koper moet in Vlaanderen gedomicilieerd zijn.

 

Titel III Het kunstwerk

 

Artikel 5

 

Kunstwerken die met de Kunstkoop worden aangekocht moeten aan enkele voorwaarden voldoen;

 

1     Kunstwerken van nog levende kunstenaars die gemaakt zijn na 1945.

2     Het kunstwerk moet worden gekocht bij een van de erkende galeries en is rechtstreeks van de kunstenaar afkomstig.

3     In serie vervaardigde kunstwerken komen alleen in aanmerking voor financiering als de oplage niet groter is dan 60 en de werken zijn gesigneerd en genummerd.

4     Een KunstKooplening kan worden gekregen voor kunstwerken met een minimumprijs van € 450.

5     Er is geen maximumprijs voor een kunstwerk, maar het uiterste bedrag dat gefinancierd kan worden is € 7.000.

 

Artikel 6

 

Afwijkingen op de voorwaarden van art. 5 kunnen door de Vlaamse regering worden bepaald.

 

Titel IV De kunstenaar

 

Artikel 7

 

De Kunstenaar mag niet overleden zijn.

 

Artikel 8

 

De kunstenaar moet ook door de galerie waar het werk gekocht wordt vertegenwoordigd en gepromoot worden.

 

Titel V De galerie

 

Artikel 9

 

Om met de Kunstkoop te kunnen werken moeten galeries een aanvraag indienen tot erkenning bij het Agentschap Kunsten en Erfgoed. Deze aanvraag moet tweejaarlijks hernieuwd worden.

 

Artikel 10

 

Enkel promotiegaleries kunnen een erkenning krijgen voor de KunstKoop. De galeries voeren promotie voor de door hen vertegenwoordigde kunstenaars.

 

 

Artikel 11

 

Bij erkenning wordt hen een rentebudget toegekend waarbinnen zij de regeling Kunstkoop kunnen toestaan.

 

 

Titel VI De subsidie-verstrekker

 

Artikel 12

 

Het Agentschap Kunsten en Erfgoed verzorgt de selectie van de galeries en stort de middelen door naar de kredietinstelling die verantwoordelijk is voor het aanvaarden van de leningen.

 

 

Titel VII De kredietinstelling

 

Artikel 13

 

De kredietinstelling wordt bepaald door de Vlaamse regering.

 

YAMILA IDRISSI