Begin deze maand werd ik door het provinciaal congres van sp.a aangeduid als kandidaat voor de provinciale verkiezingen. Felicitaties. Succeswensen. En toen die wegebden, bleven enkel nog een heel pak aangespoelde vragen: “De provincie? Bestaat dat nog? En wat kan je daar doen? Is dat niet een lege doos geworden?”


Die vragen zijn begrijpelijk omdat het provinciaal bestuursniveau door heel wat politici openlijk in vraag wordt gesteld. Te afstandelijk, te onbekend en te duur. Sommigen noemen de provincies (waar hun collega’s vaak actief in zijn) totaal overbodig. Plots wordt veel belang gehecht aan ‘lokale autonomie’. Dat is politiek jargon om te zeggen dat de steden en gemeenten maar zelf die taken moeten overpakken. Soms met de bijhorende financiering, maar al te vaak ook zonder.

En wat doen de steden met de verworven lokale autonomie. Ze richten een pak nieuwe intercommunales op omdat ze die taken niet alleen aankunnen. U weet wel, die weinig transparante constructies die in de publieke opinie onder vuur worden genomen omdat de vergaderingen niet publiek toegankelijk zijn en men soms geen zicht meer  heeft op wie er wat verdient voor welke taken. Ze zijn te afstandelijk, te onbekend en te duur luidt de kritiek die een echo lijkt van de aanval op de provincies.


Kiezen we voor een kluwen van weinig transparante en niet op elkaar afgestemde intercommunales? Of gaan we voluit voor een duidelijk afgebakend overkoepelend niveau?


Laat ons eerlijk zijn. Bijna alle Vlaamse steden en gemeenten zijn te klein om op zichzelf de uitdagingen aan te gaan met betrekking tot klimaat, mobiliteit, ruimtelijke planning en lokale economie. Tegelijk ervaren ze weinig ondersteuning van het Vlaams of Federaal niveau dat te snel abstractie maakt van specifieke regio’s. Fusies van steden en gemeenten zouden een oplossing kunnen zijn, maar daarvoor ontbreekt momenteel de politieke wil.

Wat doen we dan? Kiezen we voor een kluwen van weinig transparante en niet op elkaar afgestemde intercommunales? Of gaan we voluit voor een duidelijk afgebakend overkoepelend niveau waarvan we de vertegenwoordigers zelf kunnen aanstellen en waarvan we de vergadering kunnen bijwonen?

Ik heb mijn keuze gemaakt. Nu is het aan u.