Fouad Ahidar (sp.a) eist met onmiddellijke ingang de oprichting van een permanente coördinatiecel en de garantie dat niemand in Brussel de nacht moet doorbrengen op straat

Vorig jaar nog riep ontslagnemend premier Yves Leterme de burgers op hulp te bieden aan mensen in nood omdat zijn kwakkelende regering het gebrek aan winteropvang voor asielzoekers niet had zien aankomen. Eén jaar later zegt zijn partijgenoot Brigitte Grouwels1, in Brussel bevoegd voor bijstand aan personen, dat ze hoopt op een zachte winter omdat er alweer plaatsen tekort zijn in de winteropvang. Fouad Ahidar (sp.a): “Het cynisme van deze uitspraken is ongepast. Vooral omdat de federale en de Brusselse regering de kans hebben gemist tijdens de zomermaanden oplossingen te bieden voor deze winter, om de noodsituatie van vorig jaar te vermijden. Vandaag zien we dat er niets is gebeurd. Ik eis samen met mijn fractie dat er met onmiddellijke ingang een permanente coördinatiecel wordt opgericht en dat vanaf vandaag gegarandeerd wordt dat niemand in Brussel, geen dakloze, geen asielzoeker, geen illegaal, geen kandidaatvluchteling, de nacht moet doorbrengen op straat.”  

Vandaag raakt bekend dat de VNvluchtelingenorganisatie UNHCR de asielcrisis onaanvaardbaar vindt en dat de federale regering te laat is met oplossingen. Maar daklozenorganisaties zeggen al jaren dat het federaal niveau, Fedasil, het gewestelijk niveau GGC, de OCMW’s, de gemeenten niet gecoördineerd tewerk gaan en dat dit een groot probleem is. Ministers Grouwels en Huytebroeck, bevoegd in Brussel voor nachtopvang, hebben deze zomer zelfs een colloquium georganiseerd waar deze conclusie op tafel lag. Toch is er geen beleid gevoerd om oplossingen te bieden.

Fouad Ahidar: “De Association des Maisons d’Accueil et des Services d’Aide aux Sansabri
hebben hiervoor al lang geleden gewaarschuwd, evenals de administratie van de
GGC in het Brussels armoederapport. Toch slagen de ministers erin zich te laten
verrassen. Nu de VN tussenbeide komt is er plots een noodvergadering. Waarom
moet het zo ver komen?”

Een triest dieptepunt in deze crisis is het doorschuiven van de
verantwoordelijkheid van het ene niveau naar het andere. Ahidar: “Het
onderscheid tussen een ‘echte Brusselse dakloze’, een asielzoeker, een kandidaat
vluchteling
of een illegaal is misschien relevant voor het beleid. Maar op straat is het
voor iedereen even koud. Ik eis de oprichting van een permanente coördinatiecel
evenals de garantie dat niemand in Brussel de nacht moet doorbrengen op straat.”

Fouad Ahidar • Brussels sp.aparlementslid