De uitspraken van Mark Demesmaeker over het Europees plan tegen homofobie (DM 6/2) baren mij zorgen. In Frankrijk verzamelde zich de afgelopen weken een bondgenootschap van extreem rechts en extreem religieus in een gemeenschappelijk protest tegen alle zieke Fransen die afweken van hun eigen seksuele en maatschappelijke normen. Wie dacht dat seksuele vrijheid en diversiteit 45 jaar na mei '68 voor altijd verworven was, wordt vandaag wakker met een kater. En, toegegeven, met enige angst.

Er worden in Europa onzichtbare muren gebouwd in de hoofden van zij die straks de toekomst van Europa moeten dragen: onze jongeren

Onzichtbare muur

Terwijl de wereld steeds kleiner wordt en steeds meer grenzen opengaan of verdwijnen, ontstaan er, vooral in de steden van Europa, steeds scherpere sociale grenzen, tussen wie kansen heeft en wie die niet heeft. En steeds scherpere ethische grenzen, tussen wie opkomt voor verworven (West-)Europese vrijheden, en diegene die die vrijheden 50 jaar willen terugschroeven. Net zoals Amerikaanse predikanten het hoofd van Oegandese kinderen volproppen met haat, worden in Europa onzichtbare muren gebouwd in de hoofden van zij die straks de toekomst van Europa moeten dragen. Onze jongeren. We lezen dat in onderzoeken over hoe ze denken, we ervaren dat aan den lijve in de straten van onze steden, we zien dat in de beelden van protestmanifestaties in Parijs. Zij lopen met ogen open in de val van wat de Fransen zo mooi een repli identitaire noemen. Of in die van het terugplooien op een perceptie van het verleden. Wat au fond hetzelfde is. Het is een fenomeen dat zichtbaarder en hoorbaarder wordt in Parijs, Athene, Londen. Het is dan ook evident dat Europa zijn eigen geschiedenis, zijn eigen gedeelde waarden van vrijheid, gelijkheid en verdraagzaamheid, zo moeizaam opgebouwd na 45, in resoluties wil verankeren. Europa herinnerde zijn lidstaten er zo de afgelopen tien jaar aan dat discriminatie van vrouwen, of van Roma's, niet thuishoorde in Europa. Dat doet Europa nu ook met discriminatie van en haat tegen homo's, lesbiennes of transgenders. Evident. Voor mij althans. Dat er Europese fracties zijn of Europese parlementsleden in sommige fracties die daar tegen stemmen of zich onthouden, bewijst dat die onzichtbare muur in het hoofd van radicaliserende groepen, ook stilaan door het Europese halfrond loopt.

Falen van Europa

Dat de financiële crisis een economische crisis zou baren, was onvermijdelijk. Dat we er niet in slagen om te vermijden dat die economische crisis ook een ongeziene sociale crisis veroorzaakt binnen en tussen lidstaten, daar kan een Europa dat niet alleen sanctioneert maar ook herverdeelt, wel iets aan doen. Dat die sociale crisis stilaan een crisis van de samenleven zelf wordt, dat wijst stilaan op het falen van Europa. Een falen, veroorzaakt door zij die twijfelen aan de redenen waarom dat Europa na 1945 opgebouwd is, steen voor steen. In 2003 werd Duitsland de zieke man van Europa genoemd. Zeven jaar later werd België door een Vlaamse partijvoorzitter in een Duits weekblad, overigens ten onrechte, de zieke man van Europa genoemd. Het ging toen over economie. De zieke man van Europa, dat is voor mij niet in de eerste plaats die lidstaat die zich niet wil of kan houden aan het budgettair-economische dwangbuis van Europa. De zieke man van Europa, dat is voor mij die state of mind die Europese solidariteit verengt tot begrotingsnormen, en vindt dat de discussie over ethische normen gevoerd moet worden op de grond van elke (deel)staat. Het is mij een raadsel hoe je dat rijmt op die grond waar 100 jaar geleden de Groote Oorlog uitgevochten werd.