Dirk Van der Maelen staat niet bepaald bekend als een tafelspringer, maar dat betekent niet dat hij de fouten die zijn partij in het verleden heeft gemaakt onder de mat zou vegen. 'We hebben in de regering toegevingen gedaan die ons zwaar zijn aangerekend, zoals de fiscale amnestie. En we zijn onze achterban uit het oog verloren.'

Om de kritiek te counteren dat ze als nieuwe voorzitter de handpop wordt van een uittredende partijtop die de militanten te lang heeft verwaarloosd, koos Caroline Gennez een running mate die gepokt en gemazeld is in de lokale partijwerking. Op zijn weg van Geraardsbergen naar Brussel doorliep Dirk Van der Maelen zowat alle geledingen van de partij, van het lokale bestuur van de jongsocialisten tot lokaal voorzitter, van gemeenteraadslid tot Kamerfractieleider. Zelfs de critici van sp.a Rood reageerden tevreden op zijn kandidatuur. Tot hij en Gennez hun programma voorstelden. "Ze hebben helemaal niets geleerd uit 10 juni", vindt tegenkandidaat Erik De Bruyn. "Hij vergist zich", repliceert Van der Maelen droogjes. "Caroline en ik krijgen heel wat reacties. De meeste zijn positief, precies omdat we de vaststelling doen dat er een verwijdering was tussen de top en de basis, en dat wij voorstellen doen om die te overbruggen."

De sp.a zou niet alleen het contact met de basis van de partij, maar ook met de klassieke achterban zijn verloren. Wie is dat eigenlijk?

Dirk Van der Maelen: "Er zijn mensen, vooral hoogopgeleiden, die het socialisme genegen zijn vanuit rationele overwegingen. Neem mezelf: ik ben wel een stamboomsocialist, maar ik heb de stap naar de actieve politiek gezet op basis van de vaststelling dat de partij erg begaan was met Noord-Zuidthema's en actief was in de vredesbeweging. Daarnaast hebben we een meer traditionele achterban, mensen die vaak om emotionele redenen voor de sp.a kiezen omdat de partij altijd hun materiële belangen heeft behartigd. De nieuwe partijleiding moet die twee verbinden door zowel aandacht te hebben voor thema's die intellectuelen aanspreken als door op te komen voor de onderste 60 procent van de samenleving."

Is die tweede groep niet definitief weg naar andere partijen?
"Het is onze grote uitdaging hen terug te halen. Tijdens de campagne ben ik heel Oost-Vlaanderen door gefietst. In een warenhuis hoor ik een kassierster zeggen dat ze voor Dedecker stemt. Wel, aan die mensen moeten wij uitleggen dat Dedecker een compleet foute keuze is. Zijn vlaktaks zou haar tachtig euro opleveren, terwijl de hoogste inkomens er elk jaar ruim 8.000 euro aan winnen. Bovendien kost dat voorstel zoveel geld dat je noodgedwongen moet snoeien in de gemeenschapsvoorzieningen, die net de lagere inkomens het hardst nodig hebben. Zij betalen dus twee keer. Die kassierster zal meteen begrijpen dat Dedecker niet bepaald háár belangen verdedigt: het is de fiscale rechtvaardigheid op zijn kop.

"Tegelijk moeten wij haar voldoende duidelijk maken dat wij wél bezig zijn met haar problemen. Daarom willen Caroline en ik vertrekken vanuit een reeks heel concrete vragen die mensen zich stellen: 'Wat als ik ziek word?', 'Ga ik morgen nog een pensioen krijgen?', 'Vindt mijn zoon wel een job?'... Dat moeten we uitwerken en proberen over te brengen."

Er zijn al pagina's volgeschreven over 10 juni. Wat is er volgens u fout gegaan?
"De slijtage, na twintig jaar in de regering, zal wel een deel van de verklaring zijn. In de rood-blauwe regering hebben we toegevingen gedaan die ons zwaar zijn aangerekend, zoals de fiscale amnestie. En we zijn onze achterban een beetje uit het oog verloren, waardoor we tijdens de campagne minder dan anders konden rekenen op gemotiveerde medewerkers."

Merkt u dat op het terrein?
"Ik ben door dorpen gefietst waar er zelfs op de gemeentelijke aanplakborden geen affiches van sp.a hingen. Ik ben vast van plan om als ondervoorzitter veel tijd te investeren in de dynamisering van onze plaatselijke partijwerking, met veel aandacht voor een zo professioneel mogelijke en geïnspireerde leiding op plaatselijk vlak. Ook vorming en opleiding voor lokale mandatarissen worden cruciaal, want daar ligt de kweekvijver voor nationaal politiek talent. Dat is de enige garantie op politiek personeel dat dicht bij de mensen staat."

De boegbeelden zijn de afgelopen jaren te vaak van bovenaf in de partij gedropt?
"Als je iemand tegenkomt die socialistisch denkt en waardevol kan zijn voor de partij moet je die niet links laten liggen omdat hij niet alle geledingen heeft doorlopen. Een wit konijn als Patrick Janssens, die van de sp.a de grootste partij maakt in zijn stad, is altijd welkom. Maar de regel moet zijn dat je je politiek personeel uit de eigen, lokale kweekschool haalt."

De partij moet alle taboes loslaten, vinden jullie. Hebt u ooit zelf het gevoel gehad dat u uw ei niet kwijt kon in het partijbureau?

"De enige reden waarom ik me in het partijbureau ooit heb ingehouden, was uit schrik dat het 's anderendaags in de krant zou staan. Maar er waren altijd cenakels waar ik wel vertrouwen in had, zoals de fractievergadering. Daar kon ik mijn ei altijd kwijt, net zoals in persoonlijke gesprekken met de voorzitter.

"Dat neemt niet weg dat we een thema als veiligheid veel te lang hebben laten liggen. We moeten de angst voor het debat achter ons laten. De dagelijkse problemen die met onveiligheid te maken hebben situeren zich in 'onze' wijken, daar waar de mensen sociologisch gesproken voor ons zouden moeten kiezen. Maar wij hebben er geen antwoord op gegeven. We hebben in Brussel wel mensen die het probleem theoretisch benaderen. Maar daar zijn de mensen in die wijken op korte termijn niet mee gediend. Burgemeesters als Freddy Willockx, Patrick Janssens of Louis Tobback hebben wel praktijkoplossingen gezocht. Wel, de sp.a zal volgens Caroline en mij hun ervaringen moeten benutten om een debat te voeden dat moet leiden naar een nieuwe visie op veiligheid. We willen het debat aangaan en meer ideeën van de basis naar Brussel laten stromen."

Je kunt Janssens of Tobback bezwaarlijk 'de basis' noemen.
"Zij hebben het wel op het terrein gedaan. Een partij mag geen theoretische groep zijn die boven de hoofden van de mensen uit de praktijk een ideaal programma schrijft. Het ideaal moet blijven bestaan, maar je mag de acute noden niet onbeantwoord laten."

De kritiek dat de professoren de partij te eenzijdig vanuit de theorie hebben geleid, klopt dus.
"Je kunt twee fouten maken: alleen op de professoren steunen, of alleen naar de vox populi luisteren. Een verstandige partij combineert de twee. Wat leefde aan de basis stroomde niet meer door naar boven. Daarom willen we de provinciale voorzitters opnemen in het partijbureau. Zij moeten luisteren naar hun afdelingen en wat daar leeft overbrengen aan de partijleiding in Brussel."

Waarom is die analyse niet eerder gemaakt? U en Gennez zitten al langer op verantwoordelijke posten.
"Ik had het totaal niet zien aankomen. Gelukkig leven we in een democratie en geeft de kiezer op gezette tijdstippen signalen. Wij kunnen die signalen deze keer moeilijk positief noemen. Met onze intentieverklaring geven we er een reactie op."

Heeft Vande Lanotte een fout gemaakt door zelf Gennez naar voor te schuiven? Meer van hetzelfde, denkt men dan.
"Dat was niet verstandig. De partij was sowieso bij Gennez uitgekomen, maar die fout maakt het voor haar niet makkelijker. Ik zou iedereen willen vragen haar kandidatuur niet te beoordelen op de procedurefout van iemand anders. Wij willen afgerekend worden op ons programma."

Daarin valt op dat jullie een nieuw begrippenkader introduceren. Geen 'gelijke kansen' meer, en ook nauwelijks nog 'gratis'. Wel 'zekerheid' en 'vrijheid'.
"Zekerheid en vrijheid zijn twee heel socialistische begrippen. Als de partij de voorbije eeuw één doel heeft gehad, dan is het wel de mensen de zekerheid geven op een waardig leven. Bij die constante in het socialistische denken willen we aansluiten. Maar ook vrijheid is er één. Socialisme is een emanciperende beweging, die mensen in staat wil stellen om te durven en in volle vrijheid hun leven vorm te geven. 'Ruk de arbeiders hun ketenen af', staat te lezen in oude socialistische teksten."

Was de partij onder Janssens, Stevaert en Vande Lanotte te ver afgedwaald?
"Onze twee doelstellingen kun je via verschillende wegen bereiken. Onder meer via de gelijke kansen van Janssens. Of via gratis of betaalbare gemeenschapsvoorzieningen. Een ander middel is de actieve welvaartsstaat van Frank Vandenbroucke. Dat waren stuk voor stuk waardevolle aanvullingen. Eigenlijk maken Caroline en ik een mooie synthese van een klassieke visie op het socialisme en van recentere ontwikkelingen."

Een van jullie speerpunten wordt fiscale rechtvaardigheid en fraudebestrijding. De dada van de nieuwe ondervoorzitter wordt partijbeleid.
"Het is essentiëler dan dat. Mensen zijn geschoffeerd door de onrechtvaardige manier waarop de fiscaliteit in België verdeeld wordt. De druk ligt te zwaar op inkomsten uit arbeid, niet op kapitaal. Om die reden alleen al moeten socialisten zich daarmee bezighouden. Bovendien heb je geld nodig als je voor gemeenschapsvoorzieningen pleit. En de overheid laat inkomsten liggen: de inkomens uit kapitaal stijgen exponentieel en worden nauwelijks belast."

Dat verhaal zal stukken geloofwaardiger klinken als het niet van een regeringspartij komt. U moet blij zijn met deze oppositiekuur.
"Ik ga de regering constant op die flank aanpakken. Ik heb altijd hetzelfde gezegd, maar we zaten met de liberalen in de regering. Het is het lot van een fractieleider van de meerderheid dat je bij publieke stellingnames altijd rekening moet houden met het feit dat je in een coalitie zit, en dus moet je altijd wat afremmen. Nu ben ik daarvan bevrijd."

Deelt u de analyse van Vande Lanotte dat Vlaanderen Vlaams, of zelfs anti-Waals heeft gestemd?
"Ik ben daar niet zo zeker van. Maar wat de voorbije weken en dagen gebeurt leidt tot ongemeen scherpe opstellingen aan beide kanten van de taalgrens. Mijn vrees is vooral dat CD&V gaat inbinden op het sociale vlak om haar communautaire eisen binnen te halen. Ik begrijp de ongerustheid van Jan Renders van het ACW op dat vlak. Voorts passioneert het communautaire thema mij niet. Ik ken noch de 'Brabançonne', noch de 'Vlaamse Leeuw'. We leven in een federale staat die moet blijven bestaan. Al wat solidariteit, gezondheid en pensioenen betreft moet Belgisch blijven, maar daarbinnen moet ruimte zijn voor sterke deelstaten. En wat dan Belgisch en wat Vlaams geregeld moet worden, hangt alleen af van wat het beste beleid oplevert. De tendens is al veertig jaar om almaar meer bevoegdheden naar de deelniveaus over te hevelen, terwijl dat niet altijd verstandig is. Kijk naar ontwikkelingssamenwerking, waarvoor tegen het advies van alle specialisten in een eerste stap naar een splitsing is gezet. Dat getuigt van dom dogmatisme, niet van goed bestuur."