Onze partij kreeg op 10 juni inderdaad een flinke klap van de kiezer. De voorbije dagen berichtten de media over onze eigen analyse van wat er fout gelopen is op die tiende juni. Opnieuw zijn de hoofdlijnen van deze berichten pessimistisch voor de toekomst van de sociaaldemocratie.

Verschillende auteurs, ook in deze krant, schetsten de voorbije dagen  een beeld van niet alleen een Belgische, maar Europese politieke linkerzijde die balanceert tussen hoop en twijfel. Aanleiding van die analyse is het electorale verlies dat links te verwerken kreeg in België en in andere Europese landen.

Onze partij kreeg op 10 juni inderdaad een flinke klap van de kiezer. De voorbije dagen berichtten de media over onze eigen analyse van wat er fout gelopen is op die tiende juni. Opnieuw zijn de hoofdlijnen van deze berichten pessimistisch voor de toekomst van de sociaaldemocratie.

Het heeft geen zin te ontkennen dat de federale verkiezingsuitslag sp.a verzwakt heeft. Dat is zo en dat is niets ongewoon. De kwetsuren die we hebben opgelopen zijn het gevolg van de harde wetten van de democratie. Toch geloof ik rotsvast dat progressief links, mijn partij dus, strategisch een belangrijke rol blijft spelen in onze maatschappij. Ik ben niet pessimistisch voor de toekomst, wel integendeel. We hebben werk voor de boeg. Maar dat werk zal leiden tot politiek succes, want een linkse progressieve partij blijft maatschappelijke relevant.

Ik heb dit optimisme als kandidaat-voorzitter van sp.a samen met Dirk Van der Maelen, mijn kandidaat ondervoorzitter, trachten te vertalen in mijn intentieverklaring. Als er één idee is dat ik in deze verklaring heb willen uitwerken, dan is het wel het idee dat links nood heeft aan een continue herbronning. Vrij geïnterpreteerd voor sp.a: progressief links hééft een belangrijke plaats in het politieke spectrum en zal die plaats behouden. Maar er is een voorwaarde: we moeten na een lange en vermoeiende periode van beleidsverantwoordelijkheid opnieuw tijd vrijmaken om te luisteren, om vragen te stellen en antwoorden te zoeken. Links moet vervellen, zichzelf opnieuw uitvinden met als basis de ideeën die altijd ons handelsmerk zullen blijven: de zoektocht naar een rechtvaardige, solidaire maatschappij die aan iedereen de kans biedt een gelukkig leven te leiden.

Twee begrippen staan centraal om mijn vertrouwen in de toekomst van een progressieve en slagkrachtige sp.a te ondersteunen. Sp.a moet veel meer aandacht besteden aan en zorgen voor zekerheden in onze wispelturige wereld. We moeten zo iedereen de mogelijkheid bieden om in alle vrijheid een gelukkig leven te kunnen leiden. Dat recht op zekerheid en op vrijheid is voor ons een recht voor alle mensen, niet voor een kleine gelukkige bovenlaag. Het streven naar het recht én kansen op geluk voor iedereen is wat links onderscheidt van rechts.

Deze boodschap is geen simplistische boodschap. Ik ben ervan overtuigd dat ze wervend werkt. Dat deze boodschap hedendaags en relevant is, bewezen nog maar eerder deze week  de uitlatingen van de gedelegeerd bestuurder van het VBO over het in zijn lezing te voeren begrotingsbeleid. Geld besparen in de pensioenen en gezondheidszorg, geld uitgeven voor lastenverlagingen en minder vennootschapsbelastingen. Om misverstanden te vermijden: ik ben niet tegen gezonde en rendabele bedrijven. Wel integendeel. Maar de kromme redenering van het VBO toont aan hoe snel sociale prioriteiten opzij kunnen worden gezet. Tussen al het communautaire vlaggengezwaai van deze dagen vergeet men bovendien iets te snel dat de onderhandelaars van oranje-blauw na 10 juni al een akkoord bereikten om de begrotingsdoelstellingen voor de volgende jaren te verlagen. Gevolg voor de toekomstige gepensioneerden: 4 miljard euro minder pensioenreserves tegen 2011.

Voor ons kan over zulke thema’s geen discussie bestaan. Afdingen op de basisprioriteiten zoals pensioenen en gezondheidszorg is iets wat een moderne linkse partij zich niet kan en mag veroorloven.

Dit betekent niet dat wij doodgewoon een sociale status quo nastreven. Er zullen zaken veranderen in de toekomst, maar onze toetsstenen van de sociale voorzieningen blijven de toegankelijkheid, betaalbaarheid en kwaliteit.

Naast deze traditionele “core business” moet links meer en scherper dan in het verleden nieuwe thema’s durven aansnijden. Veiligheid is zo een thema. Lokaal voeren veel van onze burgemeesters en schepenen al geruime tijd en met succes een links beleid dat veiligheid als een basisrecht voor iedereen verdedigt. We moeten dat beleid de volgende jaren duidelijker doortrekken naar een federaal en regionaal programma. Links mag er geen probleem mee hebben klaar en duidelijk te verkondigen dat we voorstander zijn van een kordaat veiligheidsbeleid zonder dogma’s en taboes. Want veiligheid is een belangrijke gemeenschapsvoorziening.

Andere basisvoorzieningen moeten op een gelijkaardige manier verder uitgebouwd worden. Een gezonde leefomgeving, betaalbare energie en toegang tot moderne communicatie zijn voorbeelden van voorzieningen die relatief nieuw en/of steeds belangrijker worden. Opnieuw is de promotie van deze voorzieningen een opdracht bij uitstek van progressief links.

België, en met België Vlaanderen, is de voorbije 50 jaar enorm veranderd. Niets laat veronderstellen dat dit veranderingsproces de volgende decennia minder snel zal verlopen. Een aspect van dit proces, onze communautaire dossiers, krijgt deze dagen door de aard van de formatiegesprekken bijzonder veel aandacht.

Laat ik eerst zeggen dat dit schouwspel van de voorbije weken niet ons schouwspel is. Stemmingmakerij in de communautaire discussie is niet aan ons besteed. Voor ons zal een staatshervorming nooit een doel op zich maar altijd een middel blijven om een beter beleid te kunnen voeren. Maar het dossier ligt op tafel en het is een belangrijk dossier. En dus moet een toekomstgerichte linkse partij een duidelijk standpunt durven innemen. Ik wil trouwens nog even herhalen dat sp.a één van de enige politieke formaties is die bij alle staatshervormingen tot heden betrokken was.

Wij zeggen dan ook heel duidelijk dat de keuze voor ons niet een keuze tussen België en Vlaanderen is. Wij zien een toekomst voor België met een duidelijke federale structuur en een sterk federaal beleid. Wij zien tegelijk een toekomst voor een sterk en zelfbewust, maar redelijk Vlaanderen. Elementaire beleidsopdrachten, zoals de verzekering van de solidariteit en de organisatie van pensioenen en gezondheidszorg, dienen op dat federale niveau behouden te blijven.  De samenwerking tussen dat federale niveau en het regionale niveau moet bovendien gebaseerd zijn op overleg en niet op het conflictmodel zoals dat de voorbije maanden en weken door sommigen aan beide zijden van de taalgrens gepromoot werd.

Ik ben begonnen met de vaststelling dat sp.a moet vervellen. Vragen stellen en linkse antwoorden zoeken: dat is onze opdracht de volgende maanden en jaren. Als we die opdracht tot een goed einde brengen dan ben ik overtuigd dat de pessimistische geluiden die deze dagen over de toekomst van links en sp.a in het bijzonder te horen vallen, ten onrechte zullen zijn. De linkse partij die ik wil voorzitten, zal en moet een partij van vlees en bloed zijn. Sommigen vinden het al nodig om met deze omschrijving te spotten. Ze doen maar. Ik zal niet diep beschaamd, kop in de schouders, starend naar mijn schoenpunten wachten tot de bui overwaait. Ik weet zeker dat we met een open linkse partij, herkenbaar menselijk, op relatief korte termijn zullen slagen in wat velen nu onmogelijk achten: klaarstaan met een nieuw links verhaal. Redelijk als het kan, onredelijk als het moet maar nooit onverschillig.”

Caroline Gennez, kandidaat-voorzitter sp.a