Net als zijn collega’s is Joris Vandenbroucke diep aangeslagen door de terreuraanslagen in Parijs. “Dat huiveringwekkende half uur, op vrijdagavond tussen 21.20u en 21.53u, laat zien hoe kwetsbaar onze manier van leven is, en hoe snel alles kan veranderen in een stad.” Toch zag Vandenbroucke de volgende dagen ook een positiever kant. “Er kwamen verhalen boven over al de mensen die hun gewonde of stervende medemensen te hulp schoten, en steun en onderdak boden waar ze maar konden… De supporters van het Engelse voetbalteam leerden de afgelopen dagen zelfs naarstig de tekst van de Marseillaise uit het hoofd, om samen met de aanhangers van hun Franse tegenstanders gisteravond in het Wembleystadion het Franse volkslied te kunnen zingen. Het is nog nooit vertoond.”

Volgens Vandenbroucke toont dat aan hoe we op de terreur en haar dreiging moeten reageren. “Zonder paniek. Zonder de tegenstellingen op te zoeken. Zonder de onrust en angst uit te buiten voor politiek gewin. Nooit werd na een aanslag zo duidelijk dat vandaag iedereen die geen extremist is, verenigd is tegen de fanatici van IS. Dat is zo in Parijs, in Antwerpen, in Molenbeek en in de hele wereld. Het is dan ook onze plicht als politici om mensen te verenigen rond het doel van een vreedzame en vrije samenleving. Want alleen een hechte samenleving kan vrij zijn, maar een samenleving kan ook maar vrij zijn als ze veilig is.”

Vlaanderen kan een belangrijke rol spelen om de veiligheid te verbeteren, zegt Vandenbroucke. “Na de aanslagen op Charlie Hebdo keurde het Vlaams Parlement eensgezind 55 maatregelen goed voor de bestrijding van radicalisering. We zijn nu 11 maanden verder en we zijn afgelopen vrijdag nogmaals met de neus op de feiten gedrukt. Laat ons nu snel uitvoeren wat we beslist hebben.”