Bij een bezoek aan de St-Pieter en St-Guido school in Anderlecht in het kader van de 'Week tegen Pesten' wijst Fouad Ahidar erop dat pesten het hele jaar door moet aangepakt worden. “Want er zijn nog altijd teveel jongeren die gepest worden.” Hij pleit dan ook voor een gecoördineerd beleid tegen pesten.

De cijfers over pesten zijn ronduit hallucinant. 1 op de 20 tien- tot achttienjarigen geeft aan minstens 1 keer per week gepest te zijn. Drie procent van de jongeren wordt meerdere keren per week gepest. Meer dan 34500 jongeren worden elke week gepest.

"Een week tegen pesten is daarom een lovenswaardig initiatief, dat pesten opnieuw onder de aandacht brengt”, zegt Fouad Ahidar. ”Maar een week is niet genoeg. Pesten moet altijd onder de aandacht blijven. Vanaf het begin van het schooljaar moeten scholen dit probleem aanpakken.".

Ahidar, die zelf jarenlang gepest werd, vindt dat er een gecoördineerd beleid rond pesten moet komen. Een beleid dat ook aandacht besteedt aan cyberpesten. "Ik ben zelf jaren gepest, maar cyberpesten is misschien nog erger dan wat ik heb meegemaakt, omdat je het zo moeilijk kan controleren. Dit terwijl pesten verregaande gevolgen heeft, zowel voor jongeren die gepest worden als voor pestkoppen.” 

Vorig jaar organiseerde Ahidar een evenement rond pesten. Experts deden toen een aantal aanbevelingen.  Zo mag je als volwassene het probleem niet weglachen en minimaliseren. "Het is belangrijk dat je luistert naar het verhaal van diegene die werd gepest. Ik weet waar ik over spreek. Nog erger dan het pesten, was de eenzaamheid. Het gevoel dat ik nergens terecht kon met mijn verhaal".

Volgens Ahidar moeten school en ouders partners zijn in de aanpak van het pesten: ze stellen samen regels en sancties op. Daarbij moet de nadruk liggen op positief gedrag belonen en niet bestraffend optreden. Verder kunnen ook de kinderen zelf verantwoordelijkheid krijgen om in te gaan tegen pestgedrag. Leraars kunnen getraind worden om pestgedrag te detecteren. De speelplaats kan anders ingericht worden, zodat er geen hoekjes meer zijn waar geen toezicht is.