Dat er bij de VRT veel jobs (één op de zeven) zouden sneuvelen om tegemoet te komen aan de nieuwe besparingen, wisten we al. Dat werd precies een jaar geleden aangekondigd. Sindsdien is het personeel in onwetendheid over wie moet verdwijnen. De Vlaamse regering vroeg aan de VRT om de meest recente besparingsopdracht - grosso modo nog eens 25 miljoen euro - te concretiseren in een transformatieplan, waarbij de VRT structurele en fundamentele keuzes zou moeten maken voor de structuur, organisatie, hr-beleid én haar inhoudelijke opdracht.

De VRT uithollen is niet alleen de motor van de creatieve industrie lamleggen, het is op termijn ook nefast voor de diversiteit van ons medialandschap.

Dat het management zich zonder slag of stoot onderwerpt aan de wil van de Vlaamse regering om de VRT te kortwieken, is onbegrijpelijk. 'Die 25 miljoen moet ergens gehaald worden', stelt gedelegeerd bestuurder Leo Hellemans. Hij is ervan overtuigd dat de VRT na de transformatie - het 'scherper stellen van haar aanbod' en interne reorganisatie - haar taak nog ten volle kan opnemen. Door compleet mee te gaan in de besparingslogica - ingegeven door de private spelers en opgelegd door de regering waar Open VLD al jaren kritiek uit op de 'te sterke VRT' - lijkt het management zich te schikken in zijn lot: op middellange termijn vervelt de VRT tot een nichezender.

Met de keuzes die de transformatienota naar voren schuift, zet de directie zelf de schaar in de vleugels van de VRT. Onze openbare omroep is nochtans bijzonder performant, getuige de cijfers van de European Broadcasting Union (EBU) en gewaardeerd door kijker en luisteraar (zoals blijkt uit de publieksbevraging). Maar dankzij een holistische visie op haar publieke opdracht heeft zij de andere mediabedrijven tevens aangejaagd om de lat zeer hoog te leggen, zowel voor het nieuws en de duiding als voor fictie en ontspanning. De afgelopen jaren waren voor de Vlaming een festijn van kwaliteitsvolle producties van eigen bodem. Nu lijkt de kentering ingezet, want in tegenstelling tot wat critici durven te beweren, werkt een sterke openbare omroep vooral marktversterkend. Meer nog, een sterke openbare omroep en een sterke democratie gaan hand in hand.

De VRT plooit zich gewillig als een lammetje terug op haar corebusiness. Dat daarbij in de komende jaren taken als catering, security en het kinderdagverblijf worden uitbesteed aan externe partners, is op zich nog te volgen, hoewel de vraag rijst of dit wel echt een besparing oplevert. Maar echt verontrustend is dat de besparingen vooral gehaald worden bij de kerntaken, precies het onderscheidende van de VRT, haar 'public service'-opdracht: kwaliteit én diversiteit garanderen.

Over de kwaliteit maak ik mij in eerste instantie minder zorgen. Er is genoeg talent bij de VRT om het maximum van zichzelf te blijven geven. Over diversiteit van het aanbod maak ik mij veel grotere zorgen. We zien bij de andere mediabedrijven (geschreven pers) steeds meer recyclage van nieuws (dezelfde artikels worden met andere kop en andere foto binnen de titels van één mediagroep gewoon overgenomen). De VRT realiseert een grotere diversiteit. Het nieuws op MNM, Radio 1, de regionale omroepen van Radio 2 is telkens uniek. Als gevolg van die 'efficiëntie'-oefening gaan we op de VRT-netten nu ook hetzelfde nieuws horen, zien en lezen. Voor radio betekent dat dat de hakbijl wordt gezet in de regionale berichtgeving van Radio 2 en dat Klara en Radio 1 naar elkaar toegroeien.

Herhalingen

Voor televisie wordt terecht opgemerkt dat het vet al van de soep is wat Eén betreft: entertainment op vrijdag- en zaterdagavond is al fors gereduceerd en in het uitzendschema wordt in meer programma-aankoop voorzien. Natuurlijk is het veel goedkoper om de zoveelste herhalingen in een nieuw jasje te steken of nog eens een aangekochte achter-de-schermen-bij-de-zoo van commentaar te voorzien, maar worden we daar als kijker beter van? Verwachten we dat van onze openbare omroep in primetime zaterdagavond?

De sport- en cultuurredacties worden in het vizier genomen, maar over waar de jobs concreet zullen verdwijnen blijft het vaag. Dat wakkert de malaise en de onzekerheid van het personeel alleen maar aan, hetgeen al maanden woekert en pijnlijk duidelijk werd in de resultaten van de personeelsenquête. Gestaag zullen de komende jaren 286 voltijdse banen verdwijnen. Nagenoeg 13 procent van het personeel zal in 2020 niet meer voor de VRT werken. Na de vorige besparingsrondes is de ruimte voor natuurlijke afvloeiingen zeer beperkt: er zullen minstens 158 naakte ontslagen vallen. Het is bemoedigend dat het management aangeeft het sociaal overleg alle kansen te geven. Het is ook aan de Vlaamse regering om hier haar verantwoordelijkheid op te nemen en de herstructureringskosten te dragen. Tegelijk rijst de vraag of het management deze ingrijpende transformatie ook zal aangrijpen om ook de managementstructuur ter discussie te stellen, zich te herdenken in functie van optimale efficiëntie aan de top.

We moeten ook stilstaan bij de onthutsende vaststelling dat het idee van de openbare omroep als openbare dienst verder uitgehold wordt. Niet alleen in Vlaanderen, ook de BBC kampt ermee. De Britten slaagden er wel in een rits celebrity's uit de entertainmentindustrie en het kunstenveld voor hun kar te spannen. Die stellen in een open brief onomwonden dat 'a diminished BBC would simply mean a diminished Britain'. Zij dringen bij de regering erop aan hun marktfalenvisie op de openbare omroep bij te sturen. Dat geldt evenzeer in Vlaanderen: de VRT uithollen, is niet alleen de motor van de creatieve industrie lamleggen, het is op termijn ook nefast voor de diversiteit van ons medialandschap. Waar blijven al die BV's die hun carrière opbouwden via de VRT? Moeten die niet opkomen voor een sterke VRT?

Dit opiniestuk verscheen in De Tijd (09/09)