Wanneer je bij een willekeurige steekproef van jongeren van vandaag vraagt naar de Europese politiek, krijg je met een beetje geluk misschien iets meer dan een schouderophaling en wezenlozeblikken. Maar heb je het bij diezelfde groep over Erasmus, het vooraanstaande programma voor studentenmobiliteit, dan zal je hun gezichten meteen zien opklaren.

En terecht ook. Vorig jaar kondigden de krantenkoppen luidkeelsaan dat de miljoenste ‘Erasmusbaby’ geboren was – hoewel jetussen de regels door kon lezen dat niemand de tel echt bijgehoudenheeft (en dat is waarschijnlijk maar goed ook). Maar dit alombekende, al dan niet te verwachten, voordeel van ’s wereldsgrootste grensoverschrijdende studieprogramma is slechts eenneveneffect. Erasmus is in de eerste plaats een van de beste manierenvoor jongeren van nu om een heleboel waardevolle culturele ervaringenop te doen en verrijkt te worden met vele onderwijsmogelijkheden,taalvaardigheden, carrièreopties en levenslange vriendschappen.

Geen wonder dat Erasmus algemeen erkend wordt als een van degrootste succesverhalen van de EU. En laat er geen misverstand overzijn: een programma op deze schaal had eenvoudigweg niet tot standgebracht kunnen worden zonder het sterke kader van pan-continentalesamenwerkingen dat we in de Europese Unie uitgebouwd hebben. Net alsde EU zelf is Erasmus een moeizaam verkregen verwezenlijking waar weallemaal trots op mogen zijn.

Maar net zoals Erasmus Europa nodig heeft, heeft Europa Erasmusnodig. Niet enkel de individuele deelnemers halen voordeel uit eendeelname aan dit programma. Los van de eerder aardse voordelen vanhet programma geeft Erasmus ook het blikveld van de jongeren eenaanzienlijke boost op het gebied van onderwijs, carrièremogelijkhedenen cultuur – een boost die ze in het Europa van vandaag hard nodighebben. Tegelijkertijd krijgt Europa er burgers bij dieruimdenkender, beter geïnformeerd en meer internationaalgeoriënteerd zijn. We kunnen botweg stellen dat stemmen voor eenrechtsgezinde politicus die grenzen wil sluiten of samenwerkingen wilstopzetten moeilijker is voor iemand die een aantal van zijn of haarbeste jaren juist aan exact dat soort dingen besteed heeft. Dit istrouwens een van de redenen waarom Umberto Eco vond dat Erasmusverplicht zou moeten zijn: via het Erasmusprogramma werken we nietalleen aan betere jongeren, maar ook aan een beter Europa.

Bij de Partij van de Europese Sociaaldemocraten zien we het meteenwanneer iets goed is. En we willen meer. De huidige vorm, Erasmus+,is fantastisch, maar ondanks de hoge vraag en de voortdurendeuitbreidingen is de deelname nog te beperkt. Daar moet verandering inkomen. We vinden dat iedereen de kans moet krijgen om in hetbuitenland te gaan studeren, als onderdeel van een universitaireopleiding, van een beroepsopleiding of zelfs op de middelbare school.

Dat is de reden waarom de boodschap ‘Erasmus voor iedereen’een sleutelrol speelt in ons Jongerenplan, een van onze grootstepolitieke campagnes, en ook het thema vormt van onze Youth Action Dayvandaag. Op het vlak van Erasmus hebben we bovendien al heel watopmerkelijke successen behaald. Dankzij de druk vanuit onze politiekefamilie heeft de EU nu een doelstelling voor studentenmobiliteitvooropgesteld waarbij minstens 20% van de afgestudeerden uit hethoger onderwijs in het buitenland gestudeerd moet hebben. De deadlineis 2020 – en we komen nog lang niet in de buurt van dat cijfer. 

Daarom moeten we de toegankelijkheid van het programma vergroten.De aanvraagprocedures moeten eenvoudiger en gebruiksvriendelijkergemaakt worden. Ook administratieve hindernissen moeten weggewerktworden, vooral wanneer het gaat om erkenning. Er moet namelijkgezorgd worden dat werkgevers en onderwijsinstellingen in heel Europade waarde erkennen van een studie- of werkperiode in een ander land.

Heel wat Europese jongeren hebben ook te kampen met socialebarrières om te kunnen deelnemen. Hoewel er een aantal beperktefondsen zijn voor minderbedeelde gezinnen, vormt eenErasmusuitwisseling nog steeds een aanzienlijke financiëleverbintenis waardoor zowel studenten uit armere milieus als studentendie benadeeld zijn door bijvoorbeeld een handicap, hun socialestatus, gezondheidsaandoeningen of een afgelegen geografischeligging, uitgesloten kunnen worden. Momenteel is slechts een op tienErasmusstudenten afkomstig uit een benadeelde groep, hoewel dedeelnemers uit deze groepen zelfs nog meer te winnen hebben bij eendergelijke ervaring dan studenten met een meer bevoorrechte positie.Ook dit moet veranderen. Wij vragen een meer doelgerichte financiëleondersteuning om zo Erasmus echt open te stellen voor iedereen.

Daarnaast willen we de toegang tot het Erasmusprogramma nog optwee andere belangrijke manieren uitbreiden. Ten eerste wensen we demiddelbare schooldimensie te versterken: net alsuniversiteitsstudenten kunnen scholieren aan de middelbare schoolheel wat voordeel halen uit de culturele, onderwijs- en socialekansen die een studie in het buitenland te bieden heeft. Als tweede,maar niet minder belangrijk punt zouden we de gewoonte willendoorbreken waarbij Erasmus steeds voorgesteld wordt als een programmadat enkel gericht is op conventionele universiteitsrichtingen.Momenteel schrijft minder dan 20% van de Erasmusstudenten zich invoor beroepsopleidingen of leercontracten. We wensen dit cijferdrastisch te verhogen zodat de Erasmusdeelname onderwijsbarrières ensociale en economische klassen kan doorbreken. 

Erasmus is niet alleen een essentiële manier om de levens van Europese jongeren te verbeteren en hun horizon te verbreden. Het is ook een erg succesvol programma om (jawel, in meer dan een opzicht)de volgende generatie naar buiten gerichte jonge Europeanen te vormen– iets wat Europa volgens ons nu meer dan ooit nodig heeft.

Dat is de reden waarom we van ‘Erasmus voor iedereen’ hetkernthema maken voor onze Youth Action Day. Vandaag gaan activistenin heel Europa de straat op om campagne te voeren, niet enkel voorbetere onderwijsmogelijkheden, maar ook voor kinderrechten, banenvoor jongeren en een betere toegang tot kunst en cultuur via eenCultuurcheque die geldig is in de hele EU. Neem nu deel aan onzecampagne op www.youthplan.eu!

Tine Soens, Vlaams parlementslid voor sp.a

Sergei Stanishev, voorzitter van de Partij van de EuropeseSociaaldemocraten

Joao Albuquerque, voorzitter van de Europese Jonge Socialisten