“We don’t know what it will cost.” Dat is wat de Britse conservatieven vorige maand in de commissie defensie van het parlement zeiden over de geplande aankoop van 138 F-35’s. Het ministerie van defensie moest toegeven dat er zelfs niet tot op vijf of tien miljard Britse pond nauwkeurig een bedrag kan worden geplakt op de deal. 

Bij ons voorziet de federale regering 3,6 miljard euro om 34 nieuwe gevechtsvliegtuigen aan te kopen. Op lange termijn lopen de kosten voor zelfs op tot minstens 15 miljard euro. Maar in realiteit weten we in de verste verte niet hoeveel dit avontuur ons zal kosten, zo blijkt uit de ervaringen van alle andere landen die al beslist hebben om de F35 aan te kopen.  Een overzicht.


Nederland

In Nederland worden de totale investeringskosten in de Kamerbrief van de minister vastgesteld op 4,6 miljard euro voor 37 vliegtuigen.  De prijs per vliegtuig bedraagt dan een kleine 125 miljoen euro. De jaarlijkse exploitatiekost wordt op 283 miljoen euro per jaar geraamd, of 8,5 miljard euro over de levensduur van 30 jaar. Dat brengt de totale kostprijs op ruim 13 miljard euro. De nieuwe staatssecretaris voor Defensie, Barbara Visser,  liet weten aan de Tweede Kamer dat er voorlopig slechts 34 van de 37 toestellen zullen worden aangekocht, omdat de aankoop van 37 toestellen te duur uitvalt. Op te merken valt dat Nederland met 37 toestellen al amper tegemoet kan komen aan het vooropgestelde militaire ambitieniveau. 

Canada

In Canada besliste de vorige regering om 65 F-35's te kopen, maar de huidige regering onder leiding van Justin Trudeau heeft dat plan afgeserveerd wegens onbetaalbaar. Uit het jaarlijkse voortgangsdocument kunnen we veel leren over de mogelijke kosten van het Belgische plan. In dit rapport vinden we cijfers terug van de totale kosten voor een levensduur van 30 jaar. We rekenen de cijfers om naar de actuele wisselkoers van de Canadese dollar (dd. 23/11/2017). De investeringskost in Canada werd door het Ministerie van Defensie vastgelegd op 6 miljard euro voor 65 toestellen, wat neerkomt op 92 miljoen euro per toestel. De werkingskost komt op 212 miljoen euro per vliegtuig, en dit voor dertig jaar. De instandhoudingskost komt op 146 miljoen euro per vliegtuig. De verlieskost komt op 10,6 miljoen euro. Gemiddeld rekende men dus 1 miljard euro per  jaar, voor zestig vliegtuigen. Een hoop geld.  


Vergelijking met België

De berekening van Canada is nauwkeuriger dan die van Nederland. Zo rekent Canada een zogenaamde 'attritiekost' mee, die rekening houdt met verlies van vliegtuigen bij militaire missies of door technische problemen. Indien we rekening houden met de Canadese prijzen dan zou België voor 34 stuks een investering van 3,14 miljard moeten betalen. Over 30 jaar loopt de kost op tot 15,7 miljard euro. Indien we rekening houden met de Nederlandse prijzen dan zou België 4,2 miljard euro betalen voor de aankoop van 34 toestellen en 12 miljard euro over 30 jaar. 

We moeten er echter bij stil staan dat Canada bijna het dubbel aantal stuks zou aankopen (65 tegenover 34). De prijs per stuk ligt daardoor lager. Bij de Nederlandse cijfers moeten we er rekening mee houden dat er geen aparte berekening voor instandhoudingskosten en mogelijke verliezen is voorzien. Daarnaast zijn zowel Nederland als Canada ingestapt in de ontwikkelingsfase van het vliegtuig. Daardoor genieten zij van kortingen bij de uiteindelijke aankoop, kortingen die België niet zal hebben. 

Prijsevoluties

Op vandaag plannen 10 landen om F-35 (standaardtype A) aan te kopen. Opvallend is dat heel wat landen genoodzaakt zijn om hun oorspronkelijk geplande aantallen, vanwege de hoog oplopende kostprijs, te verlagen. Zo steeg de totale kost om de F-35 te bouwen en te laten vliegen in juli van dit jaar nog met bijna 30 miljard dollar. Dit bedrag wordt natuurlijk richting kopers gefactureerd. 

5 van de 10 landen waren genoodzaakt om het aantal straaljagers te verminderen (gemiddeld met 37%). Canada heeft de procedure volledig stopgezet. Verschillende Defensies geven aan in de toekomst nog extra schijven met toestellen te willen aankopen, eens de prijsontwikkelingen voordeliger zouden worden. Op vandaag is het natuurlijk wel zo dat de prijs per stuk duurder uitvalt gezien de dalende bestellingen. 

In oktober 2017 verscheen een rapport van GAO (Government Accountability Office), een onafhankelijke Amerikaanse overheidsinstelling die de samenwerking met Lockheed Martin boekhoudkundig controleert. Het rapport laat geen positief plaatje zien: Lockheed Martin laat de prijs stijgen zonder dit te verantwoorden. Het gevolg is dat de Amerikaanse Defensie op vandaag niet weet wat de vliegtuigen uiteindelijk zullen kosten. Ook het Britse ministerie van Defensie liet optekenen dat ze niet weten wat de uiteindelijke prijs zal zijn. Nog in het rapport stond te lezen dat door een onderschatting van de kosten 22% van de toestellen aan de grond staan door een gebrek aan reserveonderdelen.


Zijn 34 vliegtuigen nu betaalbaar voor België?

“We don’t know what it will cost.” Dat is wat de Britse conservatieven vorige maand in de commissie Defensie van het parlement lieten optekenen over de aankoop van 138 F-35s. 

Deze uitspraak komt niet uit de lucht vallen. Vanaf de start van dit dossier werden er ook in ons land grote vragen gesteld over de voorspelbaarheid van het prijskaartje  en dus de betaalbaarheid van 34 F-35 toestellen. Er zijn immers heel veel onzekerheden over dit dossier. Zo steeg de prijs de voorbije jaren (en recent nog in juli 2017). 

Aanhangers van de F-35 stellen stelselmatig dat de stukprijs zal dalen – en dat zal op termijn ook wel zo zijn - maar tot op vandaag zien we daar weinig van. De kostprijs op het ogenblik van aankoop (hoogstwaarschijnlijk in 2018) is de enige die daarbij telt voor ons land. Feit is dat heel wat landen hun voorziene aantal vliegtuigen om budgettaire redenen lieten dalen. 

Naast aankoop- en onderhoudskosten mogen we ook de kosten per vlieguur niet uit het oog verliezen. Nederland rekent op minstens 25 000 euro per vlieguur. Dit is inclusief uitgaven voor personeel, brandstof en munitie. Ter vergelijking: een uur vliegen met onze huidige F-16’s kost volgens een antwoord van minister Vandeput €5 879 (cijfers 2015). Een vijfde dus! 

België wil als klein, Europees land een bestelling van 34 toestellen plaatsen. Met deze aantallen hoopt de regering om zes vliegtuigen op buitenlandse missie te kunnen sturen en twee vliegtuigen in te zetten voor de bewaking van ons luchtruim. Ambitieus, want de Nederlandse Rekenkamer daarentegen voorziet (met 37 vliegtuigen) 4 vliegtuigen in te zetten voor militaire missies en luchtverdediging samen! Nu het aantal vliegtuigen in Nederland daalt naar 34 stuks komt zelfs dit ambitieniveau nog in gevaar. 

De bijkomende vraag is dus of 34 vliegtuigen niet een zéér laag aantal is voor de ambities van deze regering. Meer toestellen aankopen is budgettair niet haalbaar (dat is het nu ook al niet overigens), maar met 34 vliegtuigen kunnen we amper op militaire missie. Is het dan efficiënt om zulke dure toestellen aan te kopen? Er is geen budgettaire marge, waardoor het effectieve aantal zelfs nog lager dan 34 zou kunnen liggen en buitenlandse missies al helemaal onzin. Dan is een investering van 15 miljard euro wel heel veel, om enkel ons kleine luchtruim te bewaken.