Frank Moreels werd geboren in Kortrijk op 17 januari 1961. Lager en middelbaar onderwijs volgt hij in het Sint-Jozef Instituut, in het hoger middelbaar volgt hij lessen in de richting ‘Wetenschappelijke B’. Daarna komt hij naar Gent om aan de Universiteit psychologie te studeren, met als specialisatie sociale agogiek. Die richt zich, in tegenstelling tot de pedagogiek, op jong-volwassenen en volwassenen, meestal in hun vrije tijd. De vorming gebeurt er op een niet-schoolse wijze: het ‘vormingswerk’ is de wereld van de sociaal agogiek.

Als universitair liep hij stage in het ABVV, bij de CMB, de centrale van de Metaalarbeiders – toen ook al een zeer combattieve vakbondscentrale. In zo’n wereld is een universitair een vreemde eend in de bijt, een buitenbeentje, op zijn zachtst gezegd. Tijdens een vormingsweek van de CMB nam hij als eerste het woord tijdens een oefening. Nadien kreeg hij een daverend applaus. Er kwam een oudere vakbondsmilitant bij hem en sprak hem aan met de woorden “Je bent blij, hé? Natuurlijk. En, je dacht zeker dat we applaudisseerden voor je mooie speech? Neen, we klapten in onze handen omdat we je wilden zeggen ‘Nu hoor je er bij, nu ben je ene van ons’”. Frank herinnert het zich als was het een week geleden. Hij voelde zich als het ware ‘opgetild’! Inderdaad, een vakbond leeft van samenhorigheid…

Na zijn periode bij de CMB werd Frank ‘Nationaal verantwoordelijke van de ABVV-Jongeren’. Ook daar werd sterk de nadruk gelegd op vorming, dat zal niemand verbazen. Frank was de juiste man op de juiste plaats.

In 1989 krijgt hij de kans om secretaris van de nationale ABVV-voorzitter François Janssens te worden. Janssens is ‘een man van’ de legendarische oud-voorzitter Georges Debunne: hij was in diens gouden jaren zijn juridisch adviseur. Hij was voordien ook voorzitter van BBTK, de bediendencentrale.  Een man van verzorgde maatpakken en zeer beschaafde taal – óók een buitenbeentje in de vakbondswereld dus. Frank spreekt met veel respect over Janssens. Hij kende de vakbond door en door, kende zijn dossiers als geen ander, was een groot redenaar en bijwijlen zelfs een visionair: toen al zei hij dat “het niet lang meer zou duren met het onderscheid tussen arbeiders en bedienden”. Zijn leus was: ‘Overleggen als het kan, strijd voeren als het moet’.

Na het vroegtijdig overlijden van Janssens (hij werd slechts 51 jaar) werkte Frank voor verschillende ABVV-voorzitters: Michel Nollet, Mia De Vits, André Mordant en Xavier Verboven. Nadien werd hij federaal secretaris Wegvervoer & Logistiek bij de Belgische Transport Bond, een kleine centrale binnen het ABVV, die de havenarbeiders, de werknemers van de zeevisserij, de handelsvloot, de baggeraars, de binnenschippers, de autocarsector, de taxisector, de luchthavens en de mensen van transport en logistiek verenigt. Maar: transport en logistiek winnen aan belang. In de feiten is de BTB vandaag een belangrijke vakbond, omdat er nog zo veel handarbeiders werken in de sector, zonder veel scholing of diploma’s. Momenteel is Frank voorzitter van de BTB. Die centrale is zeer actief in de strijd tegen sociale dumping, en haalt daarmee regelmatig de pers.

Frank Moreels kent het ABVV door en door, het vakbondswerk kent voor hem geen geheimen meer. Maar hoe zit dat dan met de partij, met sp.a?

Als jonge man werd Frank lid van de SP-wijkclub Jef Van der Meulen. Het was lang een wijkafdeling waar veel hooggeschoolden zich bij aansloten en waar ook belangrijke politieke mandatarissen uit voortkwamen: (oud-minister) Luc Van den Bossche en (oud-Europarlementslid) Anne Van Lancker waren er voorzitter van, (oud-burgemeester) Frank Beke was er één van de hardwerkende leden. Op partijcongressen zetten zij vaak de toon - en daar was niks mis mee, integendeel.

Frank Moreels is een man van de wie de naam meteen ook een voorteken is. Het moreel, het innerlijk gevoel van waarden en normen, is hem allesbehalve vreemd. Hij is een vakbondsman pur sang, maar hij is ook een echte (partij-)socialist. Vergis u niet: in zijn werk is hij een socialistisch vakbondsman maar zeker geen slippendrager van/voor de partij. Van die suggestie wordt hij kregelig en dat is logisch: dat hoort ook zo, en bij hem is dat ook zo.

Hij kan nog altijd zeer verontwaardigd zijn over mensonwaardige arbeidstoestanden. Over de huidige praktijken bij Deliveroo bijvoorbeeld (dat binnen zijn businessmodel fietstransporteurs in een zelfstandig statuut dwingt om aan verplichtingen te ontkomen) kan hij zich echt kwaad maken. Berusten is niet ‘zijn ding’. In het ABVV is hij voor ‘a man for all seasons’, naar Thomas More, de man die ‘Utopia’ schreef en die niet wou afwijken van zijn beginselen, zijn principes nooit zou afzweren…

En tóch is Frank ook een beetje uitdagend: “Elke staking is een nederlaag” zegt hij. “Het is het bewijs dat je je probleem niet op een ordentelijke, volwassen manier hebt kunnen oplossen door sociale dialoog. Onze mensen staken niet voor hun plezier, het kost hun geld. Ze doen het alleen wanneer het niet meer anders kan, of wanneer ze wreed kwaad zijn.

(tekst: Marc Lootens)