Freya Van den Bossche: “Het is al meermaals wetenschappelijk aangetoond dat herstelgericht en constructief werken met jongeren de kans op herval fors vermindert: voor jongeren die veroordeeld worden voor geweld, daalt de kans op recidive zelfs tot een kwart wanneer zij niet louter vastgezet worden, maar een aangepaste begeleiding krijgen die zich bijvoorbeeld richt op het leren omgaan met hun agressie.”

Bovendien is het paradoxaal dat wanneer de gemeenschapsinstellingen overvol zitten, en er jongeren zelfs in de cel moeten overnachten wegens plaatsgebrek in gesloten instellingen, net op die vormen van bestraffing die de kans op herval en nieuwe opsluiting fors verminderen, bespaard wordt. “Het is een besparingslogica die als een boemerang in het gezicht van de minister zal terugkomen, terwijl hij ondertussen jongeren opgeeft die anders geholpen kunnen worden”, aldus Freya Van den Bossche. “Als het gerecht te weinig gebruik maakt van die alternatieve bestraffingsvormen en te snel overgaat tot bevel op opsluiting zonder meer, is het aan de minister om het gerecht ervan bewust te maken ook naar die alternatieve vormen van bestraffing te kijken, alternatieven die jongeren effectiever op het rechte pad helpen, en niet om ze dan maar op te doeken of er fors op te besparen, zoals Vandeurzen nu doet.”

“Als we het ernstig menen met jongeren een nieuwe kans bieden, als we jongeren die een als misdrijf omschreven feit hebben begaan niet louter willen bestraffen maar hen ook willen helpen om zich te herpakken en iets van het leven te maken, dan moeten we blijven inzetten op herstelgericht en constructief met hen werken. Wij mogen als maatschappij niemand opgeven, ook niet die kinderen en jongeren”, besluit Freya Van den Bossche.