De toekomst van onze nationale luchthaven - de tweede belangrijkste werkgever van ons land - kan enkel verzekerd worden als we erin slagen om de economische leefbaarheid van de luchthaven te verzoenen met de levenskwaliteit van de omwonenden in de ruime omgeving, zowel in Brussel als in Vlaanderen. Dat er verschillende geluidsnormen in voege zijn in Vlaanderen en Brussel leidt er enerzijds toe dat de lasten van de luchthaven onredelijk en onevenwichtig naar Vlaanderen worden geduwd. Anderzijds fnuiken deze geregionaliseerde normen ook de economische ontwikkeling van de luchthaven, want luchtvaartmaatschappijen trekken gewoon weg.

In de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement kaartte ik deze week het voornemen van Minister Weyts aan om een belangenconflict in te roepen tegen Brussels minister van Leefmilieu Fremault. Die tussenkomst kan je hieronder bekijken (vanaf 1:54:32) of hier nalezen.

De vraag is of het inroepen van een belangenconflict - waarmee Vlaanderen zijn tanden laat zien -  zal zorgen voor een duurzame oplossing om uit de huidige kafkaiaanse toestand te geraken. Door enkel en alleen aan de tafel te gaan zitten, zullen de geluidsnormen nog niet geharmoniseerd zijn. 

De vraag die we ons moeten durven stellen, is: waar heeft de defederalisering van de geluidsnormen ons gebracht? Als dit zoveelste overleg niet resulteert in een harmonisatie van de geluidsnormen over de verschillende gewesten heen, zullen we niet anders kunnen dan de herfederalisering van de bevoegdheid over de geluidsnormen overwegen.