Op de vooravond van Rerum Novarum, het feest van de christelijke arbeidersbeweging, steek ik de hand uit. Ik wil samenwerken met al wie werk wil maken van een eerlijke verdeling van onze welvaart, een dynamische sociale mobiliteit door ons onderwijs, en het komaf maken met armoede.

Op Rerum Novarum viert de christelijke arbeidersbeweging feest. Net zoals voor 1 mei is het een feest van een beweging die al vele jaren voor gewone mensen aan de weg timmert. De christelijke arbeidersbeweging mag trots zijn op haar verwezenlijkingen. We willen haar op de vooravond van Rerum Novarum daarvoor feliciteren.

Op een ogenblik dat partijen vooral bezig zijn met wat hen onderscheidt, en niet met wat hen bindt of evenmin met de doelstellingen die zij gezamenlijk kunnen realiseren, reikt sp.a de hand naar elke partij die, samen met ons, werk wil maken van de realisering van de gewone dromen van iedereen: een eerlijke verdeling van onze welvaart als basis van ons sociaal-economisch model voor Vlaanderen, een dynamische sociale mobiliteit door ons onderwijs, en het komaf maken met armoede.

De keuzes die we na 7 juni moeten maken, liggen voor de hand. De tijd van de vetpotten in Vlaanderen is voorbij. De economische conjunctuur en de begrotingstekorten die onder andere het gevolg zijn van de crisis, maken de ruimte voor investeringen beperkt.

Liberalen en nationalisten zien duidelijk in allerhande belastingsverlagingen dé oplossing voor de economische crisis. De liberalen pleiten, bovendien, zonder aarzelen voor een bijkomende jobkorting. Voor iedereen. Dus ook voor de hoogste inkomens. Wij, daarentegen, willen vooral de welvaart van de werkende mensen ondersteunen. Wanneer de middelen beperkt zijn en de ongelijkheid groeit, dan denken we aan de verpleegsters en de vloerders die met 250 euro een van hun dromen kunnen waarmaken. Niet aan de bankdirecteurs en de topmanagers voor wie 250 euro een cijfer na de komma is.

De enige manier om die belastingskortingen en cadeaus aan de hoogste weddes te realiseren, is besparen op de uitgaven voor zij die minder kansen hebben. Minder sociale investeringen, minder geld voor onderwijs, minder geld voor mobiliteit. Daar passen wij voor.

Wij hebben ons programma naast dat van de andere partijen gelegd. Wij zoeken partners om ons programma te realiseren en passen voor de stoere catch-politiek. De inzet van deze verkiezing zijn de jobs van de mensen, niet die van politici. Wij zoeken partners om te zorgen voor een welvarend, sociaal en duurzaam Vlaanderen. Samen kunnen we ervoor zorgen dat de economische en financiële crisis niet enkel in het voordeel van banken en ondernemingen aangepakt wordt. Samen moeten we de schande van de kinderarmoede aanpakken. Samen kunnen we voor duizenden extra kwaliteitsvolle plaatsen in de kinderopvang zorgen. Samen kunnen we garanderen dat die opvang wordt aangeboden aan een prijs die afhangt van het inkomen van de ouders. Samen kunnen we de schooltoelagen verdubbelen. Samen kunnen we in de kennis van het Nederlands van anderstalige kinderen en hun ouders investeren.

De huidige Vlaamse regering heeft belangrijke stappen gezet in de richting van een eerlijk en duurzaam Vlaanderen. We mogen fier zijn op die verwezenlijkingen maar het werk is niet af. Talrijke beslissingen wachten nog op uitvoering. Een aantal doorbraken zijn nog steeds omkeerbaar. sp.a heeft twee jaar gevochten om te bekomen dat elke stad en elke gemeente verplicht 43.000 betaalbare huurwoningen en 21.000 betaalbare koopwoningen mee zou realiseren.

Deze investeringen vormen de kern van het Vlaams sociaal beleid dat de volgende regering consequent moet voeren. Uiteraard moet dat gebeuren binnen de contouren van een duurzame open economie en een beter werkend staatsbestel. Maar ook die keuzes zijn niet vrij. Willen we de schaarse middelen gebruiken voor een gericht economisch herstel met investeringen in duurzame infrastructuur, of rekenen we op lineaire lastenverlagingen? Kunnen we op een serene manier een sociale staatshervorming realiseren die sterke overheden op elk niveau behoudt, of proberen we vooral de overheid verder te ondermijnen door bv. de vennootschapsbelasting te regionaliseren en de federale sociale zekerheid droog te leggen? En ten slotte willen we naast de vooruitgang van ieder ook streven naar een beperking van de ongelijkheid? De kloof tussen de gewone lonen en de toplonen mag niet langer groeien. Daarom willen wij concrete daden om de toplonen te beperken. Dat kunnen we door de aanbevelingen van de bankencommissie in wetten om te zetten. Onze wetsvoorstellen zijn klaar.

Maar meer is nodig. Na maanden van financiële crisis en het pompen van tientallen miljarden belastingsgeld aan de banken, zijn er nog topbankiers die zichzelf een loonsverhoging toekennen. Loketbedienden, daarentegen, worden ontslagen of moeten vrezen voor hun jobzekerheid. Dat is zo oneerlijk. Ik zou beschaamd zijn over die toplonen, om over die miljoenen euro aan bonussen nog maar te zwijgen. De weddes en bonussen van de topbankiers van banken die waarborgen of leningen hebben gekregen van de Vlaamse of federale overheid – belastingsgeld dus –, moeten we daarom aftoppen. Een commissie moet dringend een norm bepalen voor de salarissen van alle topmanagers.

De verhouding tussen overheid, kapitaal en arbeid is sinds 1891 zelden zo actueel geweest. Een rechtvaardig loon en solidariteit met de zwakkeren moet ook voor de volgende Vlaamse regering een prioriteit zijn. Wij zoeken betrouwbare partners voor een duurzaam economisch herstel, een sociale staatshervorming, meer sociale rechtvaardigheid en het einde van de kinderarmoede in Vlaanderen.


Caroline Gennez