De Vlaamse regering heeft op het vlak van Voeding en Beweging een reeks doelstellingen geformuleerd met duidelijke kwantitatieve targets, nl. dat het aantal personen dat voldoende fysiek actief is , stijgt met 10% , dat het aantal sedentaire personen daalt met 10% , dat het aantal mama’s die met borstvoeding start, stijgt met 10% , dat méér mensen evenwichtig eten en dat het percentage personen met een gezond gewicht minstens behouden blijft.

Aan de vooravond van de nieuwe Vlaamse Gezondheidsconferentie hield het Vlaams parlement een discussie over het behalen van de vooropgestelde gezondheidsdoelstellingen . Volksvertegenwoordiger Moyaers kloeg aan dat op het vlak van Voeding en Beweging geen enkele van de vooropgestelde doelstellingen werd gehaald en de gezondheidskloof nog verdere groeit.

De gezondheidsdoelstellingen rond fysieke activiteit, rond sedentair gedrag en rond gezond gewicht worden lang niet gehaald, zeker bij jongeren is de toename van zwaarlijvigheid onrustwekkend. Op geregelde tijdstippen wordt er via diverse instanties en verschillende studies aan de alarmbel getrokken. Dit jaar alleen al was er het onderzoek van het Wetenschappelijk Instituut voor Volksgezondheid dat aantoonde dat onze 3- tot 5-jarigen de helft van de dag zittend doorbrengen en jongens en meisjes tussen 14 en 17 jaar niet minder dan 2/3 van hun wakkere uren zitten . Er was het onderzoek van de CLB’s dat aantoonde dat er zeker in het beroepsonderwijs actie noodzakelijk is: In het BSO kampt meer dan 27 procent van de jongeren met overgewicht . Er was het onderzoek van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) dat stelde dat slechts 1 op 3 adolescenten en 1 op 2 jongere kinderen de WHO-bewegingsnorm haalt (met name minstens 1uur per dag matig tot zwaar intensief bewegentussen 5 en 17jaar). En deze week nog de meest recente studie die aantoonde dat slechts 6,5 procent van de zes- tot negenjarigen de bewegingsnorm haalt en tieners slechts 2,4 procent. Het wordt dus bijna letterlijk elke dag slechter.
 Er is ook een duidelijke link tussen sedentair gedrag en ongezond eetgedrag. Kleuters, kinderen, jongeren en volwassenen die meer energierijke snacks, meer energierijke dranken, meer meeneemmaaltijden, minder fruit of minder groenten consumeren, vertonen meer zittend gedrag, iets wat ze vaak meedragen in het latere leven. Al dat zitten zorgt niet alleen voor overgewicht maar veroorzaakt ook andere medische problemen zoals verhoogd risico op hart en vaatziekten en diabetes. Bovendien hebben te zware jongeren vaak een laag zelfbeeld, ze voelen zich futloos en depressief en worden dikwijls gepest en buitengesloten.

Een actieplan is volgens Moyaers dus goed en broodnodig maar dat moet zich volgens hem ook vertalen in harde resultaatsverbintenissen. Hij klaagt de overvloed aan overheidscampagnes aan We hebben echt geen nood aan de zoveelste campagne die vaak alleen door de overtuigden wordt opgepikt : ” We moeten van voldoende beweging en gezonde voeding voor onze kinderen een absolute beleidsprioriteit maken ,we hebben niet alleen knappe koppen nodig maar ook gezonde lijven!”

Het gaat volgens Moyaers niet alleen over wat kinderen zelf kunnen doen maar ook hoe we de omgeving zo kunnen inrichten en de omstandigheden zo kunnen creëren dat gezonde voeding en beweging bevorderd worden. Dit betekent ‘health in all policies’ , in alle beleidsdomeinen moet hier aandacht voor zijn , dus ook bij de minister van onderwijs, werk, sport, ruimtelijke ordening, milieu mobiliteit..”

Tenslotte pleit Moyaers voor een èchte aanpak vd gezondheidskloof in Vlaanderen. De laaggeschoolde Vlaming sterft immers nog altijd gemiddeld 7,5 jaar vroeger dan de hooggeschoolde. In 1997 gaf 1 op 3 van de mannen met enkel een diploma lager onderwijs aan dat ze een slechte subjectieve gezondheid hadden , in 2013 steeg dit naar bijna 1 op 2 . Deze ongelijkheid aanpakken moet voor het welstellende Vlaanderen een topprioriteit worden.