In een brief waarschuwt Antwerps provinciegouverneur Cathy Berx het stadsbestuur van Mechelen nogmaals voor haar hoge schulden. Ze verwijst onder meer naar obligatieleningen voor een bedrag van bijna 52 miljoen euro die de stad in 2014 en 2015 heeft afgesloten en die ze pas afbetaalt over tien, vijftien of zelfs twintig jaar.

Fractieleidster Caroline Gennez (sp.a) en haar partij hebben die zogenaamde bulletleningen al meermaals aangekaart. "De gouverneur geeft ons nu gelijk. De stad geeft daarmee een tournée générale op kosten van onze kinderen en kleinkinderen. Een woning betaal je als gezin toch ook niet pas op het einde af? Dit is financieel gearrangeer", zei de politica dinsdagavond tijdens de gemeenteraad.

De gouverneur waarschuwt het stadsbestuur. "Door het aangaan van leningen met een eenmalige aflossing op lange termijn worden de financiële lasten in belangrijke mate naar de toekomst verschoven", stelt Berx. De uiteindelijke aflossing van de schulden gebeurt later, waardoor ze niet meer wordt meegenomen in de berekening van de autofinancieringsmarge. "Waardoor die eigenlijk een té positieve voorstelling geeft van de financiële situatie van uw bestuur", klinkt het.

Schepen: "We kunnen leningen perfect betalen"

Cathy Berx merkt wel op dat de stad ondertussen maatregelen genomen heeft om de schuldaangroei in 2020 te stabiliseren op het niveau van eind 2016. Maar voor de aflossing van 50 miljoen euro obligatieleningen is er nog geen plan uitgewerkt. "Voortaan schrijven we jaarlijks 2,5 miljoen euro in om die leningen op twintig jaar tijd terug te betalen. Door de historische lage rentevoet is het interessant om nu meer te lenen voor investeringen, want we kunnen ze perfect betalen", reageert schepen voor Financiën Walter Schroons (CD&V).

Hij stipt aan dat Mechelen op de jaarrekening 2016 zo'n drie miljoen meer over heeft dan geraamd. Anderzijds moet de stad van de gouverneur wel de totale schuld van 251 miljoen euro bijsturen. Daar komt nog eens 18 miljoen bij voor de bouw van de nieuwe brandweerkazerne en het stadsmagazijn. 

Bron: Gazet Van Antwerpen