Inbraken, carjackings en overvallen zijn een blijvend probleem in de grensstreek rond Harelbeke. Hoewel de cijfers aantonen dat de grenscriminaliteit door de inspanningen uit de voorbije jaren gedaald is (in 2013 werden 27 feiten gesignaleerd ten opzichte van 95 feiten in 2012) blijft het probleem bestaan. Sinds 2013 worden ANPR-camera’s geïnstalleerd in West-Vlaanderen met als einddoel op termijn een volledig cameraschild te creëren. Die ANPR-camera’s, opgesteld langs de autowegen, scannen nummerplaten van voorbijrijdende auto’s en linken deze automatisch aan een databank. Wanneer een voertuig verdacht is, krijgt de politiedienst onmiddellijk een signaal toegestuurd. Op deze manier kunnen ze veel sneller, efficiënter en doelgerichter te werk gaan. Maar om echt efficiënt te werken zouden ook camera’s in het binnenland moeten opgesteld worden om zo 1 netwerk te vormen. Dit nationaal cameraplan blijft echter uit omdat de subsidies enkel naar de grenszones gaan. Maar wat vooral ontbreekt, is een coherent eenduidig plan dat gegevens actueel houdt en richtlijnen opstelt. "Het is dan ook absoluut noodzakelijk om de akkoorden van Doornik te ratificeren worden. Deze akkoorden voorzien een nauwere samenwerking tussen de Franse en Belgische politie, zodat men gemeenschappelijk de criminaliteit kan aanpakken", zegt Alain Top.

Het is op dit ogenblik ook niet duidelijk of men gegevens mag opslaan en deze uitwisselen. Mede door die lacune worden de verschillende camera’s en hun databases nog te weinig met elkaar verbonden waardoor we aan snelheid en efficiëntie inboeten. “In de komende legislatuur moeten we dringend werk maken van een aangepaste wetgeving, om grenscriminaliteit zo nog beter aan te pakken.”, aldus Alain Top.