Ik wil en durf er niet naar kijken. Het ophefmakende pestfilmpje stond gisterenochtend prominent op Vlaanderens populairste nieuwssites. Het begeleidende artikel beschrijft de verschrikkelijke pesterijen die een twaalfjarige jongen moest ondergaan. Ik hoef de beelden niet te zien om te beseffen hoe zwaar de gebeurtenissen én de beelden ervan zullen inhakken op het leven van dit kind en zijn omgeving.

Wie op deze redacties heeft beslist om het misselijkmakende filmpje online te gooien? Waarom? Heeft niemand gedacht: 'Wat als het mijn kind was?' Het slachtoffer wordt nu verplicht om zijn trauma steeds weer te herleven en wordt online te kijk gezet. Media die ertoe bijdragen dat het bewuste filmpje massaal gedeeld wordt, maken de jongen in kwestie twee keer slachtoffer. En als we pesten écht willen aanpakken, dan moeten we ook de daders op een juiste manier aanpakken. Ze zijn ondertussen opgepakt door de politie, ze hoeven niet publiek en online gelyncht te worden. Laat het gerecht zijn werk doen.

Welke overwegingen op de redacties ook gemaakt zijn: media die het filmpje helpen verspreiden, laten clicks en reclame-inkomsten primeren op ethiek, deontologie en de bescherming van minderjarigen. Dat werkt natuurlijk alleen maar omdat wij ook daadwerkelijk klikken. We klikken omdat we - vanuit ons hart - gechoqueerd zijn over dit extreme pestgedrag. Echter, het massaal bekijken en delen van dit filmpje helpt niemand.

Daarom moeten we nadenken over ons eigen mediagebruik én tegelijk vragen van de media, die onze blik op de wereld vormgeven, om hun verantwoordelijkheid te nemen. Dringend tijd dat de mediasector zich bezint over een deontologisch en ethisch kader rond berichtgeving over (cyber)pesten. Media zijn een cruciale partner willen we deze problematiek structureel aanpakken. De strijd tegen (cyber)pesten is er een van het onderwijs, de jeugd- of sportbeweging, op het werk, thuis ... en van de media. Het gaat hier om een gedeelde verantwoordelijkheid, die we met zijn allen effectief dienen op te nemen.

Mediarichtlijn

Er worden op Vlaams niveau al initiatieven ontplooid, maar er ontbreekt vooralsnog een structurele aanpak van (cyber)pesten. Een actieplan, over de verschillende beleidsdomeinen heen, dat echt die naam waardig is. In afwachting daarvan kan een mediarichtlijn rond berichtgeving over pesten - een vorm van zelfregulering door de sector waarbij de Vlaamse Vereniging van Journalisten het voortouw neemt - een waardevolle bijdrage zijn.

Laat de lokroep van clicks aan u voorbijgaan, beste redacteurs, en wees een deel van de oplossing. Geen enkele zichzelf respecterende adverteerder wil met dit soort sensationele berichtgeving over minderjarigen geassocieerd worden, toch?

Uiteraard mogen we niet alleen naar de "klassieke" media kijken. Ook sociale media hebben een verpletterende verantwoordelijkheid. Het kan toch niet zo moeilijk zijn dit soort filmpjes te weren voor ze viraal gaan? Dat is louter een kwestie van willen.

Tegelijk moeten we slachtoffers bijstaan om hun 'recht om vergeten te worden' uit te oefenen. Weinig mensen weten überhaupt dat de mogelijkheid bestaat om online hun sporen uit te wissen. De procedure is echter omslachtig en complex. Het recht op vergetelheid moet een integraal deel worden van slachtofferhulp. Minstens even belangrijk is dat we onze jongeren leren omgaan met de nieuwe media, 'mediawijs' maken, ja, opvoeden in onze digitale wereld.

Ten slotte nemen we het best ook ons eigen surfgedrag onder de loep. Media opereren binnen de logica van vraag en aanbod: hoe meer clicks op sensationele titels, hoe meer reclame-inkomsten voor de nieuwssite. Laat ons de volgende keer met zijn allen dan ook een seconde nadenken wanneer we op het punt staan een sensationele titel aan te klikken.

Dit opiniestuk stond in De Morgen op 20 juni 2017