Zo'n 5030 jongeren waagden hun kans in de eerste zittijd voor de toelatingsproef arts en tandarts en 15% ervan slaagde.  Het verschil in slaagkans tussen jongens en meisjes blijft opvallend groot: bij de jongens slaagde 19,5%, bij de meisjes 12,8%. Ook de verschillen tussen de provincies zijn opvallend: Brussel (8% geslaagden) en Limburg (10,9%) ten opzichte van West-Vlaanderen bijvoorbeeld (19,4%).

Vorige week vrijdag besliste de Vlaamse Regering om het toelatingsexamen te hervormen: zo wordt het examen voor arts apart georganiseerd van dat voor de kandidaat-tandartsen. Ook het aantal toegelaten kandidaten wordt vastgelegd en ze worden gerangschikt op basis van hun behaalde score, de numerus fixus is een feit. 

Het Vlaams Geneeskundig Studentenoverleg reageerde ondertussen met een persbericht waarin ze een aantal vraagtekens bij de hervorming plaatsen: zo kan een student maar op één moment meer een examen afleggen in plaats van de huidige twee kansen en ook het feit dat de twee examens voor arts en tandarts snel op elkaar volgen, kan op weinig begrip rekenen. Op die manier is er voor jongeren die aan beide examens willen deelnemen weinig voorbereidingstijd. 

Tot slot vragen de Vlaamse studenten geneeskunde ook dat de voorbereidingssessies overal gelijk zouden moeten zijn. "Het is een vraag die ik al vaak in de commissie onderwijs heb gesteld," zegt Soens. "We moeten vermijden dat jongeren wier ouders zich dure repetitoren konden veroorloven meer kans maken dan jongeren die dat niet kunnen betalen." "Enkel een oplijsting maken van de verschillende voorbereidende initiatieven zal daarbij niet volstaan." De minister heeft beloofd om dat in de komende weken te bekijken. 

Herlees hier het volledige verslag.