Mechelen mag trots zijn op haar 15 beschermde stads- en dorpsgezichten. Voor twee daarvan heeft het stadsbestuur de opdracht gegeven om een herwaarderingsplan op te maken. “Tegen dit najaar zal zowel voor het Groot Begijnhof als de Goswin de Stassartstraat en omgeving, een herwaarderingsplan worden opgesteld door een bouwhistoricus.

Wij maken hiervoor meer dan 63 000 euro vrij. Nadat deze plannen zijn goedgekeurd door Vlaanderen, kunnen eigenaars een premie voor onderhoudswerken krijgen. Deze aandacht voor ons historisch erfgoed zal de aantrekkingskracht van de stad Mechelen nog vergroten”, verklaart schepen van Monumentenzorg Karel Geys (sp.a).

 

De Goswin de Stassartstraat is erkend als beschermd stadsgezicht. Dit geldt eveneens voor het Groot Begijnhof van Mechelen, dat bovendien ook op de Unesco-lijst met werelderfgoed staat. Waardevolle stads- en dorpsgezichten worden beschermd als geheel omdat niet alleen de gebouwen op zich, maar ook de omgeving en hun samenhang bijzonder zijn. “In de herwaarderingsplannen worden de karakteristieken van de stadsgezichten geanalyseerd. Daarnaast wordt bepaald hoe deze kunnen behouden of versterkt worden. De plannen fungeren als leidraad voor de beoordeling van onderhoudswerken zodat de eigenheid van de Goswin de Stassartstraat en het Groot Begijnhof gerespecteerd wordt”, aldus Karel Geys.

 

Eigenaars van panden die horen bij de twee Mechelse stadsgezichten, zullen voor onderhoudswerken aan erfgoedkenmerken beroep kunnen doen op een Vlaamse premie. “Deze financiële tegemoetkoming kan tot 40% van de investeringen bedragen. Het gaat om 200 panden die deel uitmaken van het Groot Begijnhof en 60 panden behorende tot de Goswin de Stassartstraat en omgeving. Eind 2007 werd reeds het herwaarderingsplan voor het beschermde stadsgezicht ‘Stuivenbergvaart 22-34 / Vondelstraat 1’ opgemaakt als één van de Vlaamse proefprojecten. Na de goedkeuring van deze twee plannen willen we op termijn ook werk maken van andere stads- en dorpsgezichten in Mechelen, te beginnen met de Grote Markt. Op deze manier kunnen we de troeven van onze stad met haar rijke geschiedenis nog beter uitspelen”, besluit schepen van Monumentenzorg Karel Geys.