De Spaanse furie van Daan Killemaes

Daan Killemaes, hoofdredacteur van Trends, hoeft op geen enkele manier onder te doen voor zijn voorganger Johan Van Overtveldt. In november 2013 werd de huidige minister van Financiën, toen zelf hoofdredacteur van het blad, ingehaald als nieuwe sociaaleconomische paus van N-VA. 

TWEET DIT
“Hoofdredacteur van Trends? Alleen als je N-VA-propaganda recycleert”

 Blijkbaar laat Van Overtveldts’ erfenis onuitwisbare sporen na op de stoel van de hoofdredacteur, want nu gaat ook Killemaes onbeschaamd dezelfde richting uit. Zo is de wisselbeker in de categorie 'een vooringenomen opinie schrijven zonder feiten te checken' van de week alvast voor hem. Killemaes slaagde er immers in de N-VA-propaganda klakkeloos te recycleren zonder zelfs de moeite te doen om zijn beweringen te checken. Hieronder een bloemlezing, met verwijzing naar onze eerdere blogs waar we die beweringen al onderuit haalden. 


• Bewering 1: “De vorige regering hield de Belgische economie aan de praat met stijgende overheidsuitgaven en stelde moeilijke maatregelen uit”

Op zich is er niets mis met de economie in tijden van crisis aan de praat te houden met stijgende overheidsuitgaven. In 2010 en 2011 leidde dat zelfs tot economisch herstel, dat daarna gefnuikt werd door het bezuinigingsbeleid in de eurozone. Maar zelfs toen remde de regering-Di Rupo de uitgavengroei af. Zo stegen de uitgaven in 2012 en 2013 – jaren zonder economische groei - met amper 1,4% van het BBP, waarvan dan nog 1% bijna uitsluitend voor pensioenen [1]. De volgende jaren zal ook de huidige regering overigens ook niet ontsnappen aan de groeiende pensioenkost. Sinds 2013 is de uitgavengroei in % BBP afgeremd. Terugkeer naar betere economische groeicijfers zou door groter BBP (noemer) bij ongewijzigd beleid in de volgende jaren tot een daling van de uitgaven in % BBP leiden.

• Bewering 2: “De sanering van de overheidsfinanciën werd tot een minimum beperkt”

De verbetering van het structureel saldo van de Belgische overheden was in 2012 en 2013 telkens 0,5%, precies wat de regering Michel I in 2015 ook zal realiseren volgens de lente-vooruitzichten van de Europese Commissie [2]. In 2016 zou de structurele inspanning dalen tot 0,3%, wat dus een lagere inspanning is dan in het tweede jaar van de regering-Di Rupo. Als die laatste de sanering tot een minimum beperkte, dan gaat de huidige regering nu zelfs onder dat minimum.

• Bewering 3: “De schadelijke gevolgen van de uitholling van de concurrentiekracht werden gedegradeerd tot zorgen voor morgen”

Zoals aangetoond in een eerdere blog [3] levert de indexsprong in 2015 nauwelijks iets op door de lage inflatie. In 2016 halveert de reële loonmarge van 0,6% (versus de reële loonstop van de vorige regering) dan weer de impact van diezelfde indexsprong. De realiteit is dat de regering-Michel I het niet eens werd over de financiering van een grote lastenverlaging en daarom de verbetering van de concurrentiekracht uitstelde tot 2016-2017. Van een competitiviteitsschok kan dus geen sprake meer zijn, tenzij door de lage olieprijs en lage euro.

• Bewering 4: “De regering-Di Rupo leende groei van de toekomst, en de afbetaling valt nu in de bus”

Niet zo volgens de Europese Commissie [4]. Die stelde in haar herfstvooruitzichten 2014 letterlijk dat nieuwe investeringen op zich laten wachten door onzekerheid van de binnenlandse vraag. Nog meer, in haar lentevooruitzichten 2015 stelde de Commissie dat het loon- en bezuinigingsbeleid op korte termijn de groei beperkt. Wat we nu meemaken, is dus de factuur van de onzekerheid gecreëerd door de regering-Michel I. De groei, de daling van de overheidsschuld en de daling van de werkloosheid ligt nu lager dan het gemiddelde van de eurozone.

TWEET DIT
“"De Spaanse furie van @DKillemaes"”

 

 

 

• Bewering 5: “Spanje toont op dit moment haarfijn aan dat het model-De Wever op termijn de vloer aanveegt met het model-Di Rupo”

Killemaes voegt er nog dit aan toe: “Spanje bespaarde en hervormde de voorbije jaren als gek, en bekocht dat met een zware recessie. Spanje had ook geen andere keuze na de ontploffing van de huizenzeepbel én de ontsporing van de concurrentiekracht. Maar intussen geeft Madrid de rest van Europa het nakijken met een economische groei van 2,8 procent. Uiteraard gaat het deels om een inhaalbeweging na de magere jaren, maar in Frankrijk en Italië trappelen ze nog altijd nog ter plaatse, precies omdat ze minder hebben hervormd.”

We hebben de 'Spaanse kuur' die Killemaes voorschrijft, berekend [5]: in 2014 lag de Spaanse welvaart nog steeds meer dan 6% lager dan in 2008, het beschikbaar inkomen 4% lager. De jongerenwerkloosheid piekte vorig jaar op 55%. Dus gaat het niet deels om een inhaalbeweging (hoogstens van een zeer klein deel). Een Spaanse terugkeer naar het BBP en inkomen van voor het crisisniveau is nog steeds ver af. Daarentegen wijst alles erop dat het bezuinigingsbeleid grotendeels een flop was, met vooral een grote sociale ravage [6]. Nog dit om af te sluiten: het is door de lage olieprijs en het “lage euro”-beleid van de Europese Centrale Bank – een beleid waar Trends doorgaans tegen is – dat de groei in de eurozone zich herstelt.