Een uur. Meer bedenktijd had de 32-jarige Caroline Gennez niet nodig toen Johan Vande Lanotte in haar een geschikte opvolger voor hem zag, nadat de SP.A-voorzitter de parlementsverkiezingen zwaar had verloren. 'Vreemd, ik heb toen eigenlijk niemand gebeld', zegt ze in haar schepenkantoor in het Mechelse stadhuis. 'Natuurlijk is het plezieriger om voorzitter te worden als het goed gaat. (grijnst) Maar toen zat Johan er nog. Toen zou niemand me hebben gevraagd.'

Ik heb een gezonde dosis zelfvertrouwen, al krijgt dat af en toe een deuk

Hoe maak je zo'n afweging? 'Ik dacht: Dit is echt het dieptepunt van de Vlaamse sociaaldemocratie in de laatste vijftig jaar. Cijfermatig en procentueel waren de verkiezingen van 1999 nog slechter, maar contextueel niet. Het ging toen heel aantoonbaar om een uitgestelde Agusta-rekening die de partij gepresenteerd had gekregen. Nu staan we voor een veel complexere verklaring.' 'Ik zie deze partij gewoon graag. Ik ben erin gegroeid, ik heb een heel traditioneel parcours gereden. Als ze je daarna op zo'n dieptepunt vragen, dan zeg je ja. Socialisme is nodig in een gemondialiseerde wereld. We mogen ons zeker niet terugplooien op onszelf door samen met de ziekenbond en de vakbond in het Volkshuis te gaan kniezen. Dat zou pas een terugkeer in de tijd zijn.'

'Natuurlijk vraag ik me af of ik het voorzitterschap aankan. Tegelijkertijd ben ik nieuwsgierig. Zo'n uitdaging is best fijn. Toen ik voorzitter van de jongsocialisten werd, of toen ik naar Mechelen verhuisde, vroeg iedereen zich af of ik wel wist waar ik aan begon. "Neen", heb ik altijd geantwoord. Maar ik heb mijn werk altijd systematisch aangevat, met medestanders en een project. Ik ga dat ook nu doen. Ik hoop dat iedereen rationeel genoeg is om me te beoordelen op wat ik doe, niet op mijn leeftijd of op mijn uiterlijk.'

Ambitieuze mensen pakken weleens dingen aan die ze net niet aankunnen. 'Dat is het Peter's principle. Dat zou een gebrek aan zelfkennis zijn. Ik heb een gezonde dosis zelfvertrouwen, al krijgt dat af en toe een deuk, als ik bepaalde dingen over mezelf lees. Ik probeer uit kritiek altijd dingen te distilleren waarmee ik iets kan aanvangen of waarmee het project vooruit wordt geholpen. Het overige leg ik naast me neer.' 'Persoonlijk heb ik niet te veel ambitie.' Dat lijkt een paradox. Bij de SP.A kijkt iedereen uit gewoonte alleen naar de voorzitter. 'Dat was zeker niet de afweging. Dat ik de nummer een zou worden, is alleen maar een vergiftigd geschenk. Ik heb gewoon een naïef geloof in het socialisme.'

Vreest u niet de Stefaan De Clerck van de SP.A te worden: een overgangsfiguur die de partij naar de volgende nederlaag leidt om vervolgens te worden vervangen? 'Dat is niet mijn ambitie. We hebben nood aan een project op langere termijn. Oké, de Vlaamse verkiezingen van 2009 mogen uiteraard beter zijn. Maar de partij moet er in 2011 weer staan. Of de interne werking weer op peil staat, weten we pas met de gemeenteraadsverkiezingen van 2012.' 'De partij heeft nood aan rust. Die rust is er momenteel niet. Daarvan ben ik zelf het slachtoffer. En wellicht ben ik er ook mee verantwoordelijk voor, door de manier waarop ik de kandidatuur voor het voorzitterschap heb aanvaard. De SP.A heeft te veel personeelswissels gekend. Niet alleen bij de ministers, ook bij de voorzitters. Patrick Janssens werkte nog systematisch. Steve Stevaert en Johan Vande Lanotte bleven veel te kort aan.'

'Gennez is het beste wat we nu in huis hebben. maar ze is niet briljant', hoor je in de partij. Ze is geen Stevaert noch een Louis Tobback. 'Dat vind ik geeneens zo erg. Laat ik maar gewoon Caroline Gennez zijn. Ik zoek de authenticiteit. Ik wil niemand imiteren. En echt briljant zijn maar weinig mensen.'

Een commentator 'had u nog nooit op een visie betrapt'. 'Dezelfde man (Luc Van der Kelen van Het Laatste Nieuws, nvdr) heeft mijn boekje over Europa gepresenteerd. Hij vond het een verfrissend werkstuk. Dat heeft me toen aangenaam verrast. Nu was het wat minder. Niet erg. Het kan me alleen maar motiveren.' De stemming over het voorzitterschap draaide in de Brugse afdeling uit op een absolute vernedering.

Was u op de terugweg naar Mechelen nog gemotiveerd? 'Ik moet het toegeven: dat was een van de moeilijkste momenten uit mijn loopbaan. Ik ben niet echt een pathetisch figuur, maar toen zat ik vrij diep. De onmacht was groot. Er was heel veel frustratie, veel ongenoegen. Als ze je afsnauwen met een "zwijg nu, onnozele geit", dan word je echt moedeloos. Er was geen bereidheid om te luisteren. Het was heel demotiverend.' 'Een militante uit Mechelen had me naar Brugge vergezeld. Ik had haar verzekerd dat de discussies zoals in Mechelen elders gewoon ondenkbaar waren. Nou, trok die even grote ogen! Ze kon niet snel genoeg terug aan de Dijle staan. Si tous les dégoûtés s'en vont, il n'y a que les dégoûtants qui restent. Die gedachte hield me op de been. Je wilt niet dat de partij in handen komt van mensen die erop uit zijn om te verdelen.

Opgeven? Nooit aan gedacht. Ik ben op veel plaatsen gaan spreken. Er is veel ontreddering en ontgoocheling. Maar ook bereidheid om samen verder te werken.' Hebt u nooit gedacht: Ik ga de mooiste jaren van mijn leven toch niet verspillen aan malcontente mensen? 'Nee. Intussen hebben 72 afdelingen met meer dan 25.000 leden mij voorgedragen. Nu hoop ik ook de anderen nog te kunnen overtuigen. Maar het was misschien niet verstandig om Erik De Bruyn een communist te noemen.' Maar wel authentiek. 'Ik zeg de dingen hoe ik denk dat ze zijn. Communist is voor mij geen scheldwoord. Ik had het trouwens over "een communistisch geïnspireerde maatschappijvisie". Die is toch ook legitiem? Maar dat is voor mij niet de koers die de SP.A uit moet.'

Uw Mechelse partijgenote Anissa Temsamani noemde u een stalinist, niet bereid tot luisteren, eigenwijs, koud ... 'Daar ben ik best van geschrokken. Zelden werd zo zwaar op de vrouw gespeeld. Ze heeft inhoudelijk niks gezegd.' Hebt u zich herkend? 'Het idee dat een stalinist tegelijk een barbiepop kan zijn, heeft me verbaasd.'

In vergelijking met Freya Van den Bossche vond ze u alvast 'emotioneel stabiel'. 'Heeft ze dat echt verteld? Tja, ik ben inderdaad niet snel uit mijn lood geslagen. Eigenlijk heb ik met veel mensen een goede band. Ik maak zelden ruzie.' 'Ik ben niet rancuneus. Maar haar kritiek heeft pijn gedaan. Ik zal met haar onder vier ogen gaan praten. Ook in het belang van de stad.'

Temsamani rijdt een hobbelige parcours naar beneden, u trekt standvastig de heuvel op. U bent in Mechelen gedropt, waar Temsamani aan de weg timmerde. 'Ik heb heel veel begrip voor de ontgoocheling van mensen, voor gebroken verwachtingen. Ik heb het zelf ook meegemaakt. Een mens wordt er sterker van. Maar ik vind het niet normaal dat men zich in de partij tot dit soort van scheldpartijen laat verleiden.' Temsamani staat altijd klaar met kritiek. En ze is erg benaderbaar. Zult u dat als voorzitter dulden? (grinnikt) 'We zullen de problemen oplossen als ze zich voordoen. Maar ik hoop het tegendeel.'

We moeten u nog feliciteren met uw meterschap. 'Ja, leuk hé? Dat was het beste nieuws van vorige week.'

U wordt meter van de dochter van de partijwoordvoerdster, Vivi Lombaerts. Die wordt straks opgevolgd door haar voorganger, Johan Vanhoecke, die nu bij Freya Van den Bossche werkt en erg dicht bij Steve Stevaert staat. Heeft dat ons-kent-onssfeertje de partij nooit parten gespeeld? 'Laten we pas na de bekendmaking van de uitslag, op 21 oktober, over het SP.A-personeelsbeleid discussiëren. Kan dat?' 'Jullie denken te ver door. Ik ken Vivi al 15 jaar. Dit gaat om camaraderie, dit staat helemaal los van de partij.'

Een deel van de problemen bij de SP.A is net te wijten aan een gebrek aan discussiecultuur. 'Tja. Dat is wel duidelijk. Het is een echte etterbuil die nu openbarst. Ik heb er wel begrip voor. We proberen dat beeld ook van ons af te schudden. Het rapport-Janssens over de nederlaag van 10 juni was een goede aanzet. Nu is het moment gekomen om de dingen openlijk te zeggen.'

Het rapport-Janssens somt een waslijst van dingen op die fout zijn gelopen. Niemand heeft die vergissingen ooit aangekaart. 'Het is zo. Niemand zei ooit iets op het partijbureau. Ook ik heb me daarover verbaasd. Dat is een verantwoordelijkheid van de partijtop, maar evengoed van degenen die hebben gezwegen. De interne debatcultuur was ver te zoeken.' 'Nu moeten we dat stroomlijnen, het inhoudelijk debat stimuleren, de partij omvormen tot een mobiliserende machine.'

Als onderdeel van de partijtop was u een partner in crime. Op 11 juni werd alles en petit comité bedisseld: u werd voorzitter, Freya Van den Bossche fractieleidster en Patrick Janssens mocht een rapport schrijven. Het partijbureau knikte even later gedwee. 'Het was een vorm van bewustzijnsvernauwing. Iedereen hing in de touwen. Met de beste wil van de wereld probeerde een aantal mensen iets op de sporen te zetten. Het was alleen niet de goede manier.' 'De top had de gewoonte om alles zelf te regelen. Als je wint, maakt natuurlijk niemand bezwaar. Ik heb het daar altijd lastig mee gehad. Een gebrek aan discussie is niet goed voor een linkse, levendige, progressieve partij. We moeten tegenwoordig haast leren om met elkaar te discussiëren. We moeten elkaar sans rancune argumenten naar het hoofd kunnen slingeren, om vervolgens de rangen te sluiten en verder te werken. Een politicus moet voldoende overtuigd zijn van het eigen gelijk om wat tegenspraak te kunnen verdragen.'

Van u is niet veel tegenspraak bekend. 'Ik doe nu tien jaar aan politiek. Soms was ik contesterend, soms wat minder. Als jongerenvoorzitter herinner ik me nog de disputen met Louis Tobback.' Bij de jongeren mag dat. 'Nee, toch niet. De jongsocialisten waren helemaal geïmplodeerd. Niemand wou voorzitter zijn omdat die het altijd aan de stok kreeg met Tobback. Het was zogezegd slecht voor de carrière (een andere jongerenvoorzitter, Pascal Smet, is intussen Brussels minister, nvdr.). Ik vond het een aanlokkelijk vooruitzicht om met Louis te discussiëren.' 'Als fractieleider in een tripartite (de Vlaamse regering, nvdr), de meest geestdodende vorm om aan politiek te doen, is het niet mijn taak om lastig te zijn. Ik neem mijn verantwoordelijkheid, maar blijf loyaal.' 'Wij hebben nood aan gedragen leiderschap. Er is geen ongecontesteerde of natuurlijke leider bij de SP.A. Toen ik kandidaat wilde worden, besefte ik erg goed dat ik niet onbesproken zou zijn. Ik vond het ontslag van Johan overhaast en niet nodig. Hij vond het zijn plicht om op te stappen. Niemand kon hem daarvan afbrengen. Hij eiste dat recht op.'

Vande Lanotte is erg verstandig, maar begeesterde niet. Mist de SP.A dan het vermogen om ook het hart aan te spreken? 'Dat is inderdaad de uitdaging. We moeten ook het enthousiasme proberen te kanaliseren. Dat was er de afgelopen campagne gewoon niet. Ik vond Johan in de debatten alvast beter dan de man van 800.000 stemmen. Dat is ook niet de warmste mens die je je kunt voorstellen.' 'We moeten in de eerste plaats authentiek zijn. Mensen moeten aanvoelen dat je goede dingen wilt realiseren. We moeten bouwen aan een geloofwaardigheid. "People don't care how much you know till they know how much you care", zei de Amerikaans president Theodore Roosevelt ooit. Mensen moeten geloven dat je niet voor jezelf of voor de partij aan politiek doet, maar omdat je echt gelooft dat het beter kan.'

De SP.A worstelt met het individualisme in de samenleving. Wat wordt uw antwoord? 'Mensen zijn op zoek naar zekerheden. We moeten zoveel mogelijk antwoord geven op concrete vragen. Als je van deur tot deur gaat, hoor je altijd dezelfde bekommernissen. Ons discours was goed onderbouwd, maar het moet concreter. De mensen snappen dan wel dat alle heil niet van Vlaams Belang komt.' 'Het zou poujadistisch zijn om te zeggen dat we nood hebben aan een nieuw ideologisch congres. We hebben er in januari pas een gehad. Er is niet zoveel mis met wat er op papier staat. We moeten ons gewoon beter verkocht krijgen. Ik pas voor de zoveelste analyse. We moeten de boodschap uitdragen, op een manier dat mensen hem snappen.'

En dus zwijgen over een mottenballentaks - een heffing op winsten die worden gerealiseerd met afgeschreven kern- en steenkoolcentrales. 'Dat hebt u mij nooit horen zeggen.' Toch wel, afgelopen zondag in Gent. 'Toch niet. Ik spreek altijd over de superwinsten van Electrabel.' 'Ik voel me helemaal geen bestuurder, tenzij in Mechelen. Als ik het geharrewar zie van de verkenner, de bemiddelaar, de informateur, de formateur en wat weet ik nog allemaal... Ze oogsten allemaal wat ze hebben gezaaid. Zoals het Belang won op de kap van de allochtonen, won CD&V/N-VA op de kap van de Walen. Laat ze er nu maar iets van maken.' 'En wat krijgen we: een cadeau van 8 miljard voor Electrabel, de kerncentrales blijven langer open en de gepensioneerden mogen vier miljard inleveren. Dan kijk ik er echt naar uit om oppositie te voeren.

Maar dat kunnen we pas als er iets gebeurt. Momenteel doet de meerderheid gewoon niets. 'We kijken werkloos toe. 'We kunnen het niet oplossen, dat is waar. Maar de mensen hebben ons op 10 juni ook niet gevraagd om het op te lossen. We kunnen alleen ons verhaal scherpstellen en hopen dat het meer dan 16 procent van de Vlamingen kan interesseren. Dat kan als je bevrijd kunt spreken. Dat kan als je niet altijd het compromis verdedigt.'

U biedt vandaag geen tegenwicht voor het communautaire opbod. 'O, maar wij zijn daar duidelijk is. Het is toch cynisch wat er gebeurt? Voor de verkiezingen leek het alsof alles peis en vree zou zijn als we wat verder van die luie Walen gingen staan. Nooit heeft CD&V eraan gedacht om eens met de Franstaligen te gaan praten, wat toch logisch zou zijn in een ingewikkeld land als België. Van de weeromstuit stellen de Walen zich even dogmatisch op. Eigenlijk ben ik weleens nieuwsgierig om te weten hoe het er aan de onderhandelingstafel aan toegaat.'

U mag zich steeds aanbieden. 'Nee, nee, nee. (lacht) Begrijp me niet verkeerd. Maar ik vrees dat dat dynamische gesprek gewoon nergens over gaat. Heel cynisch allemaal: een stelletje macho's en een zogeheten bitch. Intussen wordt er bij Janssen Pharmaceutica, toch een parel aan de Vlaamse economische kroon, zwaar geherstructureerd. Maar dat kan niemand van de onderhandelaars iets schelen.' 'Natuurlijk gaan we praten als we worden gevraagd. Maar we willen niet worden gevraagd. De kiezer vindt dat we in de oppositie thuishoren. Laat oranje-blauw maar gewoon rechts zijn. We zijn niet nodig voor een meerderheid.'

Naar verluidt koos u Dirk Van der Maelen als ondervoorzitter omdat hij dan fractieleider af is. 'Goh, wat een verdorven gedachte. Ik heb Dirk gevraagd als running mate omdat hij als lid van de linkervleugel toch een modern socialisme aanhangt. Hij heeft frisse ideeën en veel voeling met de basis. Ook heeft hij goede contacten met het middenveld. We vullen elkaar uitstekend aan. De fractie beslist wie de nieuwe fractieleider in de Kamer wordt.'

Freya wordt het alvast niet. 'Ik heb respect voor haar beslissing. Dat de SP.A op korte termijn haar reputatie als partij van goede bestuurders is kwijtgeraakt, was inderdaad een harde conclusie. Maar wel correct. We hebben te veel geswitcht.' 'We moeten onze rekruteringsbasis uitbreiden. Door onze basiswerking te verwaarlozen, hebben we een vorm van instroom gemist. Te veel dingen zijn over de hoofden van de mensen heen beslist. Je kunt niet iemand lijsttrekker maken als niemand haar heeft gezien. Dat schoffeert de basis.'

Welke score wilt u halen? 'De helft plus een.' Dan hebt u een probleem. 'Wie zegt dat? Zo'n tweestrijd is uniek voor onze partij.' Vraag maar aan uw burgemeester, Bart Somers. 'Eh, waarom? En Jo Vandeurzen, wat haalde die?' Die had met Pieter De Crem een tegenkandidaat van formaat. 'Wie zegt dat Eric De Bruyn geen serieuze tegenkandidaat is?' Volgens belangrijke SP.A'ers moet u minstens 70 procent halen. 'Ze mogen altijd oproepen om voor mij te stemmen. Ik wil graag voorzitter worden en dan moet je de helft plus een halen.' 'Het voorzitterschap zou ik moeten combineren met het fractieleiderschap in het Vlaams Parlement en mijn schepenambt. Drie functies is wat veel. Ik blijf zeker schepen. Of ik fractieleidster blijf, hangt van de fractie af.'