In het Leuvens woonzorgcentrum Edouard Remy heerst sinds januari grote bedrijvigheid.

 Drie ingenieurs werken er samen met de bewoners en het verzorgend personeel aan innovaties die moeten bijdragen aan een betere zorg en een kwaliteitsvol leven. Samen testen ze hoe ze vallen kunnen detecteren en valrisico’s voorspellen en gaan ze na hoe technologie ondervoeding kan helpen voorkomen. Innoveren mét ouderen neemt soms verrassende wendingen aan!

Tegen 2025 zal bijna één derde van de Vlaamse bevolking ouder zijn dan 60. De vraag naar aangepaste zorg voor ouderen zal dus nog toenemen. Om die zorg betaalbaar en kwaliteitsvol te houden, is zorginnovatie nodig.

“We willen allemaal gezond ouder worden”, vertelt gedeputeerde van economie Marc Florquin. “Daarom ondersteunt de provincie verschillende projecten binnen het speerpunt Gezondheidszorg. Ingenieurs in het woonzorgcentrum is een mooi voorbeeld omdat het twee werelden verenigt. Het is immers niet zomaar een technisch verhaal, maar stelt techniek in functie van het welzijn en de behoeften van de mensen. We maakten hiervoor dan ook graag 95.000 euro vrij”.

Deze structurele samenwerking is uniek in Europa. Onderzoekers vertrekken doorgaans van wat zij denken dat nodig is. Maar de hoogtechnologische vooruitgang komt niet altijd tegemoet aan de echte noden en wensen van de betrokken en mist daardoor zijn doel. Bovendien test men de oplossingen meestal uit in een labo en niet met de echte eindgebruiker. “Die mismatch willen we de wereld uitwerken”, stelt OCMW-voorzitter Herwig Beckers. ”De ingenieurs betrekken in ons WZC iedereen bij het onderzoek: de zorgprofessionals, familie en mantelzorgers, zorgbehoevenden en bedrijven. Op die manier zijn de resultaten beter afgestemd op de ouderen en heeft het product meer kans op een succesvolle marktintroductie”.

“Het project kan ook rekenen op internationale belangstelling”, weet ingenieur Greet Baldewijn. Die interesse ging zelfs zo ver dat Greet een artikel schreef voor een Amerikaans antropologisch tijdschrift. Voor het technische luik werken de onderzoekers samen met verschillende partners. Zo stelt Roger Diels van Sensolid een 3D thermische sensor array ter beschikking aan de ingenieurs voor valdetectie en ter beveiliging van de inwoners. “Dankzij dergelijke samenwerkingen kunnen we meer parameters in kaart brengen en ruimere toepassingsgebieden formuleren”, zegt professor Bart Vanrumste van de KU Leuven.

Onderzoek naar valdetectie is niet nieuw en er bestaan al veel systemen. Maar zijn die wel gebruiksvriendelijk en performant? “Dat is net wat wij willen onderzoeken, mét de ouderen zelf”, verklaart ingenieur Greet Baldewijns. “Tot nu toe baseren wij ons onderzoek op een enscenering in een labo. Maar dat is niet hetzelfde als een val van een 80-jarige zorgbehoevende. Vallen in een echte situatie is zeer divers. Dit gaat uit een stoel schuiven tot uitglijden in de douche. Bovendien is de feedback van zorgpersoneel en ouderen over de bruikbaarheid van de systemen cruciaal om bestaande oplossingen te verbeteren”.

Een tweede deel van het onderzoek richt zich op het voorkomen van vallen. Hierin gaan de ingenieurs bijvoorbeeld na of een Wii Balance Board een inschatting kan maken van de graad van het valrisico en of het de evolutie van het valrisico kan opvolgen. Zo’n bord is immers erg gebruiksvriendelijk en makkelijk inzetbaar, waardoor op termijn ook een huisarts gelijkaardige testen in zijn praktijk zou kunnen doen.

De derde case werkt rond ondervoeding, een veel voorkomend probleem in de ouderenzorg. Ingenieur Gert Mertes richt zich op de automatische detectie van voedselinname om ondervoeding te voorkomen: “Zo kunnen we kauwbewegingen tijdens de maaltijd meten met een kleine sensor op een bril. Die informatie is handig om inzicht te krijgen in het eetgedrag van de oudere. Verder willen we met sensoren in een eetbord het aantal opgenomen calorieën meten. En willen we nagaan of deze toepassing ook ingezet kan worden om ouderen te motiveren om beter en gezonder te eten”.

“Dit onderzoek leert ons dat we als onderzoekers vaak uitgaan van foute veronderstellingen”, vult Jessica Hekking, coördinator van zorgproeftuin Leuven InnovAGE, aan. “Een cruciale vraag in ons project is hoe ouderen het gebruik van sensoren in hun leefomgeving ervaren. Verschillende bewoners wilden verrassend genoeg graag camera’s in hun badkamer, omdat ze daar het vaakst vallen. En tegen onze verwachting in kan het onderzoek voor hen niet snel genoeg gaan en komen ze zelfs met nieuwe toepassingen op de proppen”.

Ingenieurs in het WZC is een intensieve en duurzame samenwerking tussen K.U.Leuven, OCMW Leuven en ‘InnovAGE’.  Het project loopt nog tot december 2016 met steun van de provincie.

Bekijk hier enkele sfeerbeelden.