In navolging van het prachtige werk van Bisser op een elektriciteitscabine in de Burchtstraat, krijgt ook het elektriciteitsgebouw in de Redersstraat een nieuw uitzicht. Voor de gelegenheid hebben kunstenaars Hans Geyens en Bisser een Amerikaanse collega, Nils Westergard uitgenodigd om het gebouw te verfraaien.

Op vraag van Straatbeeld vzw, dat eerder al kunstprojecten op het Hooverplein en het stadspark uitwerkte, stellen netbeheerder Eandis en stad Leuven het elektriciteitsgebouw ter beschikking. “Het resultaat op de elektriciteitscabine in de Burchtstraat mag er ook zijn. Het is een echte blikvanger voor de Vaartkom”, zegt schepen van Openbare Werken Dirk Robbeets. “Nu is het de beurt aan de Redersstraat, binnenkort verfraait Hans Geyens de cabine in de Schapenstraat. Als stad ondersteunen we dat graag, omdat we kunst zo toegankelijk mogelijk willen maken. Er is geen betere manier om dat te bereiken dan kunst op straat te brengen, waar iedereen het kan bewonderen.”

Voor de street art aan de Redersstraat, besloten Hans Geyens en Bisser samen te werken. Ze krijgen daarbij de hulp van Nils Westergard, een street artist uit de Verenigde Staten. De muurschildering op de korte zijde van het elektriciteitsgebouw vertrekt vanuit een beeld van Nils Westergard. Bisser maakt daar dan het spiegelbeeld van, in zijn eigen gekende stijl. Hans Geyens zal achteraf het kunstwerk afwerken, met een tekst die linkt naar de elektriciteitscabine in de Schapenstraat die hij later onder handen neemt.

Straatbeeld vzw heeft de ambitie om de Leuvense openbare ruimte te verfraaien en zo bij te dragen aan een creatief Leuven. “We zijn al een dik jaar actief in Leuven, om kunst in de openbare ruimte zichtbaar te maken”, zegt Lucie Rullaud van Straatbeeld vzw. “Het gaat veel breder dan louter street art: woordkunst, fotografie, illustratie … Zo onderscheiden we ons van andere street art projecten die de laatste tijd erg populair zijn in steden. We willen alle kunstenaars de kans geven om in de publieke ruimte hun werk tentoon te stellen. We krijgen daarbij veel steun van het stadsbestuur en Eandis.”