Deze week wordt het Europese investeringsplan besproken in het Europees Parlement. Eerder publiceerde de onafhankelijke, Europese, denktank Bruegel een analyse van het investeringstekort in de EU sinds de bankencrisis (2007-2008). In de ‘oude’ EU (15 landen) werd het tekort geschat op 260 miljard; op 160 miljard zonder de bouwsector.

Wij maakten de analyse voor België. Onze conclusie is dat België nauwelijks een investeringstekort heeft sinds de crisis. In de jaren 80 en 90 is die er wél geweest met een dieptepunt van 11 miljard in 1984 en 5 miljard in 1995. In de jaren 2000 piekten de investeringen daarentegen tot 10 miljard boven de trend.

foto: Reporters

 

Investeringen zijn belangrijk voor een economie: ze dienen om de stock aan kapitaal te vervangen en te vernieuwen zodat onze welvaart, gemeten in BBP, op peil blijft.

Bron: AMECO, eigen berekeningen. Bedragen in miljard euro’s 2010

 

De bruto investeringen zijn de som van alle investeringen die de ondernemingen, gezinnen en de overheden maken in een jaar. In België besteedden we in de periode 1970-2014 tussen 20 en 25% van ons BBP aan investeringen, met een uitzondering voor de jaren 80 wanneer die onder de 20% lagen.  Anders gezegd: we besteden een vijfde tot een vierde van onze jaarlijkse productie aan investeringen om in de toekomst minstens eenzelfde niveau van economische productie te kunnen handhaven. Gemiddeld komt iets meer dan de helft van die investeringen uit de bouwsector met golven van 45% in de jaren 2000 tot 60% in de jaren 70.
De netto investeringen zijn de bruto investeringen verminderd met de afschrijvingen, de jaarlijkse waardevermindering door slijtage en gebruik. De netto investeringen tonen dus hoeveel we extra toevoegen aan de stock van kapitaal en zouden ons in staat moeten stellen om een hoger welvaartsniveau te bereiken. Over de periode 1970-2014  bedragen de netto-investeringen in België gemiddeld 6% van het BBP. Sinds de crisis liggen die eerder rond de 3%.

Investeringen in België zijn stabieler dan andere EU-landen

TWEET DIT
“Zwakke groei EU en bezuinigingsbeleid regering bedreigen investeringen in België.”

 De vergelijking tussen de Belgische en  Europese cijfers (EU15) leert ons dat de piek in de jaren 2000 én de terugval na 2008 minder uitgesproken was in België.  De investeringsboom in vastgoed in de zogenaamde PIGS-lidstaten Portugal, Ierland, Griekenland en Spanje is de verklaring. De Europese grafiek (hieronder) zonder bouwsector toont een veel minder grote boom in de jaren 2000, maar evenzeer een terugval. Kort gezegd: de boom was in vastgoed maar de terugval in de hele economie.

Wel nu: België volgt die evolutie niet helemaal.  Voor de crisis was het aandeel van de bouwsector in de totale investeringen in België relatief laag en na de crisis was de terugval minder uitgesproken. Dat duidt op een stabielere economie die minder afhankelijk is van de bouw.

Bron: Bruegel

 

Het gevaar van een investeringstekort in de EU
Landen die al dan niet tijdelijk weinig investeren, zoals Duitsland voor de crisis en Spanje na de crisis, teren op hun groeipotentieel. Dat betekent dat ze enkel investeren om machines en infrastructuur te vervangen, maar uitbreidingsinvesteringen drastisch terugschroeven. Dat levert tijdelijk betere winsten op, maar na een periode van onder-investering is de capaciteit van de economie dus verzwakt. Bruegel toont aan dat de EU zich sinds de crisis in zo’n situatie bevindt. Door onder-investering verzwakken we onze capaciteit om in de toekomst onze welvaart te verhogen.
Uiteraard zijn niet alle investeringen nuttig gebleken; dat is deel van de redenen voor de eurozone-crisis. Denken we maar aan de vastgoedboom in Spanje: finaal bleek dat een tijdelijke, kunstmatige boom die niet leidde tot een duurzaam hoger niveau van welvaart voor de Spanjaarden. Maar ook het omgekeerde is waar: zonder nieuwe, dit keer wel productievere investeringen, zal Spanje zijn welvaart evenmin duurzaam kunnen verhogen.

België volgt Duitse patroon voor en na de crisis
De Bruegel-analyse toont de terugval van investeringen in de bouw in Spanje en het VK en de continu, de stilstand in Frankrijk en de continue daling van investeringen in Italië.

Bron: Bruegel

 

Bron: AMECO, eigen berekeningen

 

België evolueert meer zoals Duitsland: er is wel een herstel te merken na de crisis maar die groter in de bouw dan in de rest van de economie. Met een beetje overdrijving zou je kunnen zeggen dat in België en Duitsland, in tegenstelling tot Spanje, de boom in de rest van de economie was, maar het herstel in de bouw. Dat is een goeie zaak in de mate dat het de investeringen op peil houdt in een zwakke conjunctuur maar dat mag natuurlijk niet leiden tot een overinvestering in vastgoed en infrastructuur zoals in Spanje.

CONCLUSIE

De analyse van het investeringstekort in de EU door de denktank Bruegel gaat voor België niet of nog niet op. Er is duidelijk een vertraging sinds de crisis, maar die is niet abnormaal en niet erg groot ten opzichte van de relatieve sterke investering in de jaren 2000. De terugval van investeringen sinds de crisis is voorlopig niet te vergelijken met die van de jaren 80 en 90, wat positief is. De bezuinigingen in de publieke sector en de impact van de bezuinigingen op de investeringen zouden die in de volgende jaren echter kunnen verminderen. De Europese Commissie waarschuwde in november al dat investeringen uitgesteld werden door de lage binnenlandse vraag en de verslechterende export.

TWEET DIT
“Investeringen behoorlijk hersteld van crisis, maar vrees voor volgende jaren. ”

 Er is wel een verschuiving van investeringen: terwijl voor de EU geldt ‘de boom was vooral in vastgoed, de terugval in de hele economie’ , lijkt het voor België eerder ‘de boom was vooral in de rest van de economie, het herstel eerder in de bouw’. Het directe effect van het Europese investeringsplan zal de tendens van investering in infrastructuur allicht eerder versterken. Om de investeringen in de rest van de economie te herstellen, zal een terugkeer van normale economische groei in de EU nodig zijn.