Mijnheer de minister, collega’s,

Ik voel me vandaag als een verzorgende, een verpleegkundige in een rusthuis. Zoals zij elke dag ervaren: er is zo veel te zeggen, zo veel te doen, er zijn zovele uitdagingen. Maar de chronometer loopt; ik moet me noodgedwongen beperken. Kan niet alles doen wat nodig, nuttig is.

Het spijtige is, mijnheer de minister, dat uw begroting zich in een gelijkaardige situatie bevindt: zo veel te doen, zo veel uitdagingen om aan te gaan, zo veel investeringsnoden. Maar u beperkt zich, niet noodgedwongen, maar vrijwillig, en dat is wel een verschil met de verzorgende, verpleegkundige. Uw begroting, die wel enkele positieve aanzetten bevat, is voor sommige sectoren een soort vrijwillig minimum, een ondergrens om weer een jaar door te komen, maar ze bevat niet wat nodig is voor een warm Vlaanderen; ze biedt geen perspectief aan verschillende welzijnssectoren, aan de medewerkers die dag in dag uit het beste van zichzelf willen geven om zorgbehoevenden het leven aangenaam te maken en hen bij te staan.

Sta me toe dit aan te tonen met twee voorbeelden, andere zijn mogelijk:

  1. De zorgzwaartefinanciering in onze woon- en zorgcentra

Net als wij, komt u ook op het terrein minister. U weet dat de zorgzwaarte, en dus de werklast, in onze wzc sterk is gestegen. Uw eigen cijfers, of de mara-studie van zorgneticuro, bevestigen het. Het aantal zwaar zorgbehoevenden, het zorgprofiel van de bewoners is zwaar toegenomen, jaarlijks komen er ongeveer 1900 bij. Meer zorg nodig betekent meer personeel nodig. U kent deze nood aan meer rvt-erkenningen, meer financiering van zorgpersoneel. . U kent de verhalen van de zorg met de chronometer, dit is niet de zorg die wij wensen dat gegeven wordt aan onze ouders in voorkomend geval.

Om te bewerken dat residentiële zorg, die soms nodig , het beste is, kwaliteitsvol, betaalbaar en toegankelijk blijft, moet u een perspectief bieden, minister, aan onze zorgbehoevende bejaarden en aan de actoren op het terrein. Er is nood aan een meerjarenplan inzake bijkomende rvt-erkenningen, aan een duurzaam perspectief voor een toegankelijke, kwalitatieve en betaalbare residentiele ouderenzorg.

  1. mantelzorg

Mantelzorg is essentieel in de zorgverlening, zowel wat de kwaliteit als de betaalbaarheid van de zorg betreft. Het samenspel tussen mantelzorg en professionele (thuis)zorg moet versterkt worden, we moeten komen tot een echte parallelle zorg. Deze analyse is gemeengoed.

Maar ook hier: u biedt geen perspectief aan de duizenden mantelzorgers in Vlaanderen, u voorziet geen concrete middelen om de draagkracht van onze mantelzorgers te versterken. Versterking die nu nodig is.

Ja, er is een mantelzorgplan. Maar na een plan moeten concrete acties volgen, anders blijft het een plan op papier.

Er is nu zelfs een voorstel van resolutie van de meerderheidspartijen tot verbetering van de ondersteuning van de mantelzorger. Blijkbaar hebben deze collega’s ook niet veel vertrouwen in de concrete uitvoering van uw mantelzorgplan, is hun geduld ook te lang op de proef gesteld.

Dus ook hier minister: biedt een concreet perspectief met een timing.

Welzijn is een belangrijk bevoegdheidsdomein. De bevoegdheden inzake welzijn moeten mee zorgen voor een warm, zorgzaam Vlaanderen, een Vlaanderen waarin iedereen zijn of haar plaats heeft en volwaardig deel kan nemen aan onze samenleving.

Minister, U noemt 2017 zelf een beslissend kanteljaar. Maar, tot mijn spijt moet ik vaststellen, dat een echte kanteling naar een warmer, zorgzamer Vlaanderen niet is ingezet. Ik weet niet goed wat ik er van moet denken : kan u niet, wil u niet of mag u niet?