Het vrijwaren van een belastingvoordeel van 942 miljoen euro per jaar voor 123 (voornamelijk) financieringsvennootschappen en holdings. Dat was de reden waarom Johan Van Overtveldt, N-VA’er en minister van Financiën, maandenlang moeilijk deed in de onderhandelingen over een nieuwe Europese richtlijn tegen belastingontwijking. Uiteindelijk haalde de Belgische minister zijn slag (gedeeltelijk) thuis: het belastingvoordeel moet pas in 2024 verdwijnen. Daarmee heeft de Belgische regering haar eigen ambitie om de vennootschapsbelasting te hervormen grotendeels gefnuikt. De belangen van 123 financieringsvennootschappen gaan voor deze minister voor op de belangen van vele duizenden KMO’s.

Op 12 juli 2016 kwam een einde aan de onderhandelingen over een Europese Richtlijn tegen belastingontwijking van multinationals. Pas op de valreep werd een akkoord bereikt. De prijs voor het akkoord was evenwel dat de belangrijkste maatregel uit het anti-ontwijkingspakket, de beperking van de intrestafrek, uitgesteld werd tot 2024. Dat was het ultieme compromis dat door voorzitter Dijsselbloem op tafel werd gelegd om België over de streep te trekken. Johan Van Overtveldt weigerde in eerste instantie zelfs daarmee akkoord te gaan. Met veel tegenzin en pas na een extra (elektronische) ministerraad in het weekend volgend op de Europese Raad stemde ons land dan toch - en als allerlaatste - in met het compromis.

Eerder had Van Overtveldt in de Kamer zijn ongenoegen geuit over het voorstel van de Europese Commissie. Samengevat: “Het is slecht voor onze economie.” N-VA-Europarlementslid Sander Loones verwoordde het in een opiniestuk plastischer. “Wat kunnen ons die ondernemingen en jobs schelen?”, zo vroeg hij zich af. Cijferwerk, al vermelde Loones er niet bij welk cijferwerk, zou aantonen dat de beperking van de intrestaftrek tot 30% van de brutowinst, zoals in het voorstel van de Commissie, 2,3 miljoen jobs zou kosten waarvan 93.000 in België. Loones beschreef de onderhandelingen over de anti-ontwijkingsrichtlijn als botte machtspolitiek van enkele grote EU-staten die zal leiden tot minder ondernemerschap, minder investeringen en minder werkgelegenheid. “Mogen wij de stopknop even indrukken?”, besloot Loones.

Uit cijferwerk dat wel gepubliceerd is, het laatste rapport van de Hoge Raad van Financiën (HRF), blijkt nu dat de door Van Overtveldt en Loones gedramatiseerde maatregel amper 123 (!) Belgische vennootschappen - multinationals - worden getroffen. Op een totaal van zowat 400.000 vennootschappen is dat 0,03% van alle vennootschappen in ons land. De HRF zegt letterlijk dat de de maatregel impact zal hebben op “voornamelijk financieringsvennootschappen en andere ondersteunende financiële bedrijven, waaronder holdings”.

De beperking van de intrestaftrek zoals voorgesteld door de Europese Commissie zou ons land een budgettaire marge van bijna 1 miljard euro opleveren. Van Overtveldt heeft er alles aan gedaan om die maatregel tot 2024 uit te kunnen stellen. Je kan er dan ook van op aan dat hij die nu niet zal goedkeuren in het kader van de hervorming van de vennootschapsbelasting. Daarmee wordt die hervorming meteen ook gehypothekeerd.

De aanpak van belastingontwijking door multinationals is een belangrijke pijler om de basis van de vennootschapsbelasting te verbreden en het tarief te verlagen op een budgettair aanvaarbare manier. De minister zegt wel dat hij de vennootschapsbelasting wil hervormen ten voordele van KMO’s en op een manier dat het geen gat in de begroting slaat, maar als het erop aan komt kiest hij ervoor een handvol financiële vennootschappen uit de wind te zetten.