Sinds enkele maanden zijn de onderhandelingen opgestart tussen de federale regering en de verschillende Gewesten over de opmaak van het nieuwe vervoersplan van de NMBS dat eind 2017 moet worden ingevoerd. Het belang van dit vervoersplan kan niet onderschat worden, het legt voor jaren vast hoe het personenvervoer per trein in ons land georganiseerd wordt en dus welke investeringen al dan niet zullen gebeuren.

Uit vertrouwelijke documenten die Joris kon inkijken, blijkt dat de heringebruikname van spoorlijn 204 Gent-Zelzate voor personenvervoer nu al van de onderhandelingstafel dreigt te vallen. Men voert aan dat de NMBS ‘onvoldoende potentiële reizigers bespeurt’, dat ‘met de Gentse haven’ besproken moet worden ‘waar eventuele stations zich zouden moeten situeren’ en dat ‘de budgettaire situatie van NMBS en Infrabel niet gunstig is voor de indienststelling van nieuwe reizigerslijnen’.

Joris wijst erop dat er in de Gentse regio een enorm groot draagvlak bestaat voor spoorlijn 204. De gemeenteraden van Gent en Zelzate, de provincieraad, de werkgeversorganisaties zoals Voka, de vakbonden, de reizigersvereniging Treimtrambus en het Gents havenbestuur hebben zich de afgelopen jaar voorstander getoond van spoorlijn 204. De Vlaamse regering is hen daarin bijgetreden. Spoorlijn 204 is één van dé prioriteiten van de zogenaamde “Vlaamse spoorstrategie” die de Vlaamse regering heeft vastgelegd als basis voor de onderhandelingen met de NMBS en de federale regering.

“Het is geen toeval dat hier zo’n groot draagvlak voor is. Vele studies hebben al uitgewezen dat het potentieel van spoorlijn 204 enorm groot is. Met 60.000 jobs is De Gentse havenzone de belangrijkste werkgever van de provincie, er wonen ook duizenden mensen in de kanaaldorpen. Deze spoorlijn, die dwars door de kanaalzone loopt, is een alternatief voor het woon-werk en woon-schoolverkeer van minstens 22.000 mensen, ruim 10.000 wagens kunnen hiermee van de weg gehaald worden. Spoorlijn 204 is een enorme hefboom voor duurzame mobiliteit in Gent.”

“Overleg over de locatie van de haltes en de nood aan bijkomende studies zijn drogredenen om niet te moeten beslissen. Dit dossier is klaar om uitgevoerd worden. Het zijn de blinde besparingen van de federale regering op het spoor die deze veelbelovende investering de nek omwringen. Vorig jaar werd ons, Gentenaars, een ‘voorstadsnet’ van bussen, trams en treinen beloofd door Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts. Dat de minister nu maar de daad bij het woord voegt en op tafel klopt voor spoorlijn 204”, besluit Joris