“Kinderen en jongeren horen niet thuis in een politiecel. Ik ben blij met het onderzoek van de minister en in het rapport staat zeer waardevolle informatie, maar ik begrijp niet het zo lang duurt om ook daadwerkelijk in te grijpen. De zes werkpunten die de minister uit het rapport distilleert, zijn maatregelen die al een hele tijd in voege hadden kunnen zijn. Dat er nood is aan een nationaal registratiesysteem, is al een hele tijd geweten. Dergelijk systeem had intussen operationeel kunnen zijn. Zelfs na dit onderzoek weten we niet om hoeveel celslapers het nu eigenlijk gaat. Het onderzoek baseert zich enkel op cijfers van zeven politiezones die ze spontaan bijhouden.

Al jarenlang klaagt sp.a aan dat kinderen en jongeren in gevaar nachten doorbrengen in een politiecel. Het waren niet zelden alerte en sociaal bewogen jeugdrechters die, keer op keer, de schrijnende situatie van celslapers in de pers hebben aangeklaagd. Wanneer een zeventienjarig meisje wordt achtergelaten op de trappen van het Antwerpse justitiepaleis en een nacht doorbrengt in een politiecel bij gebrek aan en bed op een veilige plek, hoort de overheid in te grijpen. Dat is niet gebeurd. In 2017 gaat het, voor die zeven onderzochte politiezones, over 331 cases van jongeren die met zekerheid een deel van de tijd tussen middernacht en 8 uur in de ochtend in de cel verbleven bij gebrek aan plaats in een jeugdinstelling of in de kinderpsychiatrie.

Kinderen en jongeren die een nacht in de cel doorbrengen, zijn kinderen en jongeren in crisis. Het gaat over kinderen die thuis mishandeld worden, minderjarigen die in de klauwen zijn gevallen van een tienerpooier of jongeren die een gevaar vormen voor zichzelf. Als hun noodvraag niet beantwoord wordt met hulp en gepaste zorg, of erger nog: beantwoord wordt met een nacht in de cel, wordt hun probleem -en trauma- alleen maar groter. De politie beschikt niet over de middelen, noch over de vaardigheden om die minderjarigen in crisis de juiste zorg te bieden.

De oplossing, en ministers Vandeurzen en De Block weten dat zeer goed en bovendien al zeer lang, is eenvoudig: meer plaats voor jongeren in crisis in de jeugdzorg en in de kinderpsychiatrie. Ik begrijp niet waarom de overheid geen prioriteit maakt van zorg voor kinderen die er slecht aan toe zijn. Er is geld. De vraag is alleen waaraan je het als overheid uitgeeft om ook die kinderen en jongeren zorgzekerheid te bieden.”