Leuven is de afgelopen jaren een pak groener geworden. En de stad wil op die manier verder evolueren. Binnenkort komen er nog eens vijf grote parken bij. “Momenteel werken we aan een concreet actieplan om de stad te vergroenen, ook met kleinschaliger groen”, klinkt het bij het stadsbestuur.

Groen in de stad is belangrijk om heel wat redenen. Het verbetert de luchtkwaliteit, vermindert geluidsoverlast, bevordert sociale contacten, tempert de klimaatverandering enzovoort. Van een geveltuintje tot een stadspark, allemaal brengen ze die voordelen met zich mee.

 “Leuven is een groene stad”, vertelt schepen van Openbaar Groen Myriam Fannes enthousiast. “Dat dankzij kleine buurtparken zoals het Noormannenpark, en grote bossen als Heverlee-bos. Leuven telt een 70-tal parken en open tuinen, in allerlei formaten. Op 15 jaar tijd stelde de stad 30 % meer toegankelijk groen ter beschikking aan de Leuvenaar.”

De Leuvenaars waarderen de hoeveelheid groen in de stad, bewijst de Stadsmonitor. “Tachtig procent van de inwoners woont binnen 400 meter loopafstand van openbaar buurtgroen, en 75 procent van de inwoners is tevreden met het groenaanbod in de stad”, alsnog schepen Fannes.

Vijf nieuwe parken
Het aantal groene zones in de stad zal nog toenemen. “Groen en water krijgen een veel prominentere rol in de stad. Nog voor het einde van deze legislatuur, komen er vijf grote parken bij, met het Sluispark en zijn waterspeeltuin, het Treinpark, Park Belle Vue, Park Tweewaters en Janseniuspark. Goed voor 11 voetbalvelden. Er komt zo’n 7 hectare park bij, ” vertelt schepen van Leefmilieu Mohamed Ridouani.

Afgelopen jaren maakte de groendienst ook werk van de opwaardering van enkele bestaande parken. “Het Dijleparkje in de Schapenstraat is daar een voorbeeld van”, zegt Fannes. “Bovendien ijveren we ook hard om bestaande parken voor het publiek open te stellen. Vorig jaar is bijvoorbeeld het Lemmenspark naast Gasthuisberg opengesteld voor het publiek, net als het park aan de Abdij van Keizersberg enkele jaren geleden.” Ook de Leuvense begraafplaatsen zijn afgelopen jaren vergroend.

Straatgroen
Ook op straten en pleinen is er aandacht voor groen. “De toekomstige autoluwe binnenstad speelt daarin een grote rol want de ruimte die vrijkomt, bijvoorbeeld van parkeerplaatsen, biedt extra kansen om kleinschalig groen aan te planten. Het Smoldersplein wordt daar een mooi voorbeeld van. Dat wordt echt een groene oase midden in de stad. En ook het Rector De Somerplein wordt veel aangenamer. We gaan het plein bekleden met weelderig groen. De groendienst is ook volop aan het onderzoeken of een drijvende tuin op de vaart snel realiteit kan worden,” zegt schepen van Openbare Werken Dirk Robbeets.

De stad beheert nu 18.500 straatbomen –naast hetzelfde aantal bomen in parken en bossen-. “Het aantal straatbomen neemt snel toe, omdat we bij elke heraanleg van een straat met weinig groen bomen aanplanten”, zegt Robbeets.
“Bij grotere bouwprojecten stellen we de binnentuinen open voor publiek. Denk maar aan Tuin De Walque aan de Arnaud Nobelstraat, of de binnentuin van de nieuwe studentenresidentie in de Burgemeesterstraat.”
Daarnaast stimuleert de stad, met middelen en praktische ondersteuning, inwoners om zelf buurtmoestuinen aan te leggen.
 
Groenweefsel
“De bestaande en nieuwe groene zones in de stad gaan we met elkaar verbinden zodat we een groennetwerk creëren door het hele grondgebied”, zegt schepen van Ruimtelijke Ordening Carl Devlies. De binnenstedelijke Dijlevallei is daar een goed voorbeeld van. Naast de bestaande parken of parken in aanleg zijn ook het park Hertogensite, de uitbreiding van het Dijlepark en de groene Bodartpoort in ontwerp. Een ander voorbeeld is de Molenbeekvallei.  “We rijgen er verschillende parkjes en groeneilanden aan elkaar, waardoor er een aangename wandel- en fietsverbinding tussen de Naamsepoort en Bierbeek ontstaat, via het Ruelenspark, het Van Ostaijenpark, Park Cadol en Parkabdij.”

Ook in nieuwe ontwikkelingen, zoals de Hertogensite of de Vaartkom, gaat aandacht naar vergroening en water. “Op verschillende plaatsen in de stad zijn de waterlopen na decennia opnieuw opengelegd, vaak met vergroening en zitruimte aan de oevers, zoals recent nog aan de binnentuin van studentenresidentie Rega aan Sint-Maartensdal”, zegt Robbeets.

Gevel- en dakgroen
Niet in elke Leuvense wijk is er plaats voor een nieuwe, grote groene ruimte. “Daar kan gevel- en dakgroen een oplossing zijn”, zegt Ridouani. “Hoe meer Leuvenaars een gevelplantje zetten, hoe beter, en daarom maken we nu werk van een eenvoudigere manier van aanvragen. Via het project ‘Kom Op Voor Je Wijk’ kan een hele straat nu al geveltuintjes aanvragen. En ook voor dakgroen geven we vanuit de stad subsidies. Afgelopen vijf jaar zijn er zo 116 groendaken aangelegd. Dat is te vergelijken met de oppervlakte van de Bondgenotenlaan.”

Actieplan
In de voorbereiding van het nieuwe ruimtelijke structuurplan werd voor elk stadsdeel in kaart gebracht waar er een tekort aan groen is. “Daar willen we een concreet actieplan voor opmaken, waarbij we de buurt betrekken bij de invulling van het woongroen. Dat groenplan voor de binnenstad zal klaar zijn tegen eind 2017”, zegt schepen Devlies.