Sinds twee weken is de Truiense Kaoutar Oulichki (22) voorzitter van de Jongsocialisten. In Het Belang van Limburg legt ze uit waarom ze in de politiek stapte.

Kaoutar Oulichki werd voorzitter van de Jongsocialisten omdat haar voorganger moest stoppen wegens medische redenen. Zo werd zij, die al ondervoorzitter was, met de steun van het bestuur en de leden voorzitter. 

In Het Belang van Limburg legt ze uit hoe ze bij de Jongsocialisten terecht kwam. “Op mijn achttiende mocht ik voor het eerst gaan stemmen. Ik wilde niet zomaar de stem van mijn ouders volgen. Ik ben op zoek gegaan naar de waarden en standpunten van elke partij en kon me het meeste vinden in sp.a. Ik wilde hen beter leren kennen en dat kon ik het beste door zelf bij de Jongsocialisten te gaan. Eén van de belangrijkste waarden vind ik verbondenheid. Sommige politici sturen aan op een wij/zij-maatschappij. Dat vind ik heel jammer. We zijn één land. Ik zou willen dat er in ons land het hele jaar door het gevoel heerste, dat er is als de Rode Duivels spelen. Ongeacht afkomst, religie, geslacht of geaardheid: iedereen heeft rood bloed.”

Als jong meisje had Kaoutar niet per se de ambitie om in de politiek te gaan. 

“Ik wou gewoon mensen helpen. Ik zou willen dat mensen die hulp nodig hebben, geholpen worden. Dat klinkt misschien cliché en heel naïef, maar ik mag dromen. Daarom ben ik ook vrijwilliger van het Rode Kruis. Daarom wil ik maatschappelijk assistent worden. Maar het beleid wil niet altijd mee. Waarom zou ik dat beleid zelf niet mee veranderen?”

Het volledige interview met Kaoutar leest u in Het Belang van Limburg via deze link.