Steeds meer jongeren tussen de 18 en 24 jaar kloppen aan bij het Mechelse OCMW voor een leefloon. Daarnaast is er in Mechelen een structurele toename van het aantal langdurig werklozen. “De cijfers voor Mechelen zijn verontrustend” concludeert sp.a-fractieleider Caroline Gennez.

Terwijl er in april 2012 nog 289 jonge leefloners waren, leven in 2015 maar liefst 409 jonge Mechelaars van een leefloon. Die stijging heeft niets te maken met het einde van de inschakelingsuitkering, want die maatregel heeft effect op een andere leeftijdscategorie, namelijk de groep 25-44-jarigen.

We moeten helaas vaststellen dat Mechelen het ook wat werkloosheid betreft slechter doet dan het Vlaamse gemiddelde. De voorbije 8 maanden steeg de Mechelse werkloosheid met 1.5%. In Vlaanderen was de stijging ten opzichte van een jaar eerder 'slechts' 0.5%. Ondanks onze centrale en gunstige economische ligging doen we in Mechelen dus helaas een vol procentpunt slechter dan in de rest van Vlaanderen. Dit terwijl Mechelen de jaren voordien altijd een minder sterke stijger was dan Vlaanderen.

Afschaffen van Oprit W

“De cijfers bereiken het alarmpeil en het verontrust me dat de stad de ‘sense of urgency’ niet aanvoelt” zegt sp.a-fractieleider Caroline Gennez. “In 2013 schafte het stadsbestuur het agentschap voor sociale economie en tewerkstelling Oprit W af.” Sp.a wees toen reeds op het feit dat dit een heel onverstandige beslissing was. De naam van het agentschap ‘Oprit W’ -waar toenmalig sp.a schepen van Werk en Economie Caroline Gennez de grondlegger van was- verwees naar ‘een oprit naar werk’. “De cijfers tonen nu aan dat we ons in Mechelen op een hellend vlak begeven”, zegt Gennez.

“De groeiende groep van jongeren die tussen 1 en 2 jaar werkzoekend zijn baart ons zorgen. Zij dreigen zonder ingrijpen in de langdurige werkloosheid te verzeilen. We roepen het stadsbestuur om op in actie te schieten in plaats van de cijfers verkeerdelijk te nuanceren. De steeds dramatischere cijfers tonen aan dat Mechelen niet meer naar een ‘oprit naar werk’ zit maar op een ‘afrit naar leefloon’.” besluit Caroline Gennez.