Een grootschalige fiscale controle op ‘misbruik’ van de verlaagde btw op elektriciteit brengt amper 1,5 miljoen euro in plaats van de 250 miljoen waarop minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) had gerekend. “Dit is de zoveelste keer dat de minister de fiscale opbrengsten die hij zelf vooropstelt niet haalt”, reageert Peter Vanvelthoven.

Eind 2015 begon de Bijzondere Belastinginspectie (BBI) in opdracht van Johan Van Overtveldt (N-VA) met een grootschalige controleactie op het verlaagde btw-tarief op elektriciteit. De regering haalde zelfs het ‘misbruik’ van de verlaagde btw van 6 procent aan als voornaamste verklaring voor het onvoorziene gat in de begroting, dat ruim een half miljard euro bedroeg. Verwachte opbrengst: 250 miljoen euro. Een bedrag dat Johan Van Overtveldt ook inschreef in de begroting.

Maar die 250 miljoen euro was duidelijk een ruime overschatting. Dinsdag gaf minister Van Overtveldt in de Kamercommissie Financiën toe dat de opbrengst van de controles hoogstens 1,46 miljoen zal zijn. “Volgens de minister ging het hier over zware fraude en misbruik in het kader van btw op elektriciteit. Twee jaar later blijkt daar helemaal niets van aan de hand te zijn.”

“Toen was dat nochtans het argument van de minister om de btw op elektriciteit weer te verhogen van 6 naar 21 procent. De mensen hebben een serieuze factuurverhoging gekregen op basis van argumenten die - zo blijkt vandaag - van geen enkele tel waren”, zegt Peter Vanvelthoven.

"Johan Van Overtveldt heeft ons maandenlang iets voorgehouden dat niet klopt.’ Vanvelthoven vindt het vooral wraakroepend dat de BBI in opdracht van Van Overtveldt doelbewust ‘veel tijd en energie’ in  een heksenjacht moest stoppen. ‘De echte grote fraudeurs werden al die tijd niet aangepakt", besluit Peter Vanvelthoven.