De federale regering nam de principiële beslissing om militaire instructeurs naar Irak te sturen. In eerste instantie zou een voorhoede van 2 planners worden uitgestuurd. Op basis van hun rapportering zouden dan 50 instructeurs worden ingezet gedurende een jaar. Deze instructeurs moeten Irak helpen om een eigen troepenmacht te trainen die de confrontatie met IS kan aangaan.

Niet alleen in de huidige budgettaire context zijn deze uitgaven onverantwoord, vinden Alain Top en Dirk Van der Maelen. Ze vrezen ook dat ons land op deze manier meeglijdt in een heel nieuw hoofdstuk van het het conflict, dat lijkt te leiden naar de inzet van grondtroepen. “In het verleden is al vaker gebleken dat die militaire instructeurs uiteindelijk mee naar het front trekken, omdat de periode waarbinnen ze soldaten moeten opleiden te kort is en ze bijkomend sturing moeten geven tijdens de eerste maanden waarin ze worden ingezet”, aldus Alain Top. De inzet van 50 instructeurs kost ongeveer 6,7 miljoen euro voor een volledig jaar. Als de gevechtsvliegtuigen even lang als de instructeurs actief blijven, wat erg waarschijnlijk is, komt de totale kostprijs van de operatie voor volgend jaar bovendien op 52,3 miljoen euro. “Een enorm bedrag dat in deze tijden van budgettaire krapte niet te verantwoorden valt”, aldus Dirk Van der Maelen. Hij wijst er ook op dat België één van de weinige landen is die zowel gevechtsvliegtuigen als militaire instructeurs zouden aanbrengen voor de internationale coalitie.