Door Melissa Depraetere en Tom Neukermans


Kosten verlenging F-16


De premier kondigde twee weken geleden een ‘serieuze en minutieuze analyse’ aan van de drie pistes voor de opvolging van onze F-16’s: een langere inzetbaarheid van de huidige F-16’s, de lopende procedure met Lockheed Martin en Eurofighter én het Franse voorstel van Dassault. Deze week zei minister Vandeput in de commissie Landsverdediging dat er in geen geval een nieuwe studie naar de levensduurverlenging van de huidige F-16’s komt. De premier kondigde nochtans een studie aan van een verlenging van de huidige F-16’s. Minister Vandeput weigert die analyse nu uit te voeren. Gaat de minister in staking?

Volgens minister Vandeput volstaat het bovendien om vast te houden aan zijn eigen berekeningen die zeggen dat een verlenging van de huidige vloot 271 miljoen euro extra kosten. Maar is dat wel zo?

Als we de interne kabinettennota van 9 november 2015 bekijken lezen we dat 6 à 7 jaar langer doorvliegen met de F-16 vloot 2,2 miljard euro zou kosten. Op basis van deze nota heeft de regering uiteindelijk beslist om de vervangingsprocedure op te starten. Na het oppositiewerk van de sp.a en alle heisa rond de vervanging van de vloot kwam de minister plots met nieuwe cijfers voor de dag: een verlenging met zes jaar zou 271 miljoen euro kosten. 

Wat is het nu? Hoe moeten we deze minister nog geloven als er zoveel verschil zit op zijn eigen berekeningen? We kunnen met zekerheid zeggen dat de regering in 2015 een beslissing heeft genomen op basis van foute informatie (in de nota staan immers nog heel wat andere fouten). De minister creëert bewust verwarring, zeker omdat zijn cijfers evenmin stroken met de officiële documenten van het Amerikaanse Rekenhof. Bovendien gaf de chef van het vervangingsprogramma Kolonel Harold Van Pee aan dat de financiële winst van 6 jaar langer doorvliegen beperkt is: “Slechts” 30 miljoen euro per jaar, volgens hem. Dus 180 miljoen op 6 jaar. Winst, juist. Geen extra kost zoals Vandeput nu beweert. 


Minister Vandeput

IKW nota 9 november 2015

kost €2,2 miljard euro 

Kolonel Harold Van Pee

hoorzitting 18 april 2018

besparing €180 miljoen euro

Minister Vandeput

hoorzitting 16 mei 2018

kost €271 miljoen euro

 

Het is in ieder geval onduidelijk op basis van welke officiële documenten de verschillende cijfers werden berekend. Laten we daarom eens de officiële gegevens erbij nemen en de gebruikskosten van onze F-16’s vergelijken met deze van een F-35. Voor deze laatsten baseren we ons op de meest recente gegevens van de Amerikaanse Rekenkamer, het Government Accountability Office (GAO). De GAO raamt de totale ‘sustainment costs’ of werkingskost per F-35 op 11,4 miljoen dollar per jaar. Als België 34 F-35’s zou kopen, zou deze sustainment costs ongeveer 388 miljoen dollar per jaar bedragen. Deze sustainment costs omvatten, onder meer, de uitgaven voor het vliegen zelf, de wisselstukken, het onderhoud, de brandstof en de personeelskosten. De personeelskosten worden door kolonel Van Pee voor het geheel van de Belgische luchtgevechtscapaciteit geraamd op 100 miljoen euro per jaar. Zonder personeelskost komen we uit op 250 miljoen euro aan jaarlijkse werkingskosten voor een nieuw vliegtuig.

Stellen we deze 250 miljoen nu tegenover de actuele werkingskosten voor de F-16’s waarvan door de legertop werd bevestigd dat deze 100 miljoen euro per jaar kosten. 100 miljoen per jaar voor 54 F-16’s tegenover 250 miljoen per jaar voor 34 nieuwe toestellen.  Op 6 jaar betekent dit dus een besparing van 900 miljoen euro. En dit volgens de officiële documenten. De regering baseert zich op onjuiste cijfers en niet op de cijfers van het Pentagon.



F-35

F-16

Personeelskost / jaar

€100 miljoen

€100 miljoen

Werkingskost / jaar

€250 miljoen

€100 miljoen

Totaalkost / jaar

€350 miljoen

€200 miljoen


Kortom, het langer gebruik van de F16's moet wél als serieuze piste onderzocht worden. Het is duidelijk dat de minister van Defensie bewust mist blijft spuien. De premier heeft dit aangekondigd en moet ook zorgen dat dit gebeurt. We zullen daarom ook de premier interpelleren om hem aan die belofte te houden.