Mondelinge vraag

Mijnheer de minister,

De afgelopen dagen las ik in de krant dat er problemen zijn met het betalen van facturen door FOD Justitie aan rechthebbenden.

Na de terreuraanslagen van 22 maart hebben vier zelfstandige tandartsen, die samenwerken met het Disaster Victim Identificationteam van de federale politie, zich meteen op de identificatie van de slachtoffers op de luchthaven van Zaventem en in het metrostation Maalbeek gestort. Dankzij hun deskundigheid was het mogelijk om de lichamen in zo’n korte tijd een naam te geven en met wetenschappelijke zekerheid te identificeren. Hun honorariumnota werd vorig jaar in augustus ingediend, maar ik vernam nu dat deze experts bijna één jaar later nog altijd niet betaald zijn voor hun werk.

Blijkbaar is dit geen alleenstaand geval en gebeurt dit regelmatig na een grote ramp waar er experts moeten identificeren.

 Mijn vraag, mijnheer de minister, is:

1. U heeft op radio 1 gezegd dat u de zaak zou uitvlooien. Graag vernam ik van u wat dit opgeleverd heeft.

2. Hoe kan het dat facturen blijven liggen of volgens uw verklaringen, naar een verkeerde dienst worden doorgestuurd. Is er geen duidelijke aanwijzing naar waar de facturen verzonden moeten worden? Waar liggen de verantwoordelijkheden?

3. is meer algemeen de stand van zaken van achterstallige betalingen en de termijnen waarbinnen justitie betalingen doet. Welke achterstand is er en binnen welke termijn wordt betaald vermits u stelt dat facturen 5 maanden na datum betaald zouden moeten zijn.

Antwoord Minister Geens:

Mevrouw Lambrechts, het Federaal Parket dat de kostenstaten inzake terrorisme verzamelt, heeft navraag gedaan bij de onderzoeksrechters die de tandartsen hebben aangesteld. Het federaal parket stuurt de kostenstaten daarna naar de dienst Gerechtskosten van de FOD Justitie die ze na controle in betaling zet. De drie tandartsen kregen hun opdrachten van twee onderzoeksrechters. In het centraal boekhoudkundig systeem is voor 2017 een factuur terug te vinden van 5 715,75 euro op naam van de eerste tandarts.  Hij werd, nadat de nodige interne controles werden uitgevoerd, op 16 februari 2017 door de FOD Justitie betaald. Dat is dus vorige week, merkwaardig genoeg was dat één dag voordat ik op de radio ben geweest; maar dat wist ik toen niet. 

Voor de tweede tandarts is er een factuur van 3 494,84 euro. Deze kostenstaat werd eveneens op 16 februari 2017 voor betaling doorgestuurd. Van de derde tandarts werd één factuur behandeld op 28 december 2016, maar nog niet betaald. De laatste factuur werd na controle teruggestuurd omdat er fouten in stonden. Gemiddeld waren die facturen niet meer dan zes maanden oud. De aanstelling van een deskundige in het kader van een strafrechtelijk onderzoek waarbij bijkomende onderzoeksdaden moeten worden verricht, gebeurt op initiatief van het parket, van een onderzoeksrechter of van de politie. 

De FOD Justitie kan de kostenstaten alleen behandelen als ze werden geregistreerd in het centraal boekhoudkundig systeem. Dat veronderstelt dat een opdracht aan een deskundige op een correcte manier werd geregistreerd op de griffie of het parketsecretariaat, een magistraat de vordering van de deskundige heeft gecontroleerd en ten slotte de griffie de vraag tot betaling van de kostenstaat heeft geregistreerd. De kostenstaten worden doorgestuurd naar de dienst Gerechtskosten van de FOD Justitie voor controle en inbetalingstelling. Indien de kostenstaat niet werd doorgegeven door de griffie of door het parket, is die niet gekend bij de FOD Justitie en kan hij dus ook niet betaald worden. Kosten vallen steeds ten laste van de FOD Justitie indien de deskundige zijn taken heeft uitgevoerd in opdracht van een magistraat, tenzij hij op initiatief van de politie wordt aangesteld en het dossier geen gerechtelijk gevolg krijgt. Voor de aanslagen van 22 maart bevestigt het NICC, het Nationaal Instituut voor de Criminalistiek en de Criminologie, dat alle wetsdokters op een correcte wijze werden aangesteld door de onderzoeksrechters.