Mondelinge vraag:

Mijnheer de minister,

Op 14 juni 2017 stelde ik u een vraag over eenvoudiger taalgebruik in gerechtsdocumenten.

U antwoordde daarop het volgende:

“Een werkgroep ‘leesbaarheid van vonnissen en arresten’ buigt zich momenteel over manieren om de rechterlijke beslissingen beter te structureren en leesbaarder te maken.”

Mijnheer de minister mijn vragen:

  • Graag een stand van zaken hoe ver deze werkgroep al staat:

  • 1a. Hebben zij al aanbevelingen geformuleerd?

  • 1b. Zal u aan de hand van deze aanbevelingen nieuwe maatregelen nemen om rechterlijke beslissingen beter te structureren en leesbaarder te maken?

Antwoord minister Geens:

In navolging van de beslissing dd. 14/09/2016 van het Gemeenschappelijk Beheerscomité bij de Federale Overheidsdienst Justitie, werd een werkgroep "leesbaarheid gerechtelijke beslissingen" opgericht, onder het voorzitterschap van de heer Allaert, raadsheer bij het Hof van Beroep te Gent. Deze werkgroep is voor de eerste maal samengekomen op 27 januari 2017.

De werkgroep beoogt de lay-out van de strafrechtelijke beslissingen uniform te structureren in het licht van de verwerking van de gegevens uit het beschikkend gedeelte van een vonnis/arrest. Het is de bedoeling om de gegevens te kunnen informatiseren teneinde papieren documentenstromen van de griffies naar andere overheidsinstanties (Centraal Strafregister, FOD Financiën, enzovoort) te vermijden. De documenten zouden ook op zo'n manier moeten kunnen worden gestructureerd dat ICT-toepassingen de hierin vervatte informatie digitaal kunnen hernemen.

De werkzaamheden van de werkgroep, die zich overigens situeert binnen het College van de Hoven en Rechtbanken, zijn op dit ogenblik nog niet afgerond. Bijgevolg zijn er momenteel nog geen aanbevelingen waarover ik een standpunt zou kunnen innemen.

Ik kan u wel meedelen dat er reeds enkele vergaderingen met griffiers en magistraten van de politierechtbank, de rechtbank van eerste aanleg (correctioneel) en het hof van beroep (correctioneel), werden georganiseerd teneinde te bekijken hoe het beschikkend gedeelte vereenvoudigd kan worden. Er is ook een stand van zaken gegeven over het project op het college van hoven en rechtbanken. De streefdatum om te komen tot het beoogde resultaat: einde van dit gerechtelijk jaar (=juni 2018).